Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | maart 2026 | Doe es gewoon vrijwillig | 3 min lezen

Marijke schept orde in de financiële chaos

De post al weken niet opengemaakt? Vliegen de rekeningen je om de oren? En zie je geen uitweg uit die financiële malaise? Misschien kan een maatje van SchuldHulpMaatje West-Friesland je op weg helpen. Marijke werkt al vier jaar als vrijwilliger bij de organisatie. “Ik vind het gewoon leuk om te helpen. En samen krijgen we de administratie weer op de rit.”

 

Bij het eerste bezoek gaat Marijke nog helemaal niet praten over rekeningen en financiële problemen. Nee hoor, eerst een kopje thee. “We kletsen over koetjes en kalfjes, leren elkaar kennen”, zegt ze. “Ik vraag waar mensen mijn hulp bij nodig hebben. En de rest komt later. We plannen een volgende afspraak en spreken ook alvast af wat we als eerste zullen aanpakken. Maar het begint met vertrouwen.”

Het is een hoge drempel voor mensen om hulp te vragen bij hun geldproblemen. “Soms vragen mensen preventief hulp van een Schuldhulpmaatje”, vertelt Marijke. “Ze merken dat het financieel niet lekker loopt. Maar vaker komen we in gezinnen waar de schulden al wat oplopen. Mensen draaien betalingen terug om andere rekeningen of de boodschappen te kunnen betalen. En dan kun je echt in de problemen komen.”

 

Stapel enveloppen

Haar eigen administratie is altijd op orde. Ze vindt het gewoon leuk: alle rekeningen en de overige gegevens zitten allemaal netjes in een map. Niet iedereen doet dat zo. ‘Even zoeken waar het allemaal ligt’ hoort Marijke dan, en een zoektocht in de stapeltjes kranten, reclamefolders en andere post volgt. “Of ik zie een berg enveloppen die niet zijn opengemaakt. Dan durven mensen dat niet meer, ze negeren het even.”

Maar Marijke gaat aan de slag met de mensen die ze helpt, en samen lossen ze het op. Even uitzoeken, sorteren, en meestal valt het enorm mee. “Met een ordner die je koopt bij de Action en een setje tabbladen ben je al een heel eind. Sorteer de papieren op datum en stop ze in de map, de nieuwste bovenaan.” Maar ze doet nog veel meer: samen instanties bellen, betalingsafspraken maken, kwijtscheldingen aanvragen en helpen bij de belastingaangifte en de toeslagen.

 

Makkelijk bezuinigen

Het begint met overzicht: precies weten wat er op de rekening staat, hoeveel er binnenkomt en waar het allemaal naartoe gaat. “Huur, energie en de zorgverzekering, dat zijn de grootste rekeningen”, zegt Marijke. “En mensen raken het overzicht kwijt als ze klem zitten. Dan nemen ze vooral beslissingen op de korte termijn, ze vergeten de lange termijn.”

Samen met de mensen die ze helpt, zoekt Marijke naar manieren om te besparen. “Vaak ontdekken we afschrijvingen van bijvoorbeeld abonnementen en lidmaatschappen die helemaal niet meer worden gebruikt. Dan zijn mensen vergeten dat ze zich daarvoor hadden opgegeven. Kijk, dat is makkelijk bezuinigen.”

 

Naast elkaar

Marijke komt niemand uitleggen hoe het moet of de les lezen over dingen die fout zijn gegaan. SchuldHulpMaatje West-Friesland staat náást de mensen die ze helpen. Dat leert ze tijdens de trainingen van Schuldhulpmaatje. Het vrijwilligerswerk sluit goed aan op haar juridische opleiding, vertelt ze. “Alles wat ik in de praktijk meemaak, kom ik ook tegen in de lessen op school. Tijdens een stage bij een bewindvoerderskantoor ontdekte ik dat ik het leuk vind om mensen te helpen met de administratie. Ik kende SchuldHulpMaatje al via mijn moeder, want zij heeft jaren als Maatje gewerkt en is nu coördinator. Door haar mooie verhalen leek het me ook leuk om te doen.” Het leukste van dit vrijwilligerswerk? De contacten met de mensen. “Ben je alleen geïnteresseerd in administratie, dan ben je niet geschikt voor dit werk. Het is heel mooi om allemaal verschillende mensen te leren kennen. Soms heb ik een afspraak waarbij we helemaal niet aan de administratie kunnen werken, dan zitten we alleen maar te praten. En dat is ook goed.”


Financieel Vrijwilliger

Goed met cijfers? Of vind je het leuk om overzicht te houden in geldzaken? Dan kun je als vrijwilliger veel betekenen. Bijvoorbeeld voor stichtingen en verenigingen die hulp kunnen gebruiken bij hun administratie, het aanvragen van subsidies of het werven van sponsorgeld. Maar ook voor mensen met geldzorgen die weer grip willen krijgen op hun financiën. Word Financieel Vrijwilliger! Kijk op deze pagina voor openstaande vrijwilligersvacatures.

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Het Flessenscheepjesmuseum drijft op vrijwilligers

| Doe es gewoon vrijwillig

Wie het Flessenscheepjesmuseum in Enkhuizen binnen gaat, verdwijnt in de fantasiewereld van de minuscule maar levensechte schepen, die op een wonderbaarlijke manier in flessen zijn gevaren. Coördinator Marianne van Haandel: “Veel van onze vrijwilligers die hier werken hebben iets met scheepvaart of met modelbouw. Maar het contact met onze bezoekers vinden we allemaal het allerleukste.” De ene vitrinekast na de andere staat helemaal vol flessenscheepjes. Ruim 1.100 heeft het museum er in bezit, maar die zijn lang niet allemaal uitgestald in het kleine Spuihuisje, een historisch pandje uit de zestiende eeuw. “We maken wisselende tentoonstellingen,” vertelt coördinator Marianne. “Laatst hadden we allemaal schepen in het ijs uitgestald, een winters thema. En binnenkort hebben we een expositie van schepen zonder zeilen.” Hoe langer je door het kleine museum loopt, hoe meer je ziet. Een zeilschip in een fles, een middeleeuwse scheepswerf, een levensechte vijfmaster in een lange whiskyfles en een zeilbootje van nog geen centimeter in een piepklein flesje, het staat er allemaal. “De kleinste flessenscheepjes kun je alleen met een vergrootglas goed bekijken,” zegt Marianne. “We hebben bijvoorbeeld een scheepje in een miniatuurflesje waar oogdruppels in hebben gezeten, gemaakt door een oude Japanse modelbouwer. In de flesjes zaten eerst zijn medicijnen, daarna heeft hij er kunstwerkjes van gemaakt.” Eeuwenoude cadeaus Het bouwen van miniaturen in een fles is een eeuwenoude hobby. Marianne laat flessen zien waar religieuze taferelen in te zien zijn, want daar is het waarschijnlijk mee begonnen. “Die zijn gemaakt door monniken. Later gingen zeelui aan de slag met lege flessen en wat hout en doek. Als tijdens een lange zeetocht weinig wind stond, lagen ze soms dagen stil. Tja, wat moet je dan?” Het oudste scheepje in bezit van het museum is uit 1879, gemaakt door een jongen van veertien. “We krijgen flessenscheepjes vaak als donatie, bijvoorbeeld uit een erfenis of van mensen die nog flessenschepen maken. Als je ziet hoe gedetailleerd het allemaal is, kun je je voorstellen dat er maanden werk in kan zitten. Het is helaas een hobby die verdwijnt, mensen zijn druk met andere dingen.” Marianne maakt zelf ook flessenscheepjes, een paar van haar kunstwerken staan in het museum. “Ik hoorde dat er geen vrouwelijke flessenscheepjesbouwers waren,” zegt ze. “Dat kon ik niet op me laten zitten. Ik werk anders dan de mannen, ik doe het op mijn eigen manier en verwerk handwerktechnieken in de scheepjes. En zo heeft iedereen zijn eigen stijl.” Ook een paar vrijwilligers in het museum hebben wel iets met die scheepjes. Ze bouwen zelf, of ze verzamelen ze. “Momenteel hebben we een expositie met flessen van een medewerker. Hij maakt prachtige flessenscheepjes. Elk onderdeel maakt hij zelf, zelfs de bemanning in de schepen. En iemand anders wilde hier wel als vrijwilliger aan de slag, maar alleen als we zijn flessenscheepje in de collectie wilden opnemen. Graag zelfs, want het is een prachtig bootje!” Zomer vol bezoekers Het museum is vier dagen per week open. Vaker kan niet, want er zijn niet genoeg vrijwilligers. “Ik zou er best wat nieuwe mensen bij willen hebben”, vertelt Marianne. “In de zomer komen er soms wel veertig tot zestig bezoekers per dag. Dan vertellen we het verhaal over het Spuihuisje, waar we zijn gevestigd. En natuurlijk over de scheepjes. We kunnen laten zien hoe de scheepjes worden gemaakt en we kennen verhalen van de scheepjes in de tentoonstelling. Kinderen kunnen een speurtocht doen. De reacties van de bezoekers zijn het leukste van ons vak. De meeste mensen zijn verrast hoeveel hier te bekijken is.”
Lees meer

De jonge helden van Oorlogsmuseum Medemblik

| Doe es gewoon vrijwillig

Ze zijn 14 en 15 jaar oud, maar praten met opmerkelijke nuchterheid over oorlog, verantwoordelijkheid en techniek. In het Oorlogsmuseum Medemblik lopen jonge vrijwilligers Sil Tensen uit Wervershoof en Wessel van der Gragt uit Onderdijk rond alsof het hun tweede thuis is. Tussen legertrucks, pontonbruggen en een nagebouwd dorpswijkje uit de jaren veertig geven ze met aanstekelijk enthousiasme een rondleiding. “Hier konden onderduikers zich verstoppen", wijst Wessel. Redactie: Paul Luiken, NHD - Foto's: Marcel Rob De twee beste vrienden zitten op scholengemeenschap De Dijk in Medemblik. Via een maatschappelijke stage kwamen ze in november 2024 bij het museum terecht. Sil. “Er waren twee opties: het museumgedeelte of de werkplaats. Wij vroegen of we ze allebei mochten doen.” Dat mocht. “De stage was eigenlijk zo voorbij,” zegt Wessel. “We wilden graag blijven.” Ze begonnen met schoonmaken en eenvoudige klussen, maar al snel bleek hun technische interesse. Motoren, ontstekingen; alles wat groot is en kracht heeft, trekt de mannen. Inmiddels draaien ze volop mee in het onderhoud van de historische voertuigen. In de werkplaats staan legertrucks die de WOII nog hebben meegemaakt. “De meeste zijn 82 jaar of nog ouder", zegt Sil. “Wij zorgen dat ze blijven rijden. Assen doorsmeren, onderdelen nalopen, banden controleren. Je leert hoe zo’n motor in elkaar zit. Alles is overzichtelijk. Geen elektronica, geen sensoren. Je ziet het motorblok gewoon liggen.” Wessel knikt. “Als je bij een moderne auto de motorkap opendoet, zie je alleen maar plastic kappen en kabels. Hier is het puur mechaniek.” Dat sleutelen geeft voldoening. “Als je iets repareert en het doet het weer, dat is het mooiste wat er is", zegt Wessel. “Dan bewijs je jezelf. Wat we zelf het mooist vinden? Meerijden! Dan laat je zien dat het gelukt is een oud voertuig op de weg te houden.” Sil vult aan: “Dat is vreugde!” Oorlogsboeken Toch draait hun betrokkenheid niet alleen om techniek. De interesse in oorlog is er al langer. “Ik vond het altijd al interessant", zegt Wessel zorgvuldig. “Niet dat ik het leuk vind, maar het trok me. Waarom doen mensen zoiets? Waarom schieten ze elkaar dood?” Hij leest veel oorlogsboeken en kijkt documentaires. “Wat je ziet, is echt gebeurd. Dat maakt indruk. Je denkt: we zijn toch allemaal mensen?” Sil vult aan: “Wat bereik je ermee? Dat vraag ik me altijd af.” De gruwelen van bijvoorbeeld Auschwitz laten hen niet onberoerd. “Het is bizar", zegt Wessel. “Maar je moet ervan leren. Zodat het niet nog een keer gebeurt.” Ze beseffen ook hoe gemakkelijk je achteraf stoer kunt praten over verzet of heldendaden. “Je kunt wel zeggen dat je in het verzet zou gaan,' zegt Sil, “maar de gevaren waren ongekend groot.” Pontonbrug In het museum komt die geschiedenis dichtbij. Niet alleen in verhalen, maar ook in materieel. Zo helpen ze bij het onderhoud van een pontonbrug. Tijdens evenementen wordt die daadwerkelijk opgebouwd. “Dan zie je hoe het in de praktijk werkte", zegt Sil. De begeleiding noemen ze 'fantastisch!' De oprichter van het museum loopt nog altijd rond in de werkplaats en stuurt bij waar nodig. Ook andere begeleiders nemen de tijd om uitleg te geven. “Je begint met kleine dingen", zegt Sil. “Schoonmaken, onderdelen monteren. En uiteindelijk werk je aan motoren." Wessel: “Jong geleerd is oud gedaan”. Ze voelen zich serieus genomen. “Je hoort erbij. Het is dan wel vrijwilligerswerk, maar het is eigenlijk meer een hobby geworden.” Legertruck besturen Naast hun inzet in het museum hebben beide jongens nog bijbanen. Wessel werkt in de bollenteelt en bij zijn oom in de pioenen. Sil is actief bij een mechanisatiebedrijf. Toch maken ze tijd vrij voor het museum. “We vinden het gewoon schitterend", zegt Wessel. Wat ze nog graag willen? Sil hoeft niet lang na te denken: “Zelf rijden.” Een legertruck besturen lijkt hem het hoogtepunt. Wessel lacht: “Dan moeten we eerst ons rijbewijs halen. En ook nog een vrachtwagenrijbewijs.” Ze nemen ruim de tijd voor de rondleiding en poseren graag tussen de legertrucs. In een tijd waarin oorlog soms akelig dichtbij komt via het nieuws laten twee Westfriese tieners zien dat ook met je handen kunt herdenken. Door te sleutelen aan rijdend erfgoed houden ze verhalen levend.
Lees meer

Reddingstation Wijdenes heeft hulp nodig

| Doe es gewoon vrijwillig

Niet alle vrijwilligers van het Reddingstation in Wijdenes hebben zeebenen. Een groot deel van de ploeg blijft aan wal, en ook daar is het vaak alle hens aan dek. Coördinator Mark weet er alles van. “We zijn bezig met een eigen onderkomen. Dat biedt kansen, maar alleen als we er samen de schouders onder zetten.” Stoere mannen en vrouwen die mensen helpen die op het water in moeilijkheden zijn geraakt. Dat is het werk van het Reddingstation in Wijdenes, vertelt Mark, al jaren vrijwilliger. “Alles wat op het land gebeurt, gebeurt ook op het water”, vertelt hij. “Brandje aan boord, technische problemen, mensen overboord, noem het maar op. De laatste jaren zien we ook, net als andere hulpverleners, meer verwarde mensen die hulp nodig hebben. Als wij worden opgeroepen, springen we in de boot en gaan we ze helpen.” Zeven dagen in de week, 365 dagen per jaar, is het Reddingstation Wijdenes paraat. Het afgelopen jaar was het team meer dan twintig keer nodig om mensen (en dieren) te helpen. En die hulp kan van alles zijn. Mark: “In november kwamen we in actie toen een kitesurfer in de problemen kwam. En in januari werden we gebeld voor een bootje dat de weg naar de haven niet meer kon vinden. De bemanning had technische problemen en ze hadden het hartstikke koud door het winterse weer.” Droge voeten Twee keer per week wordt er getraind door de vrijwilligers die werken als schipper of opstapper op de reddingsboten, om ervoor te zorgen dat iedereen fit en scherp is als er een oproep is. Maar een groep vrijwilligers houdt droge voeten. Die klussen bijvoorbeeld in het toekomstige onderkomen, ondersteunen de administratie, zorgen voor de website en de social media, of helpen bij evenementen. “De laatste jaren hebben we daar te weinig tijd voor vrij kunnen maken”, legt Mark uit. “Het zou heel fijn zijn als we meer mensen kunnen aantrekken die het verhaal van ons Reddingstation kunnen vertellen, bijvoorbeeld op evenementen.” Ook zijn er lokaal en regionaal evenementen waar de organisatie zich wil laten zien, zoals de Waterweken of de jaarmarkten in de buurt. “Het zou mooi zijn als we daar alles kunnen vertellen over ons werk, bijvoorbeeld door demonstraties te geven.” Sponsor, bedankt Financieel houdt het Reddingstation z’n eigen broek op, met maar een kleine subsidie van de gemeente. Dat lukt dankzij grote en kleinere sponsoren, die de middelen op tafel leggen. Reden genoeg om die eens in het zonnetje te zetten, zegt Mark. “We willen ze graag elk jaar een leuke dag bezorgen om ze te bedanken voor hun ondersteuning. En daar kan ik wel wat hulp bij gebruiken. Als ik het voor het zeggen heb, dan zou ik het fijn vinden om samen te werken met een vrijwilliger met een achtergrond in het bedrijfsleven, om de banden met ons zakelijk netwerk nog steviger aan te halen.” Lijkt het je wat, vrijwilligerswerk voor het Reddingstation Wijdenes? Mark weet wel waarom zijn club graag tijd besteedt aan het Reddingstation. Niet alleen vanwege de spannende avonturen, maar ook door de samenwerking in de gezellige ploeg. “We zien mensen van alle leeftijden en achtergronden samenwerken, dat is mooi. Ons bestuur is sinds kort weer op volle sterkte, de vereniging loopt goed. Extra vrijwilligers zijn altijd welkom. Wie schiet ons te hulp?” Word noodhulpvrijwilliger Wil je vrijwilliger worden bij Reddingstation Wijdenes, of wil je ergens anders 'noodhulp vrijwilliger' worden? Check dan deze pagina en vind alle vacatures bij elkaar, en lees verhalen van andere noodhulp vrijwilligers!
Lees meer