Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | februari 2021 | Doe es gewoon vrijwillig | 2 min lezen

Piet komt langs voor kleine klussen

Een muurtje witten, een schilderij ophangen of een lampje vervangen: allemaal kleine klusjes in huis waar vrijwilliger Piet de Vries voor langs komt. ‘Als ik mensen kan helpen, dan doe ik dat natuurlijk graag.’


Geen gereedschapskoffer, geen technisch inzicht of gewoon twee linkerhanden? Maakt niks uit, want klusvrijwilliger Piet de Vries helpt jong en oud met allerlei kleine klusjes in huis. Gordijnrails ophangen, een lampje vervangen of het onkruid wieden; Piet draait z’n hand er niet voor om. ‘Iemand vroeg me om een lampje op te hangen in de badkamer. Kom ik daar, blijkt er gewoon een peertje aan een kaal draadje te hangen. Levensgevaarlijk! Ja, dat heb ik meteen gefikst.’


Creatief type

Piet was jaren conciërge op een school in Midwoud, waar hij ook lessen handvaardigheid gaf aan de kinderen. ‘De ene week figuurzagen, de andere week gingen we oude radio’s uit elkaar schroeven. Heel leerzaam om zo’n elektrisch apparaat te slopen en alle onderdelen te sorteren.’ Maar Piets technisch talent ontwikkelde zich ook toen hij dakkappelen ging monteren en lichtstraten plaatsen. ‘Volgens mijn vriendin komt dat door m’n sterrenbeeld, alle Kreeften zijn creatieve types. En dat klopt wel. Ik heb voor mezelf ook mooie kerstversiering gemaakt van spullen die ik her en der bij elkaar heb gescharreld en ik heb daarvan een mooie wanddecoratie gemaakt.’


Vier dagen witten

Vaak genoeg komt Piet voor één klus bij iemand langs en pakt hij klus twee en drie gelijk even mee. ‘Iemand wilde een muurtje laten witten en toen ik kwam kijken, zag ik al: dat wordt niks. Ik heb haar voorgesteld om de hele kamer te rollen, inclusief plafond. Haar kinderen gingen ook helpen, die hebben de keuken opnieuw behangen. En toen merkte ik ook dat de tuinpoort klemde, heb ik die ook gerepareerd. Het was een flinke klus, we zijn vier dagen bezig geweest, maar dan is ook alles weer spic en span.’


Jonge god

De laatste maanden kan Piet door wat medische omstandigheden minder vaak aan de slag als hij zou willen en grote klussen laat hij even aan zich voorbijgaan. ‘Laminaat leggen is bijvoorbeeld toch behoorlijk inspannend: opstaan, knielen en dan tussen alle meubels door manoeuvreren. Dan kan ik me wel een jonge god voelen, maar in de praktijk valt het tegen.’ Toch kan hij het niet laten. Laatst stond hij toch weer op de ladder. ‘Even een nieuw lampje indraaien bij een oudere meneer in huis, die had knipperlicht in zijn douche. Als ik mensen kan helpen, dan doe ik dat graag. Soms, als het veel werk is, voor een kleine vergoeding. En natuurlijk blijf ik dan ook even kletsen, want veel mensen zijn ook om een praatje verlegen. Want daar gaat het ook om hè? Sociaal contact met mensen is heel belangrijk.’


Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Dick brengt het museum op stoom

| Doe es gewoon vrijwillig

Sinds vier jaar mag Dick Reinold de meeste machines van het voormalig stoomgemaal ‘Vier Noorder Koggen’ in het Stoommachinemuseum in Medemblik bedienen. De benodigde stoom wordt in het museum zélf geproduceerd. “Het is niet gewoon maar hout in brand steken, maar economisch stoken. Niet dat je heel Medemblik staat op te warmen, terwijl er geen pufje stoom uit de stoommachines komt.” 20 jaar geleden werd Dick door zijn overbuurman, die daar verteller/rondleider was, gevraagd om vrijwilliger te worden bij het Stoommachinemuseum. “Dat was toen nog te vroeg. Ik werkte in een productiebedrijf met machines, dus stoommachines trok me zeker, maar ik had er gewoonweg nog geen tijd voor. Maar toen ik met pensioen ging, reageerde ik op de vrijwilligersvacature van administrateur voor vriendenvereniging van het Stoommachinemuseum. Het gesprek was in de horeca van het museum. Vlak na het gesprek werd ik door een medewerker van het museum gevraagd of ik niet ook vrijwilliger in het museum wilde worden. Ik kreeg een rondleiding en ik was meteen verkocht. Ik besloot beide te gaan doen.” Interne opleiding Sleutelen aan auto’s, motoren en brommers deed Dick al in zijn vrije tijd, maar stoommachines onderhouden en bedienen, is toch echt een vak apart. “Het is niet zo dat je gelijk machinist of stoker wordt, daar moet je voor opgeleid worden. Met alleen hout in brand steken, krijg je namelijk nog geen stoom. Het museum biedt interne opleidingen aan, dus eigenlijk kan iedereen, ook als je niet technisch bent onderlegd, machinist of stoker worden.” Meer vrijwilligers Er werken 80 vrijwilligers in het museum, maar meer is nodig. “Dat lijkt misschien veel, maar we zijn minimaal zes dagen per week open en er is veel werk te doen. En het zijn ook voornamelijk ouderen, die het straks misschien niet meer kunnen. Dus we hebben vooral ook jongeren nodig. Zonder vrijwilligers zou het museum niet open kunnen.” Interactie Iedere vrijdag werkt Dick in het museum. “Als de machines op stoom moeten worden gebracht, ben ik er al voor openingstijd van het museum. Heb je elektriciteit nodig, dan zet je dat aan met een druk op de knop, maar voor stoom moet je geduld hebben. Is de ketel echt koud, dan kan het wel drie dagen duren. Ik vind vooral de interactie met de bezoekers leuk. Als ik aan het werk ben, ben ik geconcentreerd bezig, maar maak altijd even tijd om bezoekers uitleg te geven. Laatst bleef een dame me maar vragen stellen. Extra leuk, want het zijn toch veelal mannen die interesse hebben in stoomtechniek. Onderling hebben we het ook erg leuk. We zijn een hecht team en staan voor elkaar klaar. Ook als je ‘gewoon’ even je ziek en zeer wilt delen.” Stookdiploma Vooral kinderen vinden ons museum geweldig. En helemaal als ze zelf hout in het vuur mogen gooien. Sommigen vinden het eng, want zo’n ketel is toch heel groot en heet. Maar de meesten willen wel. Ze krijgen na afloop een stookdiploma en daar zijn ze dan super trots op! Hopelijk hebben we ze zo enthousiast gemaakt, dat ze onze vrijwilligers van de toekomst worden.”
Lees meer

Piet redt boten in nood

| Doe es gewoon vrijwillig

Boot in nood op het IJsselmeer? Dan gaat de pieper van schipper Piet Winterhoff, de KNRM moet in actie komen. Binnen tien minuten zitten vrijwilligers van de reddingsmaatschappij in een boot op het water. ‘We moeten als vrijwilligers op elkaar kunnen vertrouwen, zeker als we bij windkracht 8 uit moeten varen.’ Zo’n veertig keer per jaar wordt de hulp van de Koninklijke Nederlandse Reddings Maatschappij (KNRM) ingeroepen. Vooral in de zomer, als het IJsselmeer vol ligt met zeilers en andere watersporters. ‘Dan kan het voorkomen dat we drie keer op een dag in actie komen. Als we worden opgeroepen, gaan we zo snel mogelijk naar het boothuis. De eerste die er is, laat alvast de boot in het water, de rest trekt snel het pak aan. De schipper gaat bellen: wat is het probleem precies? En hoe acuut is het?’ Meestal gaat het om technische problemen: een brandje aan boord, een probleem met de mast of met de motor. ‘Soms is een persoon te water of een boot aan de grond gelopen. Of er is ergens een onbemande boot gevonden, of een kite zonder surfer. Reden om je zorgen te maken. We gaan erop af, altijd met minimaal drie mensen, en we zien wat er aan de hand is. Dan voelen we adrenaline en spanning, maar door de training blijven we kalm.’ Matrozen in de problemen De actie van een paar weken geleden, toen jonge matrozen in de problemen kwamen door de harde wind staat Piet nog goed bij. ‘Den Oever vroeg of we wilden helpen, ze redden het niet alleen. Onderweg hoorden we dat meer dan twintig jonge mensen van de marine door de harde wind richting Friesland dreven op hun rubberen boten. Eentje was in het water geraakt, iemand anders had zich bezeerd. Gelukkig is alles goed afgelopen, maar dat weet je niet op het moment dat je er naartoe vaart.’ Modelbouw Piet raakte al jong geïnteresseerd in de reddingsmaatschappij. ‘Als kind bouwde ik modelboten, ik vroeg de KNRM of ik bouwtekeningen van hun schip kon krijgen om na te maken. Zo kwam ik met ze in contact. Ik vond het werk boeiend, maar ik kon er niet bij: ik woonde te ver van het station. Acht jaar geleden kon ik toch meedoen: ik werk in Medemblik, dus vanaf mijn werk ben ik snel bij het bootshuis.’ De bemanning komt elke week bij elkaar om te oefenen, een paar keer per jaar trainen ze samen met het buurtstation Andijk. ‘Het is wel de bedoeling dat alle vrijwilligers daar altijd bij aanwezig zijn, ja. Je moet toch je kennis op peil houden. En het is goed om elkaar te kennen, je moet op elkaar kunnen vertrouwen. Niet alleen als we in het zonnetje lekker genieten van het varen, maar ook als we bij windkracht 8 ergens op af moeten.’ Zeebenen een pre Vrijwilligers tekort? Absoluut! ‘We zijn nu maar met een man of veertien, en als je bedenkt dat er altijd minimaal drie of vier mensen oproepbaar moeten zijn, dan begrijp je dat we extra hulp kunnen gebruiken. Een aantal aspirant-leden konden door corona niet instromen, en we zoeken meer mensen. Affiniteit met watersport is een pre, maar mensen hoeven geen ervaren zeeman te zijn. Ze krijgen na een beginnersintroductie een uitgebreide opleiding van de KNRM, die ongeveer drie jaar duurt.’ In die tijd halen vrijwilligers hun vaarbewijs, marifoontraining, een EHBO-opleiding met extra informatie over onderkoeling en verdrinking en ze doen verschillende veiligheidstrainingen. Het mooiste van die opleiding? ‘De helikoptertraining is spectaculair. Ik heb nu vier keer in een helikopter gevlogen, maar nog niet één keer ben ik normaal ingestapt, altijd via een lijn vanaf een bootje omhoog gehesen. Absoluut spannend, een beetje eng ook wel, maar echt geweldig.’
Lees meer

Hans maakt van kniehoog onkruid een gezellige tuin

| Doe es gewoon vrijwillig

Groene vingers? Niet per se, maar Hans de Vries werkt graag in de tuin. In corona-tijd helpt hij mensen die door omstandigheden hun eigen tuin niet kunnen bijhouden. ‘Als mensen het niet zelf meer redden, kunnen ze beter snel hulp inroepen, dan de tuin te verwaarlozen.’ Vijftien tuintjes heeft Hans al onder handen genomen. Heel klein, heel groot, een puinhoop of maar een beetje onkruid, hij heeft overal al op zijn knieën tussen gezeten. ‘Een mevrouw vroeg me of ik de viooltjes uit haar tuin in een grote pot zou kunnen zetten. Ze zat sinds kort in een rolstoel, en dan kon ze ze toch nog zelf verzorgen. Ik ging aan de slag, maar kwam er al snel achter waarom zij de enige in Enkhuizen was die het hele jaar bloeiende violen in de tuin had: het waren kunstplanten.’ Koppie doen, praatje maken Bel je Hans, dan komt hij eerst even kijken. Wat voor tuin is dit, kan hij er wat van maken? Maar hij heeft er nog nooit eentje geweigerd. ‘Ik ben natuurlijk geen hovenier,’ zegt hij. ‘Ik vind tuinieren gewoon wel leuk. Bestrating leggen, een schutting zetten: dat kan ik echt niet, daar moet je iemand anders voor hebben. En het kan gebeuren dat ik per ongeluk iets verkeerd snoei. Meestal gaat het goed en de tuinen knappen er enorm van op als ze weer even stevig onder handen zijn genomen.’ De eigenaars van de tuinen trouwens ook, vertelt Hans. ‘We doen een koppie, maken een praatje. Bij sommige mensen is de wereld erg klein, en door corona is dat nog erger geworden.’ Onkruid tussen stenen Wie zijn hulp nodig heeft, kan op ‘m rekenen. Hans stelt geen moeilijke vragen, maar gaat gewoon aan de slag. ‘Een paar uurtjes aan de slag en de tuin ziet er weer gezellig uit. De heg knippen, het onkruid tussen de stenen weg.’ Het zijn niet altijd mensen die door een fysieke handicap of een hoge leeftijd niet meer kunnen schoffelen of spitten, ook jonge mensen hebben de hulp van Hans nodig. ‘Je kunt het niet altijd aan iemand zien waarom ze het niet redden met de tuin. Mensen kunnen alle soorten problemen hebben. Het maakt mij niet uit.’ Hooien Een tip van Hans: bel niet te laat. ‘Mensen schuiven het een tijdje voor zich uit, ze vinden het moeilijk om hulp in te roepen. Of misschien denken ze dat ze binnenkort wel weer aan de tuin toekomen, of dat familie wel wil bijspringen. Maar als het onkruid al een tijdje kan woekeren, is het lastig om het er helemaal uit te krijgen. Soms lijkt het wel hooien! En volwassen onkruid heeft dikke, taaie wortels, die trek je niet zo makkelijk uit de grond.’ Dan maar tegels in de hele tuin? Makkelijk onderhoud, geen ruimte voor onkruid... Maar Hans vindt dat een slecht idee. ‘Waar moet het water heen? Wat blijft er voor de vogels en de insecten? Nee, een tuin kun je beter groen houden. Dat betekent niet dat je er veel werk aan hebt. Kies bijvoorbeeld voor bodembedekkers, dan groeit het mooi vol en krijgt het onkruid geen kans meer. Laat een paar struiken staan en kies bloeiende perkplanten en bloemen voor de bijen. Op bepaalde plekken kun je straatsteentjes leggen, zodat je er lekker kunt zitten of makkelijk overal bij kunt komen.’ ‘Vraag naar mij’ Aan de muur hangt binnenkort een portretje dat een tevreden klant, een kunstenaar, van hem gaat tekenen, ‘als bedankje, prachtig toch?’ en als het tuinleven weer begint, komt Hans weer in de spieren. Bij vertrouwde adressen, verwacht hij. ‘Tegen een paar mensen heb ik gezegd: bel in de lente weer naar het Vrijwilligerspunt en vraag maar naar mij. Het gaat niet alleen om de tuin, het gaat ook om het sociaal contact.’ Foto: Hans samen met Hillie Groot waar Hans ook de tuin doet.
Lees meer