Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | november 2022 | Doe es gewoon vrijwillig | 2 min lezen

Buurtgezinnen helpen gezinnen in de knel

Loopt het om een of andere reden niet lekker thuis? Dan kan Buurtgezinnen uitkomst bieden. Het is een nieuw initiatief in Enkhuizen, waarbij gezinnen die vastlopen, kunnen rekenen op hulp van gezinnen in de buurt. ‘Eigenlijk gaan we weer terug naar vroeger, toen buren en familieleden in de buurt een helpende hand konden toesteken,’ zegt coördinator Melissa Deenstra.


Er kunnen allemaal redenen zijn waarom een gezin even niet lekker draait. De relatie van de ouders staat onder spanning, bijvoorbeeld. Of een van de kinderen heeft een intensieve zorgvraag, waardoor de andere kinderen in het gezin een beetje ondersneeuwen. In zo’n situatie kun je als gezin hulp inroepen van Buurtgezinnen. ‘Je kunt het vergelijken met de hulp van buren, zoals dat vroeger ging. Toen was het doodnormaal om de buurtkinderen op te vangen als het thuis niet zo lekker ging,’ vertelt coördinator Melissa Deenstra. ‘Tegenwoordig lijkt de samenleving meer individualistisch, de drempel om hulp te vragen aan de buren is hoger. Buurtgezinnen doorbreekt dat. Gezinnen die hulp nodig hebben, kunnen zich bij ons melden. Wij zoeken dan een gezin in de buurt dat af en toe kan bijspringen.’


Schuif een stoel bij

Buurtgezinnen is een nieuw initiatief in Enkhuizen, maar niet in Nederland. Inmiddels loopt het project al in honderd gemeenten en dat aantal groeit snel. In Enkhuizen hebben zich nu vier gezinnen gemeld die hulp kunnen gebruiken, vertelt Melissa. ‘Gelukkig zijn er ook steungezinnen die zich aanbieden. Nieuwe aanmeldingen zijn altijd welkom.’ Dat hoeven niet altijd ouderwetse gezinnen te zijn, alleenstaande moeders, opa’s en oma’s of enthousiaste puberouders kunnen zich ook aanmelden, als ze maar affiniteit met kinderen en opvoeden hebben.

Wat verwacht Buurtgezinnen van zo’n steungezin? ‘De hulp is laagdrempelig. Als steungezin ga je geen ingewikkelde gesprekken voeren met ouders en kinderen, je hoeft de kinderen niet op te voeden en ook niet elke keer allerlei activiteiten te organiseren. Een kind draait gewoon mee in het gezin. Gaan jullie met de hele ploeg naar Ballorig, dan is dat gezellig. Maar samen naar de supermarkt is ook prima. Schuif een stoel bij, zet een bordje extra op tafel, dat is het.’


Vrijwilligerswerk met z’n allen

Buurtgezinnen is vrijwilligerswerk waar een heel gezin tegelijk aan meedoet. ‘Vaak is er eentje in het gezin die het voortouw neemt,’ merkt Melissa. ‘Maar het hele gezin doet mee, je doet dit echt samen. Bij het matchen van gezinnen kijken we naar de leeftijd van de kinderen in het gezin, het is leuk als dat aansluit. Een samenwerking tussen de gezinnen begint met een proefperiode van twee maanden. Daarna gaan we elk half jaar evalueren. Zo houden we in de gaten: past het allemaal nog goed. Na twee jaar besluiten we: gaan we dit voortzetten of gaan we wat veranderen? De situatie kan natuurlijk veranderen, zowel bij het steungezin als het vraaggezin. En als kinderen groter worden, verandert hun interesse ook.’ Het doel van Buurtgezinnen: verdere hulpverlening voorkomen. ‘We merken dat het werkt. Door hulpvaardige mensen in de buurt hoeft geen andere hulpverlening te worden ingeschakeld. Toch mooi als je daaraan kunt bijdragen?’



 

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Koen maakt het leuker in het Risdamhuis

| Doe es gewoon vrijwillig

Koen Dingemans ging van een middagje schoffelen en harken naar een jaar lang vrijwilligerswerk. De 15-jarige scholier uit Hoorn deed via NLdoet vrijwilligerswerk in het Risdamhuis. Dat vond hij zo leuk, dat hij bleef hangen. En nu gaat hij vaak dammen en pimpampetten met ouderen met dementie. Koen: “Leven is de moeite waard, ook met dementie. Dat heb ik hier geleerd.” Oscar Romero, de middelbare school van Koen Dingemans, doet elk jaar mee met NLdoet, georganiseerd door Vrijwilligerspunt Westfriesland. De leerlingen kiezen waar ze een dag vrijwilligerswerk willen doen. Vorig jaar ging Koen met een paar klasgenoten aan de slag in de tuin van het Risdamhuis. “Lekker dicht bij huis”, verklaart hij zijn keuze. “En ik was wel benieuwd wat daar gebeurt. Ik was nog nooit met mensen met dementie in aanraking gekomen.” Toen de tuin was geschoffeld, al het oude blad was weggeharkt en zelfs de voorjaarsbloemen in de grond waren gezet, vroeg Koen of hij hier niet zou kunnen blijven. “De activiteitenbegeleider van het Risdamhuis vertelde me dat er veel mogelijkheden zijn voor vrijwilligers, ook als ze nog op school zitten. Ik liet mijn telefoonnummer achter en na een paar weken kon ik beginnen als vrijwilliger.” Praat maar gewoon Dat kwam niet helemaal uit de lucht vallen. Koen is geïnteresseerd in werken in de zorg, ook door het voorbeeld van zijn tante die als verpleegkundige werkt en zijn nichtje die een zorgopleiding volgt. “Dat wil ik ook. Als ik m’n examen achter de rug heb, over ruim een jaar, ga ik mbo-verpleegkunde doen. Dit vrijwilligerswerk is een goede voorbereiding. Ik leer bijvoorbeeld hoe ik met kwetsbare mensen moet omgaan. Sommige bewoners kunnen bijvoorbeeld niet goed uitleggen wat ze willen of hoe ze zich voelen. Ik heb gemerkt dat gewoon met ze praten dan het beste is. Sommige mensen doen alsof ze met een klein kind praten, maar dat is echt niet nodig.” Koen vertelt dat het werken bij het Risdamhuis hem een ander beeld heeft gegeven hoe het is om dement te zijn. “Daar denken mensen vaak negatief over: dement, in een verzorgingshuis. Maar dit is een kleinschalige woonvorm. En hoewel dementie voor familie en vrienden ingrijpend is, zie ik dat de bewoners er goed mee kunnen leven. Hier is aandacht voor elkaar, het is gewoon zoals thuis. Het leven is de moeite waard, ook met dementie.” Pimpampet of de duo-fiets Elke week komt Koen naar het Risdamhuis om activiteiten te begeleiden. “Als het wat rustiger is, ga ik met een bewoner dammen. Nu wordt het weer wat drukker, er komen meer bewoners naar de activiteiten. Dan gaan we pimpampet spelen, of we doen een balspel. En als het weer het toelaat, gaan we binnenkort met bewoners op een duo-fiets erop uit. Een uitstapje naar de kinderboerderij staat ook op de planning.” De bewoners zijn heel blij met de vrijwilligers, merkt hij. “Hun wereld is klein geworden. Sommige mensen komen bijna niet buiten het Risdamhuis. Met de activiteiten maken we de bewoners blij, hun leven wordt een beetje mooier. Daarom zou ik iedereen aanraden om ook vrijwilligerswerk te doen. Vrienden vinden het leuk dat ik dit doe, maar zelf kiezen ze voor hun bijbaantjes. Dan verdienen ze tenminste nog wat, zeggen ze. Als ik volwassenen vertel over m’n vrijwilligerswerk, zeggen ze soms dat ze ook zoiets wel willen doen.” Hij zou het iedereen aanraden om vrijwilligerswerk te doen, vooral jongeren. “Het kan een goede voorbereiding zijn op je vervolgopleiding. Maar vooral is het gewoon erg leuk.”
Lees meer

‘Een samenleving maak je samen’

| Doe es gewoon vrijwillig

Vrijwilligers zijn de ruggengraat van Stede Broec: van buurtruzies sussen tot nieuwkomers helpen, ze maken samenleven écht samen. Burgemeester Ronald Wortelboer ziet dagelijks hoe vrijwilligersorganisaties het verschil maken. ‘En vergis je niet: iemand die een praatje maakt met een eenzame buur, is net zo goed vrijwilliger.’ De vrijwilligers zijn het cement én de smeerolie van Stede Broec, zegt Ronald Wortelboer. ‘Ze houden de samenleving bij elkaar, op de vrijwilligers kunnen we bouwen. En door samen de schouders ergens onder te zetten, gaat het werk sneller en makkelijker. Of het nou bardiensten zijn bij de voetbalvereniging, nieuwkomers begeleiden in het Taalhuis of als buurtbemiddelaar burenruzies sussen; vrijwilligers zijn onmisbaar.’ De burgemeester weet waar hij over praat, want jaren geleden ging hij zelf als buurtbemiddelaar de boer op. ‘Ik was toen natuurlijk nog geen burgemeester, maar werkte als mediator. En dat wilde ik ook als vrijwilliger doen. Een conflict dat jarenlang voortsleepte, kon door één gesprek worden opgelost. Indrukwekkend, toch? Toen ik in Stede Broec ging werken, heb ik direct voorgesteld om hier ook met buurtbemiddeling te gaan werken.’ Meedoen met NLdoet Tegenwoordig is in de drukke agenda van de burgemeester echt geen gaatje meer te vinden om een vrijwilligersklus op te pakken. ‘Mijn afspraken zijn ook ’s avonds, en soms in het weekend’, zegt hij. ‘Maar elk jaar in maart doen we als college mee met NLdoet. Uiteenlopende klussen zijn dat. We hebben al eens een schuur geschilderd met z’n allen en geholpen bij het bijenstation. Zo’n dagje klussen bij een organisatie in de gemeente is niet alleen leuk om te doen, je steekt er ook wat van op.’ Wie maakt het verschil? Welke vrijwilligersorganisaties maken in Stede Broec het verschil? Aan dat antwoord gaat hij zich niet wagen, zegt hij. ‘Dat wordt een lange lijst, bij veel initiatieven in deze regio zijn vrijwilligers betrokken. En als ik dan een vereniging of een persoon vergeet te noemen, doe ik ze tekort. Maar er zijn een paar mensen die ik overal tegen lijk te komen. Ze herkennen zichzelf vast als ik dit vertel: altijd vrolijk, nooit een lang gezicht, met enorm veel energie. Spontaan zetten ze zich in voor verschillende organisaties. Trouwens, vrijwilligerswerk wordt niet alleen in organisaties gedaan. Mensen die gewoon een kopje koffiedrinken met een eenzame buur, of een praatje maken als ze weten dat daar behoefte aan is, doen eigenlijk ook vrijwilligerswerk, al zullen ze dat zelf niet zo noemen. Alle mensen die omzien naar elkaar, zich betrokken voelen bij hun dorp en bij de buurt, verdienen een groot compliment. Want een samenleving, het woord zegt het al, maken we samen.’ Vrijwilligerspunt Westfriesland 40 jaar Dit jaar viert Vrijwilligerspunt Westfriesland haar 40ste verjaardag. Iedere maand delen we een verhaal met het thema ‘vrijwilligerswerk’ van de burgemeesters van West-Friesland en organisaties en vrijwilligers die een bijzondere bijdrage leveren aan vrijwilligerswerk in de regio.
Lees meer

Taalvrijwilliger Renske bouwt een brug tussen culturen

| Doe es gewoon vrijwillig

Het begon met Nederlandse conversatieles, maar het werden wekelijkse gesprekken over het leven, gezamenlijke etentjes en een warm familiegevoel. Taalvrijwilliger Renske Gaal: “Op de taaltraining leert Omar Nederlandse grammatica, wij oefenen samen hoe hij al die kennis kan toepassen.” Van harte welkom, kom binnen en voordat je met je ogen hebt geknipperd staan er baklava, thee en glazen water op tafel. “Zo gaat dat bij Syrische mensen”, zegt Omar Alomran. “Eten aanbieden, drinken aanbieden, het hoort bij onze cultuur. Als mensen weigeren, vragen we het nog een keer. Dat is gastvrijheid.” Renske Gaal komt nu al meer dan een jaar bij Omar en zijn vrouw Bodour Shurki Kordi over de vloer, ze weet inmiddels hoe het werkt. Elke week oefenen Omar en zij Nederlands. “Taalles is het niet”, zegt Renske. “Grammatica, spelling, al dat soort dingen leert Omar op de Nederlandse les in Hoorn. Dat is de voorbereiding op het inburgeringsexamen. Wij oefenen hoe hij die kennis kan toepassen in gesprekken. Omar is perfectionistisch en miste het vertrouwen dat hij bijvoorbeeld met mensen een praatje kon aanknopen. Dat zorgde voor een hoge drempel.” Groeiend zelfvertrouwen Wat oefenen ze dan? Samen bedenken ze opdrachten, zoals: ga vragen of je iets kunt kopiëren in de bibliotheek, vraag waar de studieplekken zijn. Alle mogelijke vragen en antwoorden bereiden ze voor en dan kan Omar erop af. “Dat lukt heel goed”, zegt hij, bijna tot zijn verbazing. “Mensen begrijpen me en ze helpen me. Op die manier groeit mijn zelfvertrouwen.” Renske heeft een tas vol slimme leermiddelen bij zich, zoals de taalplaten. Dat zijn grote tekeningen waarop van alles gebeurt, die aanleiding kunnen vormen voor een gesprek. Ook de kletskoek-kaartjes werken heel goed. “Dat zijn vragen die je aan elkaar kunt stellen om een gesprek te starten. Laatst trokken we het kaartje ‘Welke muziek heeft u ontroerd?’. Toen hadden we een gesprek over allerlei soorten muziek, van klassiek tot pop. En zo hebben we regelmatig mooie gesprekken met elkaar, waarin we allerlei aspecten van de Nederlandse cultuur bespreken.” Nederlands is moeilijk Renske en Omar kennen elkaar nu twee jaar, want toen begon Renske als taalvrijwilliger bij Bodour, zijn echtgenote. “Zij sprak al goed Engels en was vertrouwd met ons alfabet. Voor haar was het makkelijker om Nederlands te leren, hoe moeilijk onze taal ook is. Ze heeft nu een baan als regionaal assistent op de internationale marketingafdeling van een groot bedrijf, ze heeft mijn hulp niet meer nodig. Toen ze vroeg of ik Omar kon helpen, hoefde ik niet lang na te denken.” Nederlands leren is niet makkelijk. De inconsequenties in de taal vallen extra op als je het moet uitleggen aan iemand die de taal leert, merkt Renske. Omar vertelt: “Nederlandse muziek is ook moeilijk te verstaan. Maar ik probeer het journaal te kijken, dat wordt elke dag uitgezonden in duidelijke taal. En ik kijk op Youtube naar allemaal oefenvideo’s.” Drie uur per dag besteedt Omar aan het leren van de taal, nog afgezien van de taallessen in Hoorn en de wekelijkse afspraak met Renske. Geen wonder dat hij met sprongen vooruitgaat. Brug tussen culturen Omar: “De lessen zijn erg gezellig. Bodour en ik hebben ook een keer bij Renske en haar man Anton gegeten, ons zoontje Sam ging gezellig mee. Toen heb ik met Renske samen pannenkoeken gebakken. Erg lekker!” Renske: “En dat is meteen een leerzame ervaring, want we hebben allemaal woorden in de keuken behandeld. De beslagkom, de garde, de koekenpan, noem maar op.” Daarna werden Renske en Anton uitgenodigd bij het Syrische gezin thuis. Lamsvlees uit de oven, muhamara (een paprika-dipsaus) en humus, het was allemaal heerlijk. En op zijn telefoon laat Omar foto’s zien van een uitstapje naar kasteel Radboud. “Ik ben ook een keer naar de moskee geweest, op de open dag”, vertelt Renske. “Dat is voor mij het mooie van mijn vrijwilligerswerk als taalvrijwilliger; ik leer veel over andere culturen.” Omar zoekt naar de juiste woorden om uit te leggen wat Renske voor hem betekent. “Ze bouwt een brug tussen onze culturen. En ze is voor mij familie geworden, mijn familie in Nederland.”
Lees meer