Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools (opent in een nieuw venster)
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | oktober 2023 | 3 min lezen

Dieneke zoekt hulp voor 4 en 5 mei (en veel meer)

Keti Koti in Enkhuizen? Goed idee! En lichtjes plaatsen op de militaire oorlogsgraven op kerstavond? Mooi initiatief. Herdenking van de Februaristaking, Kristallnacht, de Walk of Peace… Het comité 4 en 5 mei in Enkhuizen wordt regelmatig benaderd door allerlei interessante burgerinitiatieven. Mooi, zou je zeggen, maar het comité is veel te klein om alles bij te houden. Ze hebben hulp nodig!


De basis van het comité is de dodenherdenking op 4 mei en de viering van de bevrijding op 5 mei, legt voorzitter Dieneke van Tongeren – Schuijt uit. “Maar er zijn zoveel andere activiteiten waarbij we de boodschap rondom anti-discriminatie kunnen uitdragen. Daar hebben we nu helaas geen tijd voor. Het comité bestaat uit te weinig mensen. Als we met alle mooie initiatieven mee willen doen, is dat veel meer werk dan wij voor elkaar kunnen krijgen.”


Vuur van de vrijheid

Zelf zet Dieneke, ook al is ze 71 jaar, zich volledig in voor het comité. Neem nou de dodenherdenking op 4 mei. “Ik ben erbij, om 20.00 uur. Als dat is afgelopen, sjees ik naar huis, gauw verkleden en daarna met de bus naar Wageningen. Daar halen we met een steeds wisselende vereniging het Bevrijdingsvuur op voor Enkhuizen. We fietsen op tandems met de brandende fakkel weer naar Enkhuizen om daar tijdens een ceremonie op 5 mei de vlam te ontsteken.”


Tegen discriminatie

Het comité is opgericht in 1982. Al ruim veertig jaar zet het comité zich in om op een passende manier stil te staan bij de dodenherdenking en Bevrijdingsdag te vieren. Maar het comité doet meer. “Bij de oprichting in de jaren tachtig hebben we uitgesproken dat we ons ook inzetten tegen discriminatie. Daarom heten we ook anti-discriminatiecomité. Jammer genoeg zie ik dat er nog veel discriminatie is in de samenleving. Veel mensen worden nog steeds weggezet, de polarisatie groeit.”


Samen in Enkhuizen

Gelukkig kloppen regelmatig mensen aan bij het comité, met de vraag of de groep mee wil doen aan interessante initiatieven die een standpunt innemen tegen uitsluiting. “Deels doen we dat al, met ons initiatief ‘SAMEN in Enkhuizen’. Daarbij maken we matches tussen nieuwkomers in Enkhuizen en mensen die hier al lang wonen. Zo kunnen mensen elkaar een beetje op weg helpen en hun netwerk uitbreiden. We matchen mensen die bij elkaar passen, bijvoorbeeld op basis van hobby’s of andere gemeenschappelijke interesses, zodat er echt een positief, duurzaam contact ontstaat.” Tevens worden er Ontmoetingsdagen georganiseerd om mensen te verbinden.


Basisscholen

Andere initiatieven kunnen maar deels op hulp van het comité rekenen, want tja, met een kleine groep mensen kun je niet alles. “We werken samen met basisscholen en voortgezet onderwijs, bijvoorbeeld door ze een oorlogsmonument te laten adopteren en samen te herdenken. In de klas wordt dan aandacht besteed aan het verhaal achter zo’n gedenkplek. Gelukkig hebben we nu een secretaris met een netwerk op dat gebied, die dat weer oppakt.”


Een ander initiatief waar het comité graag bij zou willen aanhaken, is bijvoorbeeld de herdenking op kerstavond bij de militaire oorlogsgraven. “We kunnen daar op dit moment niet zoveel aan bijdragen, net zoals het creatieve idee om na de dodenherdenking een theatervoorstelling te organiseren, vergelijkbaar met het Amsterdamse Theater na de Dam. Prachtig, maar wie kan ons geluid daarbij vertegenwoordigen? Dat geldt ook voor Keti Koti of een samenwerking met Cinema Enkhuizen. Ook bij de organisatie van de Walk of Peace en de Vrijheidsmaaltijd kunnen we versterking gebruiken.”


Jonge mensen

Het is duidelijk: Dieneke is op zoek naar nieuwe mensen. Wie zoekt ze? “Iedereen die zich herkent in de activiteiten van ons comité. Interesse in en kennis van het oorlogsverleden is zeker een vereiste, maar we zoeken vooral een open blik naar de maatschappij van nu met nieuwe, frisse ideeën. Het zou leuk zijn als wat jongere mensen zich aanmelden, want ik zie ons comité een beetje vergrijzen. Het is mooi om met een gemêleerd comité te werken. Er is nog zoveel te doen!”


Foto helemaal boven: Dieneke (3e van rechts) met burgemeester tijdens ceremonie in Enkhuizen.

Foto boven: Vrijwilligers (met Dieneke in het midden) staan klaar om het vuur in Wageningen in ontvangst te nemen



Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Romy veranderde haar studie én zichzelf door MDT

Door Maatschappelijke Diensttijd veranderde Romy Soepboer niet alleen van studie. Ze veranderde ook naar een meer zelfverzekerde en sociale jongedame. “Ik praat nu veel makkelijker met mensen, dat durfde ik vroeger echt niet. Ik sta steviger in mijn schoenen.” “Het ging niet zo goed met mij en mijn thuissituatie”, vertelt Romy. “Ik was heel onzeker, vrienden had ik niet en thuis was ik liever niet. Ik bleef daarom vaak langer op school hangen. Dat merkten ze op school ook en mijn mentor raadde me vrijwilligerswerk aan en verwees me door naar Vrijwilligerspunt. Daar kwam ik in gesprek met Fleur van Maatschappelijke Diensttijd en ik dacht gelijk: dat is wat voor mij.” Fleur legde Romy uit dat ze met Maatschappelijke Diensttijd (MDT), totaal 80 uur vrijwilligerswerk gaat doen en met trainingen en bijeenkomsten met andere MDT’ers werkt aan haar eigen ontwikkeling. “Ik voelde me best alleen en vond het leuk dat ik nieuwe mensen kon leren kennen via MDT. Daarnaast was ik ook niet meer zo zeker of ik wel rechten wilde gaan studeren, of toch iets socialer zoals het onderwijs. MDT is een goede manier om daar achter te komen.” Romy vertelde dat ze het leuk vindt om met taal bezig te zijn. Fleur adviseerde haar om taalvrijwilliger te worden. “Ik kreeg een training van Taalhuis Westfriesland en vond het gelijk leuk. Ik was 16 toen ik als taalvrijwilliger startte. Ik vond mezelf wel nog te jong om met ouderen te werken. Daar kwam ik achter toen ik werd gekoppeld aan een Chinese vrouw. Zij was veel ouder dan ik en ik wist niet goed hoe ik daarmee om moest gaan. Gelukkig vond de vrouw het leeftijdsverschil ook te groot en Vrijwilligerspunt zocht voor mij een betere match. Uiteindelijk kwam ik bij mij op school, het Horizon College, terecht in de klas om leerlingen van 15 tot 19 jaar tijdens de lessen te helpen met hun opdrachten. Het zijn leerlingen die nieuw zijn in Nederland en nog extra ondersteuning kunnen gebruiken bij de Nederlandse taal. Ik voelde me gelijk op mijn plek. Ik begrijp ook goed waar ze vandaan komen. Ook zij voelen zich vaak eenzaam en onzeker. Door de dingen die zij hebben meegemaakt, maar ook doordat ze nog niet goed genoeg de Nederlandse taal beheersen. Door hen te helpen, krijg ik zelf meer zelfvertrouwen. Je ziet ze groeien en ze zeggen ook vaak hoe blij en dankbaar ze zijn dat ik ze help.” Hoewel Romy inmiddels haar MDT heeft afgerond, is ze nog steeds als taalvrijwilliger actief. “Ik ben begin dit jaar gestopt met mijn studie Business Services. Door MDT weet ik het zeker: ik wil het onderwijs in. Volgend schooljaar begin ik met de studie Onderwijsassistent. Tot die tijd ben ik nog steeds in de klas te vinden en in de zomervakantie wil ik me ook inzetten als taalvrijwilliger. Ik heb mijn sociale kring echt uitgebreid. Er zijn vriendschappen ontstaan en in de pauzes heb ik het met de leerlingen die ik help gezellig. Ik vind het leuk om meer over hun cultuur te leren en zij over onze cultuur. Ik kan zelfs al een paar woorden Arabisch. Als ik volgend jaar weer ga studeren, zal ik minder tijd hebben voor vrijwilligerswerk, maar als het lukt, wil ik taalvrijwilliger blijven. Bijvoorbeeld als voorlezer voor jongere kinderen. Dat past goed bij mijn opleiding en lijkt me heel leuk.” Haar vrijwilligerswerk als taalvrijwilliger, heeft haar veel zekerder gemaakt. Romy: “Ik was heel onzeker over wat ik kon. Ik kreeg wel vaak genoeg te horen dat ik het goed deed, maar ik geloofde het gewoon niet, zo onzeker was ik over mezelf. Door de trainingen die in het MDT-traject worden aangeboden, zoals het stellen van doelen en presentatievaardigheden, ben ik steeds meer gaan geloven in mezelf. Ik leerde ook om mijn grenzen aan te geven. Ik wil iedereen graag helpen, maar ik kan er niet voor iedereen zijn. Ik durf nu eerder ‘nee’ te zeggen. Ik durf nu ook sneller met anderen het gesprek aan te gaan, zowel op school als daarbuiten. Dat heeft MDT mij gebracht. En dat vertel ik ook graag aan andere jongeren. Veel jongeren vinden het leuk om te horen hoe enthousiast ik erover ben. Maar zelf willen ze het dan toch vaak niet doen, omdat het vrijwillig is. Ik zeg dan dat ik er veel meer aan heb overgehouden dan geld. Geld is belangrijk, maar de ervaring die ik eruit heb gehaald, vind ik veel belangrijker!” MDT ook iets voor jou? Lees hier meer. Wil je taalvrijwilliger worden of daar meer over weten? Klik hier .
Lees meer

Leo is al veertig jaar penningmeester

Als je al veertig jaar penningmeester bent van verschillende verenigingen, zoals Leo Smit, heb je allemaal ontwikkelingen meegemaakt: van kasboek naar computerprogramma en van een fietstas vol acceptgiro’s naar een paar muisklikken en klaar. “Maar nu is het tijd voor een nieuwe, jonge generatie om het stokje over te pakken.” Als tennisliefhebber meldde Leo Smit zich in 1978 aan voor de gloednieuwe tennisclub Westerkogge in Avenhorn. “Wij waren hier net komen wonen en dit leek me een goede manier om mensen in mijn nieuwe woonplaats te leren kennen. We speelden toen nog in een lege schuur. Later kwamen er eigen tennisbanen, de vereniging groeide.” Rekenen en narekenen Lezers die jonger zijn dan pakweg dertig zullen zich verbazen over wat Leo vertelt. Toen hij penningmeester werd in 1981, werd de volledige boekhouding bijgehouden op papier. Geen computer, alleen een rekenmachine en grote schriften, waar Leo alle inkomsten en uitgaven in bijhield. “Ik werkte met zogenaamde doorschrijfboekhoudingen. Dat betekende rekenen, rekenen en nog een keer narekenen, want alles moest precies uitkomen. Uren was ik ermee bezig.” Ook de ledenadministratie kwam op Leo’s bordje. “Ik vond op zolder nog een ouderwetse kaartenbak, zo hielden we toen de gegevens bij. Om de contributie te innen, stuurde ik elk jaar brieven uit naar de leden, met een acceptgiro erbij. Bij leden in De Goorn en Avenhorn stopte ik ze zelf in de brievenbus, dat was makkelijker en goedkoper.” Op de computer Toen hij halverwege jaren tachtig via zijn werk boekhoudprogramma’s op de computer leerde kennen, zag hij meteen wat voor verschil dat zou maken. Al snel ging Tennisclub Westerkogge ook over op de computer. Hoewel, die digitalisering bracht ook weer werk met zich mee. “Ik hou nu een administratie bij van onze leden voor de tennisbond, eentje voor onszelf en dan hebben we nog een computersysteem waarmee mensen toegang krijgen tot het tennispark en de kleedkamers, dat beheer ik ook.” Er komen steeds meer kleine klusjes bij de penningmeester terecht, merkt Leo. Het kost hem bijna geen tijd, want alle gegevens zitten toch in zijn computer. “Moet er iets verstuurd worden vanuit het bestuur, dan doe ik dat via de mail. En ik hou elke dag de mailboxen bij.” Nerveus voor de kascommissie De leukste klus als penningmeester vindt Leo het opstellen van de begroting. Een sluitende begroting, natuurlijk. “Dat is elk jaar weer even puzzelen. Ons ledenaantal loopt wat terug, de vereniging vergrijst, en we willen liefst de contributie houden zoals ‘ie nu is. Ook samenwerken met de kascommissie is leuk om te doen. In het begin was ik daar wat nerveus over, ze controleren toch wat je doet, maar daar ben ik nu wel overheen.” De klus als penningmeester bevalt hem zo goed, dat hij ook bij zijn biljartvereniging de boeken bijhoudt. En toen de locatie waar de biljartvereniging speelt nog iemand zocht voor de administratie, stak Leo zijn vinger op. “Ik vind administratieve klussen gewoon heel leuk om te doen”, zegt hij. “Hoe kan het efficiënter? Dat zoek ik uit. En ik probeer subsidies te regelen voor de verenigingen, zoals nu voor de biljartclub.” Nieuw bloed welkom Helaas kan Leo zelf niet meer op de tennisbaan staan: zijn leeftijd en twee nieuwe heupen maken dat onmogelijk. “Daarom ben ik gaan biljarten, dat kan nog wél.” Dus hij denkt nu dat het misschien tijd wordt voor een nieuwe penningmeester om het werk op de tennisvereniging van hem over te nemen. “Tijd voor nieuw bloed in de club. Natuurlijk ben ik beschikbaar om mijn opvolger te helpen waar dat maar kan. Want als penningmeester kom je altijd van die klusjes tegen waarvan je je afvraagt: hoe hebben we dat vorige jaren ook alweer gedaan? Ik heb wel eens geprobeerd vast te leggen wat ik als penningmeester allemaal doe en weet, maar daar was geen beginnen aan. Liever leg ik het persoonlijk uit.” Blijft hij dan wel lid van tennisclub Westerkogge, als hij én niet meer tennist, én geen penningmeester meer is? “Ik ben erelid. En dat is een lidmaatschap voor het leven.” (Update: inmiddels heeft de tennisclub een nieuwe penningmeester).
Lees meer

Voorlezer Mieke was zeer welkom

Haar moeder hield van lezen, haar zussen houden van lezen en zelf is ze ook gek op lezen. Vrijwilligerswerk als voorlezer in het project SamenVoorlezen leek Mieke van Engen dan ook perfect. En het feit dat ze chronisch ziek is, blijkt geen enkel probleem voor het gezin van de 5-jarige Krystina. Ze houdt van boeken, van lezen en ook van voorlezen. En zoals ze erover praat, merk je meteen: ze kan het ook gewoon goed. Dus vrijwilligerswerk als voorlezer past perfect bij Mieke van Engen uit Westwoud. Toch had ze vooraf haar bedenkingen. “Ik ben chronisch ziek, dus ik zocht een gezin in de buurt. Dan kan ik er misschien met mijn scootmobiel wel komen. En lang rechtop zitten lukt me niet. Gelukkig was dat allemaal geen probleem voor het Poolse gezin waar ik via het project SamenVoorlezen aan werd voorgesteld.” Verstopt achter de bank De eerste kennismaking met de ouders van Krystina was hartverwarmend. “Natuurlijk verstopte dat kleine meisje zich achter de bank. Ze is nog maar vijf! Dus ik zei: waar is Krystina, ik zie haar helemaal niet! Toen was het ijs gebroken. En haar ouders waren heel blij dat er iemand kwam om te helpen met de taal.” Het eerste boekje dat Mieke meenam, was toch een beetje te makkelijk voor Krystina. Gauw op zoek naar andere boeken. Waar vind je die? Taalhuis heeft een boekenkast vol met boekjes die de voorlezers mogen gebruiken, maar Mieke keek ook even dichterbij. “Ik heb in een Facebook-groep aan mijn buren gevraagd wie me kon helpen. Al snel kreeg ik een reactie van mensen met kinderen in ongeveer dezelfde leeftijd. Ze waren meteen enthousiast: kom maar kijken in onze boekenkast, je kunt de boeken van ons lenen. Zij adviseerden de Gruffalo, en dat is nu onze favoriet. Wat een prachtig boek, zo’n leuk en grappig verhaal. De tekst is fijn om voor te lezen, op rijm, en de illustraties maken het nog leuker. Kijk, daar zit de muis weer met z’n nootje, zo griezelig ziet de Gruffalo eruit, zo bang is de slang. We hebben veel om het boek gelachen samen.” Welke taal is dit? Ook bij de kringloopwinkel en in de weggeefhoek op Facebook vond Mieke de mooiste kinderboeken. “De bibliotheek is voor mij een beetje lastig, maar dit werkt net zo goed. En deze boeken mag je gewoon houden! Ik heb inmiddels een flinke stapel in de kast van leuke voorleesboeken.” Krystina kletst er lekker op los met Mieke, haar taalontwikkeling gaat heel hard vooruit. “Tussen het voorlezen door deden we soms ook een kaartspelletje, ook een goede manier om taalvaardigheid te vergroten. Ik vond haar eigenlijk al best goed praten. Ze spreekt drie talen: Pools, Engels en Nederlands. Soms vroeg ze aan haar moeder: in welke taal moet ik dit zeggen? Ik heb bewondering voor zo’n klein grietje dat die talen allemaal leert. Dat is toch knap?” Over naar Groep 3 De leraren op de basisschool ontdekten het talentalent van Krystina ook. Na de zomer mag ze naar Groep 3, en dat was voordat het voorlezen begon nog maar de vraag. Krystina is heel blij en haar ouders ook. Die bedankten Mieke met een grote doos chocola en een mooie bos bloemen. “Haar ouders zijn sowieso lieve en warme mensen. Ik kan niet lang zitten, maar ik kon op hun bank lekker liggen. Wil je nog een paar kussens erbij, vroegen ze dan. Kon ik niet op mijn scootmobiel komen, dan boden ze aan om me op te halen en weer thuis te brengen. Andere dag beter? Geen probleem. Door flexibiliteit aan allebei de kanten, werd onze samenwerking een groot succes.” Mensen-mens Wat heeft het voorlezen Mieke zelf opgeleverd? “Iets betekenen voor iemand anders is heel bijzonder. Door mijn beperkingen kan ik niet meer zoveel doen voor andere mensen als ik zou willen, terwijl ik een echt mensen-mens ben. In dit gezin voelde ik me welkom en ik zag dat ik binnen mijn mogelijkheden een verschil heb kunnen maken. Ik kijk uit naar het volgende gezin waar ik kan voorlezen. Ik hoop dat het een kind van ongeveer dezelfde leeftijd is, dan kan ik mijn stapel boeken meenemen. En de Gruffalo ligt bovenop!”
Lees meer