Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools (opent in een nieuw venster)
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | augustus 2026 | 3 min lezen

Vrijwilliger Wouter Brozius heeft de slag te pakken

Wat begon met een open dag en een paar drumstokken, groeide uit tot vrijwillig bestuurswerk, het bestieren van een digitaal muziekarchief en de oprichting van een slagwerkgroep die hij bijna als zijn eigen kindje beschouwt. "Als ik ergens passie voor heb, wil ik er tijd in steken”, zegt het jonge bestuurslid van Muziekvereniging Kunst naar Kracht in De Goorn. 

Redactie Paul Luiken (NHD), foto Jonathan Mechanicus

"Ik ben door mijn moeder in de muziek terechtgekomen. Zij speelde al jaren bugel en cornet en nam mij mee naar een open dag van de Hoornse brassband, toen ik dertien was. Ik vond het meteen leuk genoeg om slagwerk te gaan spelen.”

Via de Hoornse Brassband kwam Wouter (29) uit Zwaag in steeds grotere muzikale netwerken terecht. "Als slagwerker word je best snel gevraagd om ergens in te vallen. Je speelt een concert mee en daarna hoor je weer via iemand anders van een volgend orkest. Zo groeit dat vanzelf. Via het Nationaal Jeugd Fanfare Orkest heb ik veel mensen leren kennen. Uiteindelijk vroeg Gerry Roskam mij om hier eens mee te spelen bij de brassband van Kunst naar Kracht. Ik vond het meteen een leuke club. Er hing een goede sfeer en het niveau lag ook hoger. De stukken waren uitdagender en dat sprak me aan.”

Dat niveau vindt hij nog steeds belangrijk. "We spelen in de eerste divisie. Dat betekent dat de muziek behoorlijk pittig is. We hebben ook ambities. We willen graag bij de beste orkesten van Nederland in de eerste divisie horen. Maar tegelijkertijd moet het ook gewoon gezellig blijven.” Volgens Wouter zit daar de grootste uitdaging. "Hoe hoger je wilt spelen, hoe meer je van mensen vraagt. Je moet thuis oefenen, extra repetities doen en soms een heel studieweekend meepakken. Maar mensen komen hier ook omdat ze het leuk vinden. Die balans moet je wel bewaken. Het moet niet alleen om presteren draaien.”

Juist die sfeer zorgde ervoor dat hij zich ook als vrijwilliger ging inzetten. "Ik heb mezelf aangeboden voor het bestuur. Ik vind het fijn als dingen goed geregeld zijn. Als ik ergens passie voor heb, wil ik er tijd in steken.” Inmiddels is hij secretaris van de vereniging. "Ik houd me bezig met contacten naar buiten toe, de mailbox, gastartiesten en allerlei organisatorische zaken. Daarnaast ben ik bibliothecaris. Dat betekent dat ik het archief van de bladmuziek beheer en waar nodig digitaliseer.” Dat archief levert soms verrassingen op. "We bestaan sinds 1922. Als je door die oude mappen gaat, kom je vergeelde partituren tegen van bijna honderd jaar geleden. Dat vind ik mooi om te zien. We zijn veel aan het digitaliseren, zodat alles ook op iPads en online beschikbaar is.”

Waarom hij zich zo graag inzet voor anderen, vindt Wouter lastig onder woorden te brengen. "Misschien is het een karakterding. Ik vind het gewoon fijn om te helpen als dat kan.” Dat geldt niet alleen voor de vereniging. Een paar jaar geleden werd hij op aanraden van zijn oom ook bloeddonor. "Dat geeft een goed gevoel. Als je iets kunt betekenen voor een ander, waarom zou je dat niet doen?” 

Video

Het meest enthousiast wordt hij als het gesprek op de slagwerkgroep komt, zijn oogappel. Wouter: "De groep ontstond in de coronaperiode. We wilden toen met de slagwerkers een video opnemen, net zoals veel orkesten deden. Daarna dachten we: waarom stoppen we hiermee als corona voorbij is? Toen zijn we verder gegaan.” Wat begon met vijf slagwerkers groeide uit tot een volwaardige groep. "Er kwam een dirigent, er kwamen leerlingen bij en inmiddels hebben we vijftien leden, waarvan er twee in de brassband spelen, waaronder ik.” Wouter spreekt bewust over ‘we’: "We zijn met een kleine commissie bezig, maar eigenlijk zijn we ook een vriendengroep geworden. We zitten een beetje in dezelfde levensfase en hebben veel vrijheid om dingen uit te proberen. Als de dirigent een keer niet kan, organiseren we zelf een repetitie of een workshop. Daardoor voelt het echt alsof we samen iets opbouwen.”

Over vijf jaar ziet hij zichzelf nog steeds rondlopen in het verenigingsgebouw. "Zeker weten. Vooral bij de slagwerkgroep. Daar ligt echt mijn hart.” En die stap naar de allerhoogste divisie? "Natuurlijk wil je beter worden. Maar op een gegeven moment ga je ook steeds meer van mensen vragen. Het moet ook gewoon leuk blijven, het gaat om de balans vinden. Volgens mij zit juist daarin de kracht van deze vereniging.”

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Sven vaart én vertelt op de Hoornse watertaxi

Sven Post (28) uit Hoorn is vrijwilliger bij de Hoornse watertaxi. In het weekend werkt hij op het water, doordeweeks in de contentmarketing. Sven werd varend tourgids via zijn vader Ed: "Ik ging een paar keer mee om te kijken of ik het leuk vond.” Dat bleek. Ook vanwege zijn interesse voor geschiedenis: "Ik heb thuis allerlei boeken liggen over Hoorn, de Slag op de Zuiderzee, dat soort dingen. Dat sloot er mooi op aan.” Redactie: Paul Luiken (NHD), fotograaf: Jonathan Mechanicus Sinds 2024 vaart Sven zelfstandig als varend verteller op een bakdekker; een historische boot waar zo’n dertien mensen op kunnen. ,"Het lijkt simpel: varen en vertellen”, zegt hij. "Maar dat is het niet. De bakdekker is groot en log. Als je wind tegen hebt, moet je hem goed leggen, anders kan niemand je verstaan.” Drijvende baksteen De kunst van het aanleggen. "Dat was wel even wennen. Het is echt een drijvende baksteen", zegt hij. "Een sloep reageert direct. Maar dit schip is veel zwaarder, terwijl je ook nog met stroming en wind te maken hebt. Maar na een tijdje krijg je er handigheid in. Je leert trucjes. Bijvoorbeeld: eerst een lijn vastmaken en dan insturen, zodat de achterkant vanzelf tegen de kade komt.” Naast het varen is er het vertellen. Daar zat in het begin de meeste spanning. "Ik vind vertellen leuk, maar spreken in het openbaar vond ik wel spannend. Mijn eerste keer was meteen voor een grote groep uit een verzorgingshuis, met meerdere boten tegelijk. Dat was wel even aanpoten.” Barbarijse zeerovers "In het begin vertelde ik het vaste basisverhaal, een verhaal dat we klaar hebben liggen. Maar na een tijdje liet ik dat een beetje los. Ik vind het leuk om dingen uit boeken te halen en daar mijn eigen draai aan te geven. Sven vertelt vol enthousiasme over het ontstaan van Hoorn, over handel, over de Slag op de Zuiderzee. Maar ook kleine, menselijke verhalen: "Dan vertel ik bijvoorbeeld dat het Venidse vernoemd is naar Venetië. Of dat er vroeger een oud vrouwtje langs de haven ging om geld op te halen om zeelieden vrij te kopen die door Barbarijse zeerovers waren gekidnapt.” Soms weet iemand aan boord zelf ook veel te vertellen. "Dan laat ik dat gewoon gebeuren. Tenzij het echt niet klopt, je wilt wel dat mensen met het juiste verhaal naar huis gaan.” Varen en vertellen Sven ziet zijn medewerking aan de watertaxi puur als vrijwilligerswerk. "Ik doe het echt omdat ik het leuk vind. Je krijgt soms fooi, maar dat is niet belangrijk. Het gaat mij om het varen en het vertellen. Als ik klaar ben ga ik weer naar huis, simpel. Een eigen boot lijkt me niks, al dat onderhoud. Maar op deze manier is het perfect.” De watertaxi is meer dan alleen rondjes varen met een gids. "We doen ook ritjes. Naar het stadsstrand, naar Oranje Buiten. Of soms iets verder, zoals naar Volendam varen met een groep. Dan zet je mensen af, zij gaan een dagje weg en wij gaan een visje halen.” In de zomer is het druk: "In april begint het seizoen en dat loopt door tot oktober. Dan sta je elk weekend op de boot.” Dat wordt ook opgemerkt door zijn omgeving: "Alweer op vakantie geweest, vroegen collega’s dan. Maar van dat varen krijg je nou eenmaal een bruine kop; bij mooi weer blijf je smeren.” Sfeer op het water "Wat ik mooi vind op het water, is de sfeer onderling. De mensen zijn anders. Vriendelijk, geduldig. Mensen helpen elkaar. Toch heel anders dan automobilisten.” Die hulpvaardigheid heeft hij nu zelf ook: "Al in het begin kreeg ik te maken met iemand op het water met een boot waarvan de motor kapot was. Op een compleet windstille dag. Dan vaar je daarheen en sleep je zo’n iemand naar de haven. Dat doe je gewoon. Dat hoort erbij.” Die verantwoordelijkheid hoort bij het werk, ook al is het nog zo vrijwillig: "Jij bent de schipper van de boot. Mensen stellen vertrouwen in je en dat moet je waarmaken. Zeker als het weer omslaat: we kwamen een keer terug van Enkhuizen en ineens ging het hard waaien. Met kleine kinderen aan boord. Dan moet iemand de leiding nemen, anders raken de mensen in paniek. Voor die verantwoordelijkheid schrik ik niet terug.” Sven geniet van zijn job. "Het is gewoon mooi om te doen. Varen, verhalen vertellen, mensen iets meegeven over de stad. Het is echt een hobby. Ik zie me voorlopig niet stoppen.”
Lees meer

Scheidsrechter Lars; “Als je het leuk lijkt, moet je het gewoon proberen”

Dat vijftienjarigen op het voetbalveld staan, is niet zo bijzonder. Dat ze een scheidsrechterspak dragen en een fluit hanteren, is minder alledaags. Voor Lars Hart uit Hoorn (15) is het de gewoonste zaak van de wereld. Lars is scheidsrechter bij zijn Always Forward: “Ik was gewoon benieuwd hoe moeilijk het eigenlijk is om beslissingen te nemen.” Redactie: Paul Luiken NHD, Fotografie: Jonathan Mechanicus Het begon vrij toevallig, vertelt Lars. “Na een wedstrijd sprak ik met de scheidsrechtercoördinator van de club. Die vroeg of ik het misschien leuk zou vinden om eens een wedstrijd te fluiten.” Lars was toen veertien. “Ik dacht: waarom niet? Ik voetbal zelf ook, het leek me interessant om te zien hoe het is aan de andere kant.” Dat beviel. Inmiddels heeft hij de scheidsrechterscursus van de KNVB afgerond en fluit hij wedstrijden tot en met Onder 15, soms zelfs op hoofdklasseniveau. “Omdat Lars zelf voetbalt in Onder 16-3 blijft het meestal bij één wedstrijd per weekend. “Ik wil het wel blijven combineren met zelf voetballen.” De eerste keer “De eerste wedstrijd was even spannend. “Maar ik vond het vooral leuk. Daarna dacht ik: ik ga hier gewoon voor. De combinatie van sport en verantwoordelijkheid spreekt me aan. Je bent buiten, je hebt contact met mensen en het heeft natuurlijk met voetbal te maken.” Er komt er volgens Lars heel wat kijken bij een wedstrijd fluiten: “Regels kennen is één ding, maar je moet wel een wedstrijd kunnen aanvoelen. Weten wanneer je een kaart geeft, wanneer je een grensrechter kunt vertrouwen en wanneer je een beslissing moet nemen.” Vóór de wedstrijd legt Lars de grensrechters dan ook uit wat hij van ze verwacht. Zelfverzekerd zijn Scheidsrechter zijn betekent ook: kunnen omgaan met commentaar op en langs het veld. “Ach, dat is adrenaline. Tijdens de wedstrijd kan iemand boos zijn, maar daarna zeggen ze vaak dat het toch wel een goede beslissing was. Meestal hoor ik gewoon: bedankt voor het fluiten. Je moet zelfverzekerd zijn. Als je onzeker overkomt, denken spelers: die scheidsrechter is bang, daar kunnen we wel wat bij proberen. Daarom mag alleen de aanvoerder met me in gesprek. Als anderen beginnen te praten, krijgen ze eerst een waarschuwing. Daarna kan het een gele kaart worden. Dat zijn gewoon de regels.” Natuurlijk steekt Lars zo ook zelf het nodige op: “Je moet geen vooroordelen hebben. De grootste herrieschoppers kunnen op het veld heel rustig zijn en de stilste mensen kunnen soms heel onverwacht uit de hoek komen.” Als het misgaat Soms ontstaan er situaties waarin een scheidsrechter snel moet handelen. Lars maakte één keer een vechtpartij mee tijdens een jeugdwedstrijd. “Dan moet je eerst afstand nemen. Je wacht tot de coaches en spelers het oplossen en daarna praat je met de teams. En dan deel je eventueel kaarten uit. Je moet proberen te onthouden wie wat doet, er zijn geen camerabeelden.” Talententraject Bij Always Forward wordt Lars gezien als talent en volgt daarom een speciaal begeleidingstraject. Sommige wedstrijden worden gefilmd en teruggekeken met de coördinator. “Dan bespreken we wat er beter kan. Bijvoorbeeld over je looplijnen op het veld of hoe je een situatie aanpakt. Zij komen ook langs bij wedstrijden om later feedback te geven.” Kritische volwassenen De felste reacties komen volgens Lars vaak van volwassenen langs de lijn. “Die zijn meestal kritischer. Soms zeggen ze dingen die niet zo aardig zijn. In het begin dacht ik wel eens: hou gewoon je mond. Maar nu laat ik het van me afglijden. Ik sta hier in mijn vrije tijd. Ik had net zo goed thuis kunnen zitten.” Onmisbaar Volgens Lars wordt het belang van scheidsrechters vaak onderschat. Hij weet als voetballer zelf wat er gebeurt als er niemand is om te fluiten. “Dan wordt het een vader of moeder. Maar als die die de regels niet goed kent, gaan spelers sneller de grens opzoeken. Dat kan echt problemen geven.” Een scheidsrechter zorgt volgens Lars voor rust op het veld. “Ik begin meestal een beetje streng, maar als alles lekker loopt, hoeft dat niet meer. De mooiste wedstrijden zijn wedstrijden die soepel verlopen. Dat iedereen luistert en dat je alleen op het spel hoeft te letten.” Gewoon doen Voorlopig blijft Lars het fluiten combineren met school, voetbal en tennis. Eerst het eindexamen en daarna de bakkersopleiding in Heerhugowaard. Voor leeftijdgenoten die het fluiten overwegen heeft Lars een boodschap. “Als je het leuk lijkt, moet je het gewoon proberen. Je bent buiten, je ontmoet mensen en je doet iets voor de club. En nog belangrijker: zonder scheidsrechter is er gewoon geen wedstrijd.”
Lees meer

Erik temt de tuin

Overwoekert zevenblad alle andere bodembedekkers? Heeft de klimop de schutting beklommen? En nemen de paardenbloemen en het mos je gazon over? Erik Romkes helpt als tuinvrijwilliger mensen die hun tuin niet meer de baas kunnen. Voor priegelige bloemenperkjes moet je niet bij hem aankloppen, geef hem maar een klus waarbij hij flink kan buffelen. Voor het vinden van geschikt vrijwilligerswerk nam Erik Romkes even de tijd. Hij houdt van schaken, dus misschien zou hij potjes kunnen schaken met mensen in een verzorgingshuis? Uiteindelijk nam hij contact op met Vrijwilligerspunt en vond zo vrijwilligerswerk dat bij hem past. ‘Ik zat eigenlijk niet te wachten op een vaste afspraak elke week, nu ik door mijn pensioen de tijd aan mezelf had’, zegt hij. ‘Losse klussen passen beter bij me. Maar een schilderklus, wat ik eerst heb geprobeerd, was het ook niet helemaal. Ik hou niet zo van schilderen, bleek al snel. Hoewel mensen blij waren met mijn werk, vind ik dat ik er zelf ook lol aan mag beleven.’ Toen adviseerde Vrijwilligerspunt om tuinvrijwilliger te worden. Bij zijn eerste tuinklus voelde hij meteen: dit is het. Hij werd losgelaten in een tuin die al jaren was verwaarloosd. ‘Ik kon er als een blind paard tekeer gaan. De groene bak zat tot de rand vol met onkruid en afgesnoeide takken. En de mensen waren ontzettend blij dat hun tuin er beter uitzag.’ Welkom in de jungle Laat Erik maar flink buffelen, dat heeft hij het liefst. Verwaarloosde tuinen, een echte jungle, daar kan hij zijn hart ophalen. ‘Het zijn vaak oudere mensen waar het huis binnen keurig is. Maar de tuin lukt niet meer, door gezondheidsklachten of een gebrek aan energie’, vertelt hij. ‘Natuurlijk heb ik altijd tijd om tussendoor een kop koffie te drinken. Dan kletsen we over de familie, we bladeren door oude fotoalbums. Ik vind het fijn om de verhalen van vroeger te horen.’ En daarna gaat Erik weer tekeer in de tuin. Snoeien, struiken eruit trekken, onkruid wegmaaien, het kan hem niet te gek. Onder zijn handen zie je de tuin opknappen. En na een paar dagen is de klus geklaard. ‘Bij sommige mensen kom ik na een paar maanden weer terug. Want het onkruid blijft gewoon groeien.’ Geen groene vingers Hij nam al zeker vijftien tuinen onder handen, tot groot genoegen van de tuineigenaren. Wat zo gek is: Erik heeft totaal geen groene vingers. ‘Soms vragen mensen me: wat moet ik hier planten, wat moet ik met deze struik doen, wat adviseer je? Ik heb geen idee. Ze moeten me aanwijzen waar de hortensia’s staan, anders trek ik die er ook uit. Ik ben goed voor het grove werk. Laatst kwam ineens onder de wilde struiken een beeld tevoorschijn. Verrek, dat stond daar inderdaad, zei de eigenaar. Waren ze helemaal vergeten, het was ook niet meer te zien. Maar toen ik vertrok, stond het te pronken in de zon. Dik tevreden reed ik naar huis.’ Tuinvrijwilliger misschien iets voor jou? Kijk op www.vrijwilligerspunt.com/tuinvrijwilliger voor alle vacatures.
Lees meer