Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools (opent in een nieuw venster)
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | mei 2021 | 2 min lezen

Merel komt elke week op de koffie

Eens per week springt Merel Stroet op de fiets om een kopje koffie te drinken bij haar bezoekbuddy. ‘Soms kijken we een film, soms kletsen we even, soms gaan we naar buiten. Het maakt niet uit, het gaat om een gezellige middag.’


Merel nam even een tussenjaar om te werken in de horeca, zodat ze kon bedenken welke kant ze op zou gaan met haar opleiding. Maar toen kwam corona, dus haar plan viel in het water. ‘Ik heb me meteen aangemeld om vrijwilligerswerk te gaan doen,’ vertelt ze. ‘Anders ga ik me vervelen. En met vrijwilligerswerk maak ik iemand anders ook blij.’ Via het Oranje Fonds werd ze gekoppeld aan Eric-Jan, een man van in de vijftig met niet-aangeboren hersenletsel. ‘De eerste keer ging ik samen met de begeleider van de vrijwilligersorganisatie bij hem langs, om kennis te maken. We kunnen het goed met elkaar vinden, dus nu ga ik ongeveer eens per week even bij hem langs voor een bakkie koffie.’


Genoeg te bespreken

Het leeftijdsverschil tussen de twee is groot, maar dat maakt niet uit. ‘We hebben genoeg om te bespreken, bijvoorbeeld over reizen die hij heeft gemaakt en over alle dingen die hij nu nog doet. Hij geeft bijvoorbeeld computerles, dus daar hebben we het over. Of we doen een puzzel, soms buiten. En soms kijken we een film of spelen we een spelletje. Ik ben ook blij dat er steeds meer horeca opengaat, dan kunnen we weer een keertje koffiedrinken in de stad of ergens naartoe.’


Goede filmtips

Eric-Jan had van tevoren niet zo’n beeld van een bezoekvrijwilliger, maar met Merel klikt het goed. ‘Ze vertelde bij de kennismaking over films die ze mooi vindt. Marvel-films, daar hou ik niet zo van. Maar ik had nog een aantal filmtips die zij niet had gezien, dus die hebben we samen bekeken. En die vond ze hartstikke goed. Kijk, dan ziet zij ook een keer een goeie film, mijn goede smaak dring ik haar dan op. Gelukkig kan zij er ook om lachen, als ik dat zeg.’


Inspirerend

Dit is relaxt, laagdrempelig vrijwilligerswerk, volgens Merel. ‘We hebben geen diepe gesprekken, het moet gewoon een gezellige middag zijn. Toch leer ik er veel van. Ik vind het inspirerend hoe hij, ondanks alles wat hij heeft meegemaakt en de beperkingen van het hersenletsel, zoveel onderneemt. Je moet zelf iets van je leven maken, dat laat hij me wel zien.’


Wil jij ook ‘es gewoon vrijwillig doen’? Meld je aan via de campagnepagina!

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Ik werd de tennisvereniging ingezogen

“Hee Niels, waarom kunnen we geen Champions League meer kijken!?”, klinkt het quasi-verbolgen vanaf het terras van Tennis en padelvereniging De Hulk, aan het uiterste puntje van de Grote Waal in Hoorn. “Werd te duur. Wij moeten ook op de kleintjes letten!” Aan het woord is Niels van Dijk, 28 jaar, getrouwd, vader van een dochter en sinds enkele maanden voorzitter van De Hulk. “Jong? Misschien. Maar ik kom al mijn hele leven bij de vereniging. Ik ben er een beetje ingezogen. Mijn ouders gingen hier tennissen toen ze in de wijk kwamen wonen, mijn zusje ook, mijn moeder kwam in de jeugdcommissie. Dan gaat het vanzelf.” Redactie: Paul Luiken (NHD), fotografie Marc Rob Eerst combineerde Niels tennis met voetballen bij Zwaluwen en Forward. Maar op een gegeven moment werd het een beetje veel en koos hij voor het racket. "Ik had een leuke groep, speelde competitie, werd kampioen. Maar wat ik vooral mooi aan tennis vind: na een wedstrijd ga je zitten met je tegenstander. Je bent fanatiek, je wil winnen, maar het moet wel gezellig blijven. Bij de vereniging hanteren wij de leus: ‘sportiviteit en gezelligheid in één slag’. Dat past wel bij mij.” Dartbord Het verklaart ook waarom hij bleef hangen toen de jeugdjaren voorbij waren. Eerst als speler, daarna ook als vrijwilliger. 'Er was ooit behoefte aan een dartbord. Nou, dat mocht ik regelen, van het bestuur. Maar ‘doe dan gelijk vier borden. En organiseer meteen een toernooitje’, zeiden ze.” In 2022 werd hij seniorencoördinator, de schakel tussen bestuur en commissies. 'Dan zit je er al meteen middenin. Je ziet hoe de hazen lopen. En dan volgt de stap naar het voorzitterschap. De vorige voorzitter, Arthur Henar, had al aangegeven dat hij wilde stoppen zodra de club ‘af’ was: padelbanen aangelegd, kantine vernieuwd. ‘Dan kan er een strik omheen’, zei hij.” 'Mijn naam viel al vroeg, als beoogde nieuwe voorzitter. Ze zeiden: jij kent de club, jij weet wie wat doet. Tijdens de ledenvergadering werd ik unaniem voorgedragen. Dat gaf echt een kick. Het vertrouwen dat daaruit sprak. Dat mijn vaste tennismaatje Rob Groot aangaf dat hij dan wel penningmeester wilde worden, gaf het laatste zetje.” Minder brandjes blussen 'Of ik het anders doe? Mwoah, misschien dat we met dit wat jongere bestuur iets meer met de tijd meegaan. Kijk, mensen hebben het drukker. Vrijwilligers hebben minder tijd dan vroeger. Dus moet je anders organiseren. Minder vergaderen, minder blijven hangen in kleine problemen. We kwamen eerst eens in de zes weken bij elkaar en dan ging het vaak over lopende dingetjes. Dat hebben we nu veranderd. Minder vaak, compacter, meer focus op visie. Niet alleen brandjes blussen, maar ook kijken waar we naartoe willen.” Die manier van denken herkent hij zelf ook uit zijn werk bij de Koninklijke Marine in Den Helder, als burger. Eerst in de logistiek, inmiddels in portfoliomanagement. "Overzicht houden over projecten, zorgen dat je niet in de details blijft hangen. Dat doe ik hier ook. Tegelijk moet je het wel in perspectief zien. Het blijft een vereniging. Ik denk dat de charme verdwijnt als je het te bedrijfsmatig maakt of te professioneel. Dat hoeft van mij niet. Ik krijg er genoeg voor terug. Als iedereen bij zo’n vergadering zijn hand opsteekt en zegt: we hebben vertrouwen in je. Dat is onbetaalbaar.” "Door onze huidige manier van werken in mijn vrijwilligerswerk prima te combineren met mijn gezin. Alles is veel sneller geregeld. Een paar keer bellen, wat appjes en het is opgelost. Bovendien is er goed contact met andere verenigingen. Via de KNLTB en andere clubs hoor je hoe zij dingen doen. Iedereen heeft dezelfde problemen: te weinig vrijwilligers, aanwas jeugd, dat soort dingen. Dan kun je samen oplossingen zoeken.” Goodiebags Zo heeft het padellen bij De Hulk voor nieuwe aanwas gezorgd, vooral onder jongvolwassenen. "De jeugd onder de twintig blijft nog wat achter, helaas. We proberen daar wel wat aan te doen; met een open dag bijvoorbeeld. We dachten: als er dertig kinderen komen, is het mooi. Uiteindelijk waren het er 85. We gaven ze ‘goodiebags’ mee met een proeflidmaatschap. De opbrengst: tien nieuwe aanmeldingen. En ook nog twintig volwassenen. Maar daarna begint het pas. Dan moeten wij ze zien te houden.” In de week van 27 juli vindt het traditionele clubtoernooi plaats. ,,Het gezelligste toernooi van de regio”, meent Niels. Vorig jaar stond hij in de finale. "Nou ja, bijna. Mijn vrouw maakte me die ochtend wakker: ‘het gaat gebeuren!’ Onze dochter Suus werd dus geboren op de finaledag. Die finale zegde ik natuurlijk met plezier af. En weet je wat nou zo grappig is: mijn voorganger maakte precies hetzelfde mee, bijna veertig jaar geleden.” Niels lacht: "Blijkbaar hoort dat bij de functie.”
Lees meer

Voor Ronan Brink werd vrijwilligerswerk een kantelpunt

SailWise in Enkhuizen organiseert van maart tot oktober actieve watersportvakanties voor mensen met een beperking. Vrijwilligers spelen daarin een sleutelrol: zij gaan mee op reis, helpen waar nodig en zorgen dat deelnemers een week lang onbezorgd kunnen genieten. Dat een weekje meebeleven ook drastische gevolgen kan hebben voor vrijwilligers, blijkt wel uit het verhaal van Ronan Brink (23) uit Oostwoud. Redactie: Paul Luiken (NHD), Fotograaf: Marcel Rob “Nou, ik ben hier eigenlijk een beetje toevallig terechtgekomen”, vertelt Ronan. “Job, de broer van een goede vriend van mij, werkt hier. Ik sprak met zijn moeder over mijn toekomst en ze zei: dit is echt iets voor jou. Je moet eens een kijkje gaan nemen.” Ronan meldde zich aan als vrijwilliger, net iets te laat in het seizoen. “Dat was eind september 2024. Ondertussen zocht ik een stageplek en toen zag ik ineens dat SailWise een stage aanbood. Dat was wel heel toevallig. Ik studeerde Business Studies in Alkmaar en ik zocht iets waar ik niet alleen marketing deed, maar van alles: communicatie, HR, organiseren. Dat kon hier. Dus ik heb een half jaar stage gelopen. Beurzen georganiseerd, social media gedaan, van alles.” Robinson Crusoe-eiland Toch was hij nog niet mee geweest op reis. “Collega’s zeiden: moet je dat niet gewoon eens doen? Dus ik ging mee met een jongerenweek op het eiland Robinson Crusoe in de Loosdrechtse Plassen. De groep bestond uit jongeren van 18 tot 29 jaar met verschillende beperkingen. Alles door elkaar. Mensen in een rolstoel, mensen die niet kunnen praten, mensen met een lichte verstandelijke beperking. In het begin vond ik het best spannend. Je komt opeens terecht in een groep jongeren met allerlei beperkingen. Dan denk je: hoe moet ik hiermee omgaan? Maar na twee dagen klikte het. Dan weet je wie iedereen is en ontstaat er een soort kampgevoel.” Zorgtaken “Ik zag wel een beetje op tegen de zorgtaken. Ik had helemaal geen ervaring in het omgaan met mensen met een beperking. Ik denk dat veel jongeren dat spannend vinden; iemand helpen met douchen of naar het toilet… Dat lijkt heel groot. Maar als je het eenmaal doet, valt het echt mee. Voor deze mensen is het de normaalste zaak van de wereld. Waarom zou jij dan moeilijk doen? Trouwens, andere vrijwilligers helpen je daarbij. Dan denk je al snel: oh, is dit alles?” Wat hem vooral bijbleef, was de sfeer. “Het voelt als een soort kamp. Overdag zeilen, ’s avonds met z’n allen eten, spelletjes doen. Voor deelnemers is het echt vakantie, maar voor mij net zo goed. Terwijl je eigenlijk gewoon aan het werk bent.” Openbaring Voor Ronan werd het weekje zeilen een openbaring. ,,Die week veranderde mijn kijk op de toekomst. Ik kreeg heel veel waardering voor hoe dergelijke mensen in het leven staan. Hoe gelukkig ze zijn. Je ziet ineens hoe normaal iedereen eigenlijk is. Dat heeft bij mij echt iets losgemaakt en ik heb besloten in de zorg te gaan werken. Ik heb dan wel economie gedaan, maar deed dat vooral omdat het me goed af ging. Ik dacht nooit: dit is mijn eindbestemming. Na deze ervaring dacht ik: dit wil ik. Ik wil social work opleiding gaan doen want ik wil begeleider worden, dus het maatschappelijk werk in. Dat geeft veel meer voldoening. Mijn omgeving begreep het meteen. Mijn moeder, vrienden, mijn vriendin, ze zeiden allemaal: dit past veel beter bij jou!” Doorbraak Dat SailWise uitstekend bij Ronan past, is nog zacht uitgedrukt: vanaf half mei gaat hij er 32 uur per week op kantoor aan de slag. “Marketing en communicatie, zo’n beetje wat ik in mijn stage ook deed. En natuurlijk ga ik deze zomer weer mee als vrijwilliger.” Of hij anderen zou aanraden om zich aan te melden? “Ja, 100% zeker. We hebben altijd vrijwilligers nodig. Het is leuk en je krijgt er heel veel voor terug. Het is echt iets wat je bijblijft. Voor mij was het een doorbraak.”
Lees meer

Gianni leert programmeren van ‘Mister Stadsfeesten’

Twee jaar geleden liep Gianni Chialastri (27) vooral mee. Inmiddels vormt hij samen met Theo Viset de muzikale programmering van de Hoornse Stadsfeesten. „Theo heeft het hele festival gewoon in zijn hoofd”, zegt Gianni. „Dat vind ik echt bijzonder. Ik leer elke dag van deze ‘Mister Stadsfeesten’.” Redactie: Paul Luiken (NHD), fotograaf: Marcel Rob Gianni ("Een kwart Italiaans”) woont sinds vier jaar in Hoorn, nadat hij voor de liefde vanuit Heemskerk, via Amsterdam, deze kant op kwam. Zijn route naar een carrière was allesbehalve rechtlijnig. "Op school had ik het lastig als iets me niet interesseerde. Dan kon ik me er gewoon niet toe zetten. Ik heb daarna van alles geprobeerd en ontdekte gaandeweg waar mijn energie zit: entertainment.” Via de illusionist Nathan David rolde hij de theaterwereld in. "We deden shows, ook voor bedrijven en later mocht ik zelfs op tournee met de illusionist Hans Klok tijdens de Face the Future-tour. Daar merkte ik hoe mooi het is om iets neer te zetten voor publiek. Daar wil ik in verder.” Muziek speelde sowieso altijd een rol. "Mijn vader geeft muziekles, mijn moeder werkte met muziek in de zorg. Zelf maak ik vanaf mijn 16 e al muziek. Mijn vorige bandje Film kun je vinden op Spotify en ik heb ook twee keer zelf op de Stadsfeesten gestaan.” Van binnenuit De stap naar de Stadsfeesten kwam via een omweg. "Via mijn toenmalige vriendin leerde ik Theo Viset kennen. Op een gegeven moment vroeg hij: is programmeren iets voor jou? We zijn gaan praten en zo ben ik erin gerold.” Het eerste jaar keek hij vooral mee, inmiddels draait Gianni volwaardig mee in de programmering. "We doen het nu echt samen. Hij heeft natuurlijk die enorme ervaring, maar ik krijg steeds meer taken. Dan zegt hij: pak jij deze locatie op, regel jij het contact met de artiesten. Zo leer je het vak van binnenuit.” "Programmeren is echt veel meer dan een paar bands kiezen. Dit jaar hebben we ongeveer tweehonderd aanmeldingen. Die beluister je allemaal. Niet op basis van je eigen smaak, daar heb je niet zoveel aan. Je kijkt naar het totaal: wat past bij een locatie, wat willen we uitstralen, wat is er nieuw in Hoorn, wat werkt voor het publiek? Daarbij spelen ook praktische beperkingen een rol. Een band kan nog zo goed zijn, maar als de vraagprijs te hoog is, wordt het lastig. Het is een gratis festival, dus je moet ook naar het budget kijken. Dat maakt het soms best lastig kiezen.” Kijken naar wat werkt De mogelijkheden in de stad zelf vormen een belangrijke factor bij die afwegingen. "Je kunt niet overal alles neerzetten. Sommige plekken zijn klein, andere vragen juist om iets groots. Je moet echt kijken naar wat werkt op een locatie.” Soms leidt dat tot nieuwe ideeën. "Ik had bijvoorbeeld het idee om in de Noorderkerk met meerdere podia te werken, zodat je sneller kunt wisselen tussen artiesten. Theo zei: mooi plan, ga maar uitwerken. Dat is wel gaaf, dat je die ruimte krijgt.” Tijdens het festivalweekend gaat het werk gewoon door. "Je staat drie dagen ‘aan’. Artiesten opvangen, problemen oplossen, kijken of alles loopt zoals je bedacht hebt. En ondertussen let je op wat beter kan. We maken het hele weekend notities voor het volgende jaar.” Die verantwoordelijkheid voelt hij ook. "Als jij een band boekt, wil je dat het goed gaat. Als er iets misgaat, probeer je dat op te lossen of goed te maken. Dat hoort er ook bij.” Voor Gianni zit de beloning in het proces en het resultaat: "Je leert ontzettend veel. En het is bijzonder om iets te maken waar zoveel mensen op afkomen. Dat het dan werkt, dat mensen het naar hun zin hebben, daar doe je het voor. Ik heb zelf al eens kleinere events georganiseerd en dan ga ik ook heel ver in de details. Dingen toevoegen die misschien niet per se nodig zijn, maar wel het verschil maken. Dat het voor de artiest net even professioneler voelt.” Voorlopig blijft hij zich inzetten voor de Hoornse Stadsfeesten. "Ik vind het echt een eer om dit te mogen doen. Zeker met iemand als Theo naast me. Hij roept al jarenlang dat hij wil afbouwen, maar voorlopig leer ik nog elke dag van hem.”
Lees meer