Navigatie overslaan

Post | mei 2026 | Doe es gewoon vrijwillig | 3 min lezen

Jordy: “Als ze met plezier spelen, heb ik al gewonnen”

Loop op een doordeweekse avond de zaal van TTV Stede Broec in Grootebroek binnen en je ziet hem vrijwel zeker staan. Eerst training geven, daarna zelf trainen. Op vrijdag competitie spelen. Clinics op scholen. Voor Jordy Oudt (20) is tafeltennis geen hobby meer, maar een tweede thuis. En als vrijwilliger bij de jeugdafdeling probeert hij kinderen meer mee te geven dan alleen een goede forehand.

Redactie: Paul Luiken (NHD) Fotografie: Marcel Rob (NHD)

Jordy Oudt komt uit Hoogkarspel en speelt sinds zijn achtste bij de club. Wat begon omdat twee vrienden hem meenamen, groeide uit tot een serieuze sportcarrière in de jeugd. “Binnen twee jaar stond ik in finales van jeugdtoernooien. Ik heb internationale toernooien gespeeld en zat bij de bondstrainingen van Noord-Holland. Ik draaide echt in de top van mijn leeftijd mee.”

Assistent

Waarom tafeltennis? “Ik heb astma en wist vroeger niet goed welke sport bij me paste. Op school werd altijd getafeltennist en mijn beste vrienden zeiden: ga mee. Vanaf moment één voelde ik me hier op mijn plek. Dat gevoel is eigenlijk nooit meer weggegaan.” Toen hij de overstap maakte naar de senioren, ontstond er een gat bij de jeugdtraining. Een trainer stopte en Jordy werd gevraagd als assistent. “Ik dacht: ik probeer het gewoon. Ik was net zeventien, dus wat kon er misgaan? Ik begon met de warming-up, nam een paar kinderen apart die wat extra uitdaging nodig hadden of juist wat stimulans. En eigenlijk voelde het meteen logisch.”

Vrijwilligerswerk

Jordy is eerstejaars aan de Ipabo in Amsterdam, de opleiding tot basisschoolleerkracht. “Ik wilde eerst geschiedenisdocent worden, maar merkte dat ik het werken met jongere kinderen veel leuker vind.” In zijn tussenjaar gaf hij via de club clinics op basisscholen en middelbare scholen. “Toen dacht ik: dit is het. Dit vind ik echt mooi om te doen.” Vrijwilligerswerk zit bovendien in het gezin. “Bij ons thuis is het heel normaal dat je iets voor een ander doet.” Voor Jordy is het dus vanzelfsprekend geworden. “Ik kan op dinsdagavond thuis gaan zitten, maar ik kan ook hier iets betekenen voor kinderen. Dan kies ik liever daarvoor.”

Mentaliteit

Inmiddels telt de jeugdafdeling zo’n dertig kinderen, verdeeld over drie niveaugroepen. Jordy traint vooral de gevorderde en competitieve jeugd. Daarnaast begeleidt hij teams tijdens thuiswedstrijden. “Ik roep wel eens ‘kom op’ langs de zijlijn,” zegt hij, “maar nooit provocerend. Voor mij hoeft niet alles gewonnen te worden. Als ze met plezier spelen en sportief blijven, heb ik al gewonnen.” Tafeltennis is volgens hem een veeleisende sport. “Het is een combinatie van techniek, conditie, nadenken en vooral mentaliteit. Als je niet lekker in je vel zit, speel je eigenlijk twee tegen één. Je moet een sterke geest hebben.” 

Bijsturen

Juist dat mentale aspect probeert hij over te brengen op zijn pupillen. “Sommige kinderen hebben autisme of ADHD. Dat merk je. Geduld is bij tafeltennis belangrijk. Een rally kan lang duren. Dan moet je als coach weten wanneer je moet bijsturen en wanneer je het moet laten.” Jordy benadrukt dat labels nooit leidend zijn. “Het gaat erom dat ze zich hier veilig voelen. Dat ze plezier hebben.” Wat hem daarbij helpt, is zijn eigen verleden achter de tafel. “Ik was vroeger echt een driftkikker. Van mijn tiende tot mijn zestiende was ik vaak boos. Ik gooide batjes, sloeg ze kapot. Die boosheid vrat me op. Je denkt dat je altijd moet winnen. Maar dat kan niet.” Langzaam leerde hij zijn emoties te beheersen. “Het is groei. Accepteren dat je niet alles kunt winnen. Trots zijn op wat je wél goed doet.” Die les gebruikt hij nu als trainer. “Als een kind er met de pet naar gooit, ga ik niet boos doen. Dat werkt averechts. Vaak zit er iets achter. Moe, een rotdag op school, teleurstelling. Dan praat je even samen.”

Omgaan met verlies

Hij ziet zichzelf soms terug in de kinderen. “Dat helpt. Ik weet hoe het voelt om jezelf op te vreten achter de tafel.” Daarom legt hij de nadruk op zelfvertrouwen. “Trots zijn op jezelf is belangrijker dan winnen. Dat werkt door in alles.” Dat merkt hij ook buiten de zaal. “Ik zit met de zus van een van de jongens op school. Zij vertelde dat haar broertje thuis veel rustiger is geworden sinds hij weer plezier heeft in tafeltennis.” Jordy glimlacht als hij het vertelt. “Dan denk ik: daar doe je het voor.”

Naast zijn studie en werk bij de supermarkt blijft hij uren maken in de zaal. “Het vraagt veel tijd, ja. Maar het voelt niet als moeten. Het is een stukje van mij geworden.” Wat hij kinderen uiteindelijk wil meegeven, gaat verder dan sport: “Dat ze durven. Dat ze leren omgaan met verlies. Dat ze plezier hebben in bewegen. Sport is belangrijk voor je geestelijke ontwikkeling. En als ik daar als vrijwilliger een klein beetje invloed op kan hebben, dan is dat gewoon heel mooi.”

Deel blogpost