Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | juni 2026 | Doe es gewoon vrijwillig | 3 min lezen

Ik werd de tennisvereniging ingezogen

“Hee Niels, waarom kunnen we geen Champions League meer kijken!?”, klinkt het quasi-verbolgen vanaf het terras van Tennis en padelvereniging De Hulk, aan het uiterste puntje van de Grote Waal in Hoorn. “Werd te duur. Wij moeten ook op de kleintjes letten!” Aan het woord is Niels van Dijk, 28 jaar, getrouwd, vader van een dochter en sinds enkele maanden voorzitter van De Hulk. “Jong? Misschien. Maar ik kom al mijn hele leven bij de vereniging. Ik ben er een beetje ingezogen. Mijn ouders gingen hier tennissen toen ze in de wijk kwamen wonen, mijn zusje ook, mijn moeder kwam in de jeugdcommissie. Dan gaat het vanzelf.”

Redactie: Paul Luiken (NHD), fotografie Marc Rob

Eerst combineerde Niels tennis met voetballen bij Zwaluwen en Forward. Maar op een gegeven moment werd het een beetje veel en koos hij voor het racket. "Ik had een leuke groep, speelde competitie, werd kampioen. Maar wat ik vooral mooi aan tennis vind: na een wedstrijd ga je zitten met je tegenstander. Je bent fanatiek, je wil winnen, maar het moet wel gezellig blijven. Bij de vereniging hanteren wij de leus: ‘sportiviteit en gezelligheid in één slag’. Dat past wel bij mij.”

Dartbord

Het verklaart ook waarom hij bleef hangen toen de jeugdjaren voorbij waren. Eerst als speler, daarna ook als vrijwilliger. 'Er was ooit behoefte aan een dartbord. Nou, dat mocht ik regelen, van het bestuur. Maar ‘doe dan gelijk vier borden. En organiseer meteen een toernooitje’, zeiden ze.”

In 2022 werd hij seniorencoördinator, de schakel tussen bestuur en commissies. 'Dan zit je er al meteen middenin. Je ziet hoe de hazen lopen. En dan volgt de stap naar het voorzitterschap. De vorige voorzitter, Arthur Henar, had al aangegeven dat hij wilde stoppen zodra de club ‘af’ was: padelbanen aangelegd, kantine vernieuwd. ‘Dan kan er een strik omheen’, zei hij.”

'Mijn naam viel al vroeg, als beoogde nieuwe voorzitter. Ze zeiden: jij kent de club, jij weet wie wat doet. Tijdens de ledenvergadering werd ik unaniem voorgedragen. Dat gaf echt een kick. Het vertrouwen dat daaruit sprak. Dat mijn vaste tennismaatje Rob Groot aangaf dat hij dan wel penningmeester wilde worden, gaf het laatste zetje.”

Minder brandjes blussen

'Of ik het anders doe? Mwoah, misschien dat we met dit wat jongere bestuur iets meer met de tijd meegaan. Kijk, mensen hebben het drukker. Vrijwilligers hebben minder tijd dan vroeger. Dus moet je anders organiseren. Minder vergaderen, minder blijven hangen in kleine problemen. We kwamen eerst eens in de zes weken bij elkaar en dan ging het vaak over lopende dingetjes. Dat hebben we nu veranderd. Minder vaak, compacter, meer focus op visie. Niet alleen brandjes blussen, maar ook kijken waar we naartoe willen.”

Die manier van denken herkent hij zelf ook uit zijn werk bij de Koninklijke Marine in Den Helder, als burger. Eerst in de logistiek, inmiddels in portfoliomanagement. "Overzicht houden over projecten, zorgen dat je niet in de details blijft hangen. Dat doe ik hier ook. Tegelijk moet je het wel in perspectief zien. Het blijft een vereniging. Ik denk dat de charme verdwijnt als je het te bedrijfsmatig maakt of te professioneel. Dat hoeft van mij niet. Ik krijg er genoeg voor terug. Als iedereen bij zo’n vergadering zijn hand opsteekt en zegt: we hebben vertrouwen in je. Dat is onbetaalbaar.”

"Door onze huidige manier van werken in mijn vrijwilligerswerk prima te combineren met mijn gezin. Alles is veel sneller geregeld. Een paar keer bellen, wat appjes en het is opgelost. Bovendien is er goed contact met andere verenigingen. Via de KNLTB en andere clubs hoor je hoe zij dingen doen. Iedereen heeft dezelfde problemen: te weinig vrijwilligers, aanwas jeugd, dat soort dingen. Dan kun je samen oplossingen zoeken.”

Goodiebags

Zo heeft het padellen bij De Hulk voor nieuwe aanwas gezorgd, vooral onder jongvolwassenen. "De jeugd onder de twintig blijft nog wat achter, helaas. We proberen daar wel wat aan te doen; met een open dag bijvoorbeeld. We dachten: als er dertig kinderen komen, is het mooi. Uiteindelijk waren het er 85. We gaven ze ‘goodiebags’ mee met een proeflidmaatschap. De opbrengst: tien nieuwe aanmeldingen. En ook nog twintig volwassenen. Maar daarna begint het pas. Dan moeten wij ze zien te houden.” 

In de week van 27 juli vindt het traditionele clubtoernooi plaats. ,,Het gezelligste toernooi van de regio”, meent Niels. Vorig jaar stond hij in de finale. "Nou ja, bijna. Mijn vrouw maakte me die ochtend wakker: ‘het gaat gebeuren!’ Onze dochter Suus werd dus geboren op de finaledag. Die finale zegde ik natuurlijk met plezier af. En weet je wat nou zo grappig is: mijn voorganger maakte precies hetzelfde mee, bijna veertig jaar geleden.” Niels lacht: "Blijkbaar hoort dat bij de functie.”

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

‘We kunnen geen kinderen aan de kant laten staan’

| Doe es gewoon vrijwillig

Stichting Leergeld West-Friesland helpt elk jaar ongeveer achthonderd kinderen in de regio meedoen op de sportclub, op de muziekschool of op school. Hoe? Heel simpel: door een karatepak te regelen, muzieklessen te betalen voor een muzikant in de dop of een fiets om naar school te rijden. Spin in het web van de organisatie in Hoorn is coördinator Henk Koorn. ‘Ik word blij als ik me realiseer hoeveel werk we hier verzetten.’  Henk Koorn (73) is genomineerd voor Vrijwilliger van het Jaar 2021 van Hoorn. Al tien jaar werkt Henk Koorn als vrijwillig coördinator bij Stichting Leergeld. ‘Ik ging met pensioen en ik zocht een tijdsbesteding. Ik heb me aangemeld bij Stichting Leergeld en kon als intermediair aan de slag. Na een jaar werd me gevraagd of ik de coördinatie wilde helpen, en dat doe ik nu alweer een aantal jaar. We werken hier met een groep enthousiaste vrijwilligers, deze hele organisatie draait zonder betaalde krachten. Ik zag dat het wel beter georganiseerd kon worden, dus daar zet ik me voor in. Ik zorg voor continuïteit en ik bewaak de kwaliteit.’ Huttendorp of muziekles Stichting Leergeld West-Friesland is onderdeel van een landelijk netwerk van Stichting Leergeld. De organisatie zorgt ervoor dat kinderen uit gezinnen met een krap budget toch mee kunnen doen aan een sport, aan cultuur en welzijn of onderwijs. Het kind staat daarbij altijd centraal, legt coördinator Henk uit. ‘We gaan uit van 120 procent van de bijstandsnorm. Moet je daar het huishouden van draaiend houden, dan is dat niet makkelijk. Meedoen met het huttendorp, een uitstapje naar Sprookjesbos of een abonnement op de muziekschool of een sportclub zit er dan niet in.’ Groeien en bloeien En daar komt Stichting Leergeld om de hoek. Ouders vragen hulp aan, de Stichting gaat kijken hoe ze kunnen helpen. ‘We kijken eerst of de gemeente nog ergens een potje heeft. Dat is best ingewikkeld, want we werken in heel West-Friesland, dus in zeven verschillende gemeenten met allemaal hun eigen regels en regelingen.’ Vergoedt een gemeente de aanvraag niet? Dan gaat Leergeld het regelen. Een zwemabonnement, muziekles, een nieuwe fiets of een karatepak, het is allemaal mogelijk. ‘Onze motivatie is heel eenvoudig: we willen geen kinderen aan de kant laten staan. We wonen in Nederland in zo’n welvarend land, dat we ons dat gewoon niet kunnen permitteren. Bovendien: ons land wordt er alleen maar beter van als iedereen hier kan groeien en bloeien.’ 1.500 kinderen in de knel Elk jaar helpt de stichting ongeveer achthonderd kinderen. Dat zijn er heel veel, en toch is het volgens Henk niet genoeg. ‘Uit schattingen blijkt dat er zeker 1.500 kinderen in West-Friesland niet kunnen meedoen doordat in het gezin niet genoeg geld is. We proberen ze allemaal te bereiken, bijvoorbeeld door folders neer te leggen bij de Voedselbank en de Kledingbank en door op scholen en sportverenigingen te laten weten dat we bestaan.’ Bij de organisatie werken ongeveer veertig vrijwilligers. Een groot deel werkt als intermediair, dus onderhoudt contact met de gezinnen die hulp nodig hebben. Ook zitten op kantoor mensen die mail, post en telefoon beantwoorden, en Henk, als coördinator. Drie dagen per week is hij op z’n post, zegt hij zelf, maar in de praktijk zijn het er meestal vier, of meer, verklappen de andere vrijwilligers in de organisatie. ‘Op vrijdag hebben we een dag met overleggen. En tussendoor moet ook nog genoeg gebeuren. We hebben bijvoorbeeld een nieuw computersysteem. En ik probeer de organisatie intern verder te professionaliseren, met name op het gebied van verantwoording. Elk jaar geven we 1,5 ton uit. Dat geld is niet van ons, maar van de gemeente en van onze sponsors. Daar moeten we uiterst zorgvuldig mee omgaan. Als coördinator zoek ik de balans tussen de structuur van een professionele organisatie en voldoende ruimte voor de vrijwilligers, want dat zijn stuk voor stuk mensen die vanuit hun gevoel de kinderen willen helpen.’ Blij naar huis Henk: ‘Onze vrijwilligersgroep is erg trouw, de meeste mensen werken hier al jaren. De materie waar we mee werken is complex, we hebben te maken met veel gemeenten, scholen en sportclubs. Mijn streven is: alle vrijwilligers moeten met een goed gevoel weer naar huis gaan. Zelf ga ik blij weer naar huis als ik me realiseer hoeveel werk we hier met elkaar verzetten. Soms krijgen we een bedankbriefje of een mailtje van een gezin dat we hebben kunnen helpen. Ouders die laten weten: jullie doen veel voor onze zoon, hij heeft weer rust en daardoor hebben we in huis ook weer rust. Daar word ik warm van, want daar doen we het voor.’ Stem op Henk Vind jij dat Henk moet worden verkozen tot Vrijwilliger Hoorn 2021? Breng dan via vrijwilligersprijshoorn.nl je stem uit! Stemmen kan tot en met 9 december.
Lees meer

Samen koken en eten verbindt

| Doe es gewoon vrijwillig

Tijdens de Mondiale Maaltijd koken twee ‘migranten koks’ en twee Nederlandse koks maandelijks voor twintig gasten in het Streekpunt in Hoogkarspel. En er wordt samen gegeten. ‘Het contactmoment met de Nederlanders en de ontmoeting met mensen van een niet-westerse achtergrond staan centraal tijdens de Mondiale Maaltijd. Samen koken én eten verbindt’, vertelt Lies van der Vliet van Drechterland Mondiaal. De Mondiale Maaltijd van Stichting Drechterland Mondiaal bestaat al sinds 2008. ‘Toen organiseerden we de maaltijd één maal per jaar met zo’n 200 gasten. Twintig migranten koks kookten thuis iets lekkers van hun eigen land en presenteerden dat aan de gasten. Een groot succes. Maar, wat iedereen wel jammer vond, is dat er weinig contact was met de koks. Daarom verzonnen mijn man Gerard en ik in 2018 een nieuw concept: maximaal twintig gasten, twee Nederlandse koks, twee migranten koks en tijdens het diner schuiven de koks gezellig aan. En ook een succes; we zitten vanaf de start iedere maand vol!’ De voorbereidingen beginnen een week ervoor. ‘Dan komen de koks samen om met elkaar het menu te bespreken. Al snel zie je dat er over meer gepraat wordt dan alleen het menu. En dat is precies ook waarom we dit organiseren; persoonlijke verhalen worden uitgewisseld en er ontstaan mooie contacten.’ Thuis laten voelen Ook tijdens de maaltijden en dat is waarom Jos Visser deze maand is aangeschoven met zijn vrouw. ‘We vinden het leuk dat de koks ook bij ons aan de tafel komen zitten. Zo leren we meer over deze, veelal, vluchtelingen. Waar komen ze vandaan? Wat zijn de gebruiken in hun land? Wat is hun achtergrond. En die achtergrond is vaak heel verdrietig. Kunnen wij ons helemaal niet voorstellen en daarom is het ook goed dat wij er eens bij stil staan, dat niet iedereen in een gespreid bedje is opgegroeid. Ik heb veel bewondering voor deze mensen. Ze laten toch huis en haard achter en komen in een wildvreemd land terecht. Ik ben blij dat wij zo kunnen helpen om ze meer thuis te laten voelen.’ Dankbaar Een van de koks, de Somalische Faadumo Ibrahim (43) voelt zich ook echt thuis in Nederland en zit gezellig bij Jos en zijn vrouw aan tafel. Ze is in 2008 naar Nederland gekomen, kwam bij Drechterland Mondiaal terecht en begon als kok bij de Mondiale Maaltijd. ‘Koken is mijn hobby, dus ik wilde graag meekoken. Het is goed voor mijn Nederlands en ik hou van veel mensen om me heen. Vooral tijdens het eten, dus ik doe dit graag. Ik ben heel dankbaar dat ik nu in Nederland woon. Ik ben met mijn 5 kinderen 13 jaar geleden gevlucht uit mijn vaderland voor de oorlog. Mijn man kwam om in de oorlog. Via Jemen en Saudi-Arabië ben ik in Nederland gekomen. Mijn kinderen en inmiddels 5 kleinkinderen zijn gelukkig allemaal goed terechtgekomen. Ik heb Nederlandse vriendinnen, maar ken ook Somaliërs uit Hoorn, Enkhuizen en Hoogkarspel. Inmiddels heb ik al divers vrijwilligerswerk gedaan, waar ik veel van heb geleerd. Dat heeft me zeker geholpen aan de vaste baan die ik sinds kort heb. Goed hè?! Maar natuurlijk blijf ik ook lekker koken voor de Mondiale Maaltijd!’ Wisseling Iedere maand wisselen de koks. Lies: ‘Zo leren de koks steeds weer nieuwe mensen kennen. We kijken ook naar de gasten die komen. Veel mensen uit de buurt vinden dit initiatief hartstikke leuk en komen graag terug. Dat is natuurlijk geweldig, maar we willen zoveel mogelijk verschillende mensen, letterlijk en figuurlijk, laten proeven aan de Mondiale Maaltijd. Zodat er steeds weer mooie nieuwe contacten kunnen ontstaan.’ En of er nog koks nodig zijn? ‘Jazeker! Die zijn van harte welkom! Zowel migranten koks als Nederlandse koks. En afwassers, want ook dat moet gebeuren.’ Ook een keer aansluiten bij de Mondiale Maaltijd? Of zelf meekoken? Neem contact op met Drechterland Mondiaal via www.drechterlandmondiaal.nl of door te bellen 06-43540334 (Gerard van der Vliet). Of ken jij iemand die nieuw is in Nederland en in contact wil komen met Nederlanders? Vrijwilligerspunt kan helpen door bijvoorbeeld passend vrijwilligerswerk te vinden! Stuur een mail naar [email protected] . Jos en Faadumo
Lees meer

André en Marian Stolk regelen de carnavalsoptocht

| Doe es gewoon vrijwillig

Elk jaar barst beneden de rivieren het carnaval los, maar in West-Friesland blijft het stil. In heel West-Friesland? Nee, in Enkhuizen weten ze ook wel wat hossen is. Alle haringhoppers in Haringdonk genieten van een optocht met tientallen karren en loopgroepen. André en Marian Stolk leiden dat al 25 jaar in goede banen. ‘De waardering van de vereniging en de vrolijke gezichten langs de route, daar doen we het allemaal voor.’ De voorbereidingen voor carnaval beginnen al maanden van tevoren. Als de eerste carnavalsvierders aan het einde van de zomer gaan brainstormen over hun outfits en thema’s voor komend jaar, zitten Marian en André aan tafel met de andere bestuursleden om te bepalen hoe ze het dit jaar gaan aanpakken. ‘Carnaval in Enkhuizen is uitbundig, en dat is al jaren zo. Maar we zijn niet de enige in West-Friesland: in Zwaag kunnen ze ook een feestje bouwen.’ Smalle straatjes In de carnavalsoptocht in Enkhuizen, in de carnavalstijd omgedoopt tot 'Haringdonk’, slingeren zo’n 25 groepen en karren door de historische binnenstad. Je voelt de bui al hangen: smalle straatjes, krappe bochten: dat moet allemaal worden geregeld. ‘Samen met mijn man zorg ik ervoor dat er geen enkele obstakel op de route staat,’ zegt Marian Stolk. ‘We vragen of winkels hun uitstallingen binnen willen zetten, verzoeken mensen om de auto even ergens anders te parkeren. En zijn ergens werkzaamheden? Dan controleren we of de steiger op tijd weg is.’ Enthousiasme André en Marian coördineren de verkeersregelaars, zorgen voor een veilige optocht en ruimen achteraf alles weer op. Dat doen ze al ruim 25 jaar, en de laatste 15 jaar zijn zij het aanspreekpunt. ‘Marian zorgt ervoor dat alle verkeersregelaars de cursus op tijd hebben gevolgd', vertelt André. ‘Mensen moeten weten hoe ze bijvoorbeeld het verkeer moeten stoppen, en weer vrijgeven. Gelukkig hebben we veel enthousiaste mensen in onze ploeg, die het hartstikke leuk vinden om dat te doen. Zelfs jongeren zijn razend enthousiast over hoe leuk en gezellig het is om hieraan mee te helpen.’ Muziek door elkaar Samen maken ze een indeling van de optocht. Ze bepalen de volgorde van de wagens en de groepen, en zorgen voor genoeg afwisseling. Marian: ‘Allemaal wagens achter elkaar met verschillende muziek, dat werkt niet, dan kun je het van allebei niet goed horen. We wisselen dat af met loopgroepen die geen eigen muziek mee hebben. En de wagens die afgelopen jaar achterin de optocht reden, krijgen nu een plek op kop. En we maken een lijst voor de jury, want iedereen die meedoet maakt kans op prijzen voor de mooiste uitdossingen.’ Top secret! Marian en André weten dus, samen met nog één bestuurslid van de Haringhoppers, precies er meedoet aan de optocht dit jaar. ‘Die informatie is top secret', zegt André. ‘We mogen de lijst met niemand delen, zelfs niet verklappen wie er mee doen en al helemaal niet welke thema’s de groepen hebben gekozen. We zijn niet om te kopen en zelfs de burgemeester krijgt deze gegevens niet van ons!’ Pas vlak voordat de optocht begint, zien ze de uitdossingen en de carnavalswagens. ‘Het is elk jaar weer prachtig als ze allemaal op het plein staan, waar de blaaskapel ook speelt. Echt, daar ziet het dan zwart van de mensen, en je ziet hoe iedereen ervan geniet.’ Goed geregeld Wacht even: dat betekent dat André en Marian bij elke carnavalsoptocht aanwezig zijn. Maar ze kunnen niet mee-feesten, en ze zijn niet verkleed! André: ‘Nee, in een clownspak kunnen we het verkeer niet regelen, we hebben van die lichtgevende hesjes aan. Het hossen met een biertje moet wachten, verkeer regelen is een serieuze zaak. Maar dat komt wel als de optocht achter de rug is. Als we de route hebben gecheckt en eventueel achtergebleven confetti of serpentines hebben opgeruimd, dan is het voor ons ook tijd om te gaan feesten. En altijd als we dan het café binnenkomen, horen we: bedankt jongens, dat was goed geregeld!’ Zilveren speld Marian en André Stolk kregen voor hun vrijwilligerswerk een zilveren vrijwilligersspeld van Enkhuizer wethouder Dorus Luyckx. Hij zette op 19 oktober vijf vrijwilligers in het zonnetje, die zich allemaal al 25 jaar of langer vrijwillig inzetten voor de gemeente Enkhuizen. (Op de foto: Marian en André, 2e en 3e van links)
Lees meer