Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | februari 2026 | Doe es gewoon vrijwillig | 3 min lezen

Bloed, blaren en beha-bandjes, EHBO’ers Eline en Fred helpen iedereen

Bij Huttendorp of de kermis, een muziekfestival of de Dam tot Dam: EHBO’ers van het Rode Kruis, zoals Fred en Eline, zorgen ervoor dat iedereen geholpen kan worden bij groot en klein leed. Geen actie op de EHBO-post? Vrijwilliger Eline: “Dan is alles goed gegaan, maar voor ons is het wel een beetje saai.”


Fred en Eline zitten vol spannende verhalen over hun vrijwilligerswerk als EHBO’er. Zoals Eline’s eerste echte inzet. “Er lag een man op de grond, onder het bloed, tanden uit z’n mond. Ojee, nu moet ik echt iets doen, dacht ik. Maar gelukkig wist ik hoe ik dat moest aanpakken.” Vrijwilligers bij het Rode Kruis krijgen natuurlijk een uitgebreide EHBO-cursus, voor Eline de reden om zich op te geven. “Die cursus is helemaal gratis en daar heb je de rest van je leven profijt van.” Daarna kun je allemaal aanvullende cursussen doen, vertelt ze. Bijvoorbeeld over drugs en drank, of een training om als hulpverlener op grote evenementen te worden ingezet.


Leuke sfeer

Bij grote evenementen moet de organisatie zorgen voor een bemande EHBO-post, dat is een voorwaarde voor de vergunning. Dus komen Eline en Fred op de gekste plekken: de Hoornse kermis of een voetbaltoernooi, Pinkpop of de marathon van Amsterdam, het kan van alles zijn. Huttendorp vindt Eline heel leuk, want “ik heb wel wat met kinderen”, zegt ze - ze volgt een opleiding om op een kinderdagverblijf te gaan werken. Fred geeft zich altijd op als er inzet wordt gevraagd bij grote sportevenementen, zoals de Dam tot Dam of de Egmond-Pier-Egmond. Leuke sfeer, zegt hij. En: “Bij fietsevenementen krijg je veel schaafwonden, een wandelevenement draait vooral om blarenzorg en bij een hardloopevenement krijgen we mensen met hartproblemen, oververhitting of juist onderkoeling.” Voor deelnemers niet iets om zich op te verheugen, maar Eline en Fred, en al hun collega-EHBO’ers, houden wel van een beetje actie op de EHBO-post. “Soms is het rustig. Fijn voor de organisatie, maar eerlijk gezegd wel een beetje saai voor ons”, zegt Eline.


Pleister erop

Alles en iedereen kan aankloppen bij de EHBO‘ers. Iemand die struikelt en een enkel verzwikt, een aspirientje tegen de hoofdpijn, of gewoon een rustige ruimte om moedermelk af te kolven; Fred en Eline hebben het allemaal meegemaakt. “We hebben niet alleen te maken met de deelnemers aan een evenement, maar ook met de toeschouwers”, zegt Eline. “Die kunnen ook hulp nodig hebben. Als iemand de EHBO-post binnenkomt, is dat vaak samen met vrienden of familie. Dat is handig voor ons. De omstanders kunnen vaak meer vertellen over een val of een struikelpartij. En als het slachtoffer zegt dat hij hooguit een paar biertjes heeft gedronken, maar z’n vriendin staat er hoofdschuddend naast, weten wij genoeg.”

Fred herinnert zich een bijzondere hulpvraag: een mevrouw die een paar veiligheidsspelden nodig had. “Haar beha-bandje was geknapt. Ja hoor, dat hebben we ook. We zijn er toch om mensen te helpen?”


Goed gedaan

Soms is een pleister of een aspirientje niet genoeg, het kan ook om ernstig letsel gaan. “Eigenlijk zijn dat de mooiste momenten”, vertelt Fred. “Een reanimatie is bijvoorbeeld heftig om mee te maken. Wij horen niet altijd hoe het afloopt. Als mensen bijvoorbeeld met de ambulance mee gaan, krijg je achteraf geen terugkoppeling. Maar soms hoor ik het toevallig, zoals een tijdje geleden over iemand met een beroerte, die ik had geholpen. Van de ambulancebroeder hoorde ik dat die man het had gered en het goed maakte. Dat hebben we goed gedaan, zei hij. En dat geeft echt een goed gevoel.”


Leerzaam

Eline zou vooral jonge mensen adviseren om zich te melden bij het Rode Kruis als EBHO’er. Vanwege die gratis opleiding, natuurlijk. “Je moet dan een aantal uur als vrijwilliger meedraaien in ruil voor de opleiding, maar dat is alleen maar leuk en interessant. En je krijgt ook sociale skills. Ik kom via mijn werk in contact met verschillende mensen, zowel met m’n collega’s als de mensen die we helpen. Echt contact, niet digitaal. En dat is eigenlijk de leukste kant van dit werk.”


Word noodhulpvrijwilliger

Lijkt het je leuk om vrijwilliger te worden op een EHBO post? Of een andere rol in de noodhulp, zoals bij een reddingsbrigade of dierenambulance? Via deze link vind je een overzicht van alle vrijwilligersvacatures die daarin open staan.

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Lisa leest voor over dino’s en prinsessen

| Doe es gewoon vrijwillig

Als de projectstage van Lisa Romeo niet doorgaat, komt de redding uit een onverwachte hoek: twee kleine kinderen die dolgraag willen worden voorgelezen. ‘Die blije koppies als ik voor de deur stond, dat zal ik nooit meer vergeten.’ Lisa Romeo volgt in Hoorn de opleiding tot sociaal werker. En bij die opleiding hoort een soort stage, een project waarbij de studenten vrijwilligerswerk doen om ervaring op te doen om studiepunten te verzamelen. Lisa en haar klasgenoten hadden dat prima georganiseerd, maar er kwam een kink in de kabel: een week voor de start hoorden ze dat het project niet doorging. En dan? ‘Balen, natuurlijk. En daarna zijn we snel op zoek gegaan naar een alternatief, want je moet toch in die tijd je project zien af te ronden. Via Vrijwilligerspunt vonden we een paar vrijwilligersklussen die we konden oppakken. Ik koos, samen met drie andere klasgenoten, voor Samenvoorlezen.’ Prinsessen, dieren en dino’s Eerlijk is eerlijk, Lisa was niet direct enthousiast. Snel schakelen van het ene project naar het andere valt ook niet mee. ‘Ik moest echt even wennen. Gelukkig heb ik twee kleine neefjes, dus omgaan met kinderen ben ik wel gewend. De kennismaking met de gezinnen waar ik ging voorlezen, verliep ook goed. Ik las voor bij een meisje van vier en een jongetje van zes jaar. Het jongetje is geïnteresseerd in dino’s, daar kon hij hele verhalen over vertellen en die moeilijke namen kent hij allemaal. Het meisje wilde juist graag over prinsessen en dieren lezen. Geen probleem, doen we dat. Er is zoveel bij de bibliotheek te vinden!’ Tellen in het Engels Bij Samenvoorlezen ga je twintig weken lang elke week een uurtje voorlezen voor een kind, met als doel de taalontwikkeling te stimuleren. Is dat gelukt? Lisa: ‘Het meisje telde nog in het Engels toen we begonnen met lezen, maar ik heb boekjes meegenomen waarin veel telwoorden voorkwamen. Nu kan ze ook goed in het Nederlands tellen. Bij het jongetje was de taalbeheersing niet zozeer het probleem, maar zijn uitspraak. Hij ging ook naar een logopedist om die te verbeteren, en we hebben er met het voorlezen goed op geoefend. Ik geloof dat dat wel heeft geholpen. Maar of de ouders nu zelf gaan voorlezen en met hun kind naar de bibliotheek gaan om elke week nieuwe boeken te halen? Ik vraag het me af.’ Verschil maken Het project is achter de rug, de kinderen hebben allebei een officieel voorleesdiploma in ontvangst genomen en Lisa gaat verder met haar opleiding. Wat neemt ze mee van Samenvoorlezen? ‘De kinderen waren zo blij, hun vrolijke koppies als ik voor de deur stond zal ik niet vergeten. Ik vind het bijzonder dat je met zoiets kleins als een uurtje in de week samen lezen, zo’n groot verschil kunt maken. Dat heeft indruk op me gemaakt: de dankbaarheid van de kinderen en hun ouders, en het plezier dat we samen hadden met de boeken.’ Lees hier meer over voorlezer worden bij SamenVoorlezen.
Lees meer

Charlotte vond een nieuwe loopbaan door MDT

| Doe es gewoon vrijwillig

Ze kreeg een dikke dreun van de coronamaatregelen, maar dankzij vrijwilligerswerk en de Maatschappelijke Diensttijd (MDT) bouwde ze haar zelfvertrouwen weer op. Charlotte (25): ‘Ik denk dat ik jouw baan leuk vind, zei ik tegen mijn begeleider. Een paar weken later belde ze me op met een grote verrassing.’ Helemaal nieuw was vrijwilligerswerk niet voor Charlotte. Ze bezoekt eens in de week een oudere dame, die halfzijdig is verlamd. ‘Dat geeft me veel voldoening. Dus toen ik door coronamaatregelen niet meer in mijn eigen bedrijf kon werken, een schoonheidssalon, bleef ik dat gewoon doen. De rest van mijn leven stond, van het ene op het andere moment, helemaal stil.’ Dat kwam hard aan bij Charlotte. Ze moest stoppen met haar eigen bedrijf, dat altijd haar grote droom is geweest. Haar zelfvertrouwen kreeg een flinke deuk. ‘Het was een heftige tijd. Organisaties en mensen die allemaal iets van je willen, dat greep me aan.’ Goede begeleiding Na een tijd begon ze voorzichtig weer te denken aan werken. Maar wat? ‘Werkdruk was nog lastig voor me, als ik voelde dat er eisen aan me werden gesteld, haakte ik af. Mijn vrijwilligerswerk vond ik wel fijn, dus ik zocht online naar meer vrijwilligerswerk. Dat leek me een goede manier om weer te beginnen.’ Ze kwam via Vrijwilligerspunt in contact met Fleur, die vroeg of de Maatschappelijke Diensttijd wat zou kunnen zijn. Tachtig uur vrijwilligerswerk in een half jaar tijd, dat moest toch lukken? Met begeleiding, om te voorkomen dat de druk te hoog zou oplopen. Charlotte zag het wel zitten. ‘Ik ging één ochtend in de week aan de slag bij een kinderdagopvang. Daar vond ik na een tijdje mijn draai. Ik was een groepshulp, sprong in waar nodig en vooral bij de baby’s en peuters voelde ik me thuis.’ In de pocket Het ging allemaal niet zonder slag of stoot. Na een paar weken liep ze toch weer tegen zichzelf aan. ‘Ik had een dip, het werd me te veel. Gelukkig was de begeleiding heel lief. Fleur begreep het, ze bood zelfs aan met me mee te fietsen naar de kinderdagopvang. We hadden een goed gesprek en ik pakte het weer op.’ Die tachtig uur had Charlotte zo in de pocket, binnen drie maanden had ze genoeg gewerkt voor de Europass, het certificaat van de MDT. Opleiding En nu? ‘Ik sprak met Fleur over een vervolgstap en ik zei: ik zou jouw werk wel willen doen. Dat zou ik een paar jaar geleden nooit hebben bedacht, maar door de samenwerking merkte ik wat ze bij Vrijwilligerspunt allemaal doen. Grote verrassing dat Fleur me een paar weken later appte dat er een vacature bij haar openstond, en of dat iets voor mij zou zijn. Wauw! Ik heb nu een vast contract, in een hele andere branche dan waar ik altijd heb gewerkt. Ik koppel nu bij de afdeling Hulp Dichtbij individuele hulpvragen aan vrijwilligers. Door de Maatschappelijke Diensttijd kon ik uitpluizen wat ik wil doen, wat bij me past en wat niet. Dit werk past heel goed, ik ben zelfs aan de opleiding social work begonnen.’ Meer weten over MDT? Kijk hier of neem contact op met Fleur Neefjes via e-mail of bel 0229-216499.
Lees meer

Oekraïners leren Nederlands van vrijwilligers

| Doe es gewoon vrijwillig

Vijf vrijwilligers, acht vluchtelingen uit Oekraïne, twee kannen koffie en een krat vol lesmateriaal: dat zijn de ingrediënten voor de nieuwe taal-instroomgroepen. Vrijwilligerspunt brengt taalvrijwilligers en mensen die Nederlands willen leren bij elkaar. En na een kleine aanloop gaat dat best lekker. ‘Wij zijn heel blij dat jullie deze lessen willen geven.’ Op donderdagavond komt de derde instroomgroep bij elkaar in het Postkantoor in Bovenkarspel. Het niveau van de deelnemers varieert van een broer en zus die zich in Engels, Duits en een paar woorden Nederlands redelijk redden tot drie jonge vrouwen die echt alleen Oekraïens en Russisch spreken en verder niks. Coördinator Nini Viëtor maakt zich geen zorgen: ‘Binnen een paar weken spreekt iedereen wat Nederlands. Het gaat best snel, in korte tijd gaan we van ‘hallo’ en ‘dag’ naar vragen stellen en een praatje maken.’ De vrijwilligers werken allemaal als taalvrijwilliger, maar dat is niet nodig. Geduld, gevoel voor taal en een beetje creativiteit, meer heb je niet nodig om hier te komen helpen. Alfabet leren In de lokalen is lesmateriaal aanwezig, zoals boeken, kaarten en plaatjes. Na een korte inleiding wordt de groep verdeeld in kleine groepjes, elk met een of twee vrijwilligers, om van 19.00 tot 20.30 uur te oefenen met ‘ik’ en ‘jij’, het alfabet en telwoorden. Natuurlijk is dat in het begin ongemakkelijk, maar dat verandert binnen een uurtje. Google Translate, een Russisch woordenboek en een map met afbeeldingen en woorden, het gaat eigenlijk vanzelf. ‘Er is ook een website waar de deelnemers tussen de lessen door mee kunnen oefenen,’ zegt Nini. ‘En een van de deelnemers was zo slim om met z’n mobiel een foto te maken van de aantekeningen van vandaag, zodat hij de nieuwe woorden kan herhalen. Dat is misschien ook een tip voor een volgende les.’ Kinderboeken, televisie Lukt het allemaal echt niet, dan helpt tolk Nazik de gesprekken op gang. Ze woont alweer 15 jaar in Nederland maar komt uit Georgië en spreekt onder andere Russisch, een taal die de meeste mensen in Oekraïne op school hebben geleerd. ‘Ik adviseer de deelnemers om ook veel kinderboeken te lezen, televisie te kijken in het Nederlands en vaak met mensen te praten,’ zegt ze. ‘Het maakt niet uit dat je veel fouten maakt, alleen door het te proberen, kun je je uitspraak verbeteren.’ Zij leerde zichzelf Nederlands van een stokoude cd-rom en een woordenboekje, waar ze alle nieuwe woorden fonetisch in opschreef. ‘Dan wist ik meteen hoe ik het moest zeggen, want Nederlands is een moeilijke taal. Zoals je het schrijft, spreek je het niet uit. Vooral die klanken zoals ‘ui’ of ‘au’ zijn voor mensen heel moeilijk.’ Nog even vertalen De groep komt aan het einde van de les weer bij elkaar. Volgende week weer, spreken ze af. Vrijwilliger Alexandra vraagt of Nazik nog wat wil vertalen. ‘Zeg maar dat wij het heel leuk vinden om Nederlandse les aan ze te geven.’ Er wordt gelachen door de groep en een van de deelnemers neemt het woord. Nazik vertaalt: ‘Zij zijn allemaal heel blij dat jullie het willen doen.’ Instroomgroepen Nederlandse les voor Oekraïners Dinsdagavond van 19.00 tot 20.30 uur in opvanglocatie ‘Almere’ in Opperdoes Woensdag van 10.00 tot 11.30 uur in de H. Franciscus X kerk, Kwakerspad in Enkhuizen Donderdag van 10.00 tot 11.30 uur in het Streekpunt, Streekweg 220 in Hoogkarspel Donderdag van 19.00 tot 20.30 uur en dinsdag van 10.00 tot 11.30 uur in het Postkantoor in Bovenkarspel Nieuwe vrijwilligers zijn welkom, ook in Hoorn en Scharwoude starten binnenkort nieuwe instroomgroepen Foto: De eerste les in Bovenkarspel, met vrijwilligers Alexandra en André aan de rechterkant. ‘We vinden het heel leuk om Nederlandse les te geven aan deze groep.’
Lees meer