Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | augustus 2025 | Doe es gewoon vrijwillig | 2 min lezen

"Liefde is maar een woord, ontfermen is een daad"

Urmie, kun je me helpen met deze brief? Kun je een bezwaarschrift voor me opstellen? Heb jij misschien meubels voor mij? Of een baan? Iedereen weet dat Urmie Seedorf altijd wil helpen. In 2017 richtte ze een stichting op, AyúdaMe, en nu helpen haar vrijwilligers en zij elk jaar zo’n vijfhonderd mensen. "Het is heel simpel: iemand vraagt of we kunnen helpen, en wij doen dat. Of we verwijzen ze door."


Maatschappelijke organisaties en kerken uit de regio, allemaal weten ze AyúdaMe te vinden als er hulp nodig is. “En mensen bellen ook rechtstreeks, die hebben mijn nummer gekregen via vrienden of hulporganisaties. De telefoon rinkelt non stop, ook midden in de nacht word ik wel eens gebeld. Met allerlei hulpvragen, je kunt het soms zo gek niet verzinnen. Een voorbeeld is dat mensen die vanuit een opvanghuis naar een eigen woning verhuizen, hulp vragen bij het inrichten van hun huis. Zij hebben niks, krijgen een klein budget om de woning in te richten en dat is vaak al op als de vloerbedekking erin ligt. Met de spullen die wij van donateurs krijgen, maken onze vrijwilligers van een huis een thuis. Die spullen krijgen we gedoneerd van particulieren en bedrijven. Nu hebben we van een beddenzaak dertig boxspring-bedden aangeboden gekregen. De komende week gaan we die bij mensen neerzetten die dat echt goed kunnen gebruiken.”


Bus maakt overuren

Jammer dat de nieuwe bus van AyúdaMe niet op de foto kan, vindt Urmie. Want die bus speelt een grote rol bij het werk. “Mensen met een krap budget die via Marktplaats gratis meubels of spullen kunnen ophalen, hebben niet altijd vervoer. Dan komt onze bus met chauffeur te hulp. Hoe krijg je alle spullen naar het grof vuil? Of de meubels naar je nieuwe huis? Ja hoor, daar is de bus voor. We maken flink wat kilometers!”


Sommige hulpvragen blijven Urmie verbazen. “Kun je mijn begrafenis regelen, was een keer de vraag. En dat kan. En iemand vroeg: heb je een baan voor me? Had ik toevallig net die ochtend iemand gesproken die een restaurant in het centrum van Hoorn heeft en hard op zoek was naar hulp.” Toeval bestaat niet, zegt Urmie. “Iemand heeft een koelkast nodig, een dag later krijg ik een telefoontje van een donateur die een koelkast aan ons wil geven. Dat gebeurt vaker. Mooi he?”


Ontfermen

En wat denk je van de maaltijdservice? De man van Urmie werkt bij een take-away-restaurant, op zondag kan hij meenemen wat niet is verkocht. Dat verdeelt Urmie in portiebakjes en op maandag brengt ze het rond. Zo helpt Stichting AyúdaMe dag in dag uit allemaal mensen, ongeveer vijfhonderd mensen per jaar. Prachtig, maar waarom doet Urmie dat? “Het is me met de paplepel ingegoten. Mijn moeder is net zo. Ze woont in Suriname en is daar ook altijd in touw om mensen te helpen. En wat je ziet, doe je na. En natuurlijk heeft het met mijn Christelijke achtergrond te maken. Heb je naasten lief, is me geleerd. Maar ik noem het liever: ontferm je over je naasten. Want liefde, dat zijn maar woorden. Door je over iemand te ontfermen, iemand echt te helpen, laat je zien wat liefde is.”

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Piet redt boten in nood

| Doe es gewoon vrijwillig

Boot in nood op het IJsselmeer? Dan gaat de pieper van schipper Piet Winterhoff, de KNRM moet in actie komen. Binnen tien minuten zitten vrijwilligers van de reddingsmaatschappij in een boot op het water. ‘We moeten als vrijwilligers op elkaar kunnen vertrouwen, zeker als we bij windkracht 8 uit moeten varen.’ Zo’n veertig keer per jaar wordt de hulp van de Koninklijke Nederlandse Reddings Maatschappij (KNRM) ingeroepen. Vooral in de zomer, als het IJsselmeer vol ligt met zeilers en andere watersporters. ‘Dan kan het voorkomen dat we drie keer op een dag in actie komen. Als we worden opgeroepen, gaan we zo snel mogelijk naar het boothuis. De eerste die er is, laat alvast de boot in het water, de rest trekt snel het pak aan. De schipper gaat bellen: wat is het probleem precies? En hoe acuut is het?’ Meestal gaat het om technische problemen: een brandje aan boord, een probleem met de mast of met de motor. ‘Soms is een persoon te water of een boot aan de grond gelopen. Of er is ergens een onbemande boot gevonden, of een kite zonder surfer. Reden om je zorgen te maken. We gaan erop af, altijd met minimaal drie mensen, en we zien wat er aan de hand is. Dan voelen we adrenaline en spanning, maar door de training blijven we kalm.’ Matrozen in de problemen De actie van een paar weken geleden, toen jonge matrozen in de problemen kwamen door de harde wind staat Piet nog goed bij. ‘Den Oever vroeg of we wilden helpen, ze redden het niet alleen. Onderweg hoorden we dat meer dan twintig jonge mensen van de marine door de harde wind richting Friesland dreven op hun rubberen boten. Eentje was in het water geraakt, iemand anders had zich bezeerd. Gelukkig is alles goed afgelopen, maar dat weet je niet op het moment dat je er naartoe vaart.’ Modelbouw Piet raakte al jong geïnteresseerd in de reddingsmaatschappij. ‘Als kind bouwde ik modelboten, ik vroeg de KNRM of ik bouwtekeningen van hun schip kon krijgen om na te maken. Zo kwam ik met ze in contact. Ik vond het werk boeiend, maar ik kon er niet bij: ik woonde te ver van het station. Acht jaar geleden kon ik toch meedoen: ik werk in Medemblik, dus vanaf mijn werk ben ik snel bij het bootshuis.’ De bemanning komt elke week bij elkaar om te oefenen, een paar keer per jaar trainen ze samen met het buurtstation Andijk. ‘Het is wel de bedoeling dat alle vrijwilligers daar altijd bij aanwezig zijn, ja. Je moet toch je kennis op peil houden. En het is goed om elkaar te kennen, je moet op elkaar kunnen vertrouwen. Niet alleen als we in het zonnetje lekker genieten van het varen, maar ook als we bij windkracht 8 ergens op af moeten.’ Zeebenen een pre Vrijwilligers tekort? Absoluut! ‘We zijn nu maar met een man of veertien, en als je bedenkt dat er altijd minimaal drie of vier mensen oproepbaar moeten zijn, dan begrijp je dat we extra hulp kunnen gebruiken. Een aantal aspirant-leden konden door corona niet instromen, en we zoeken meer mensen. Affiniteit met watersport is een pre, maar mensen hoeven geen ervaren zeeman te zijn. Ze krijgen na een beginnersintroductie een uitgebreide opleiding van de KNRM, die ongeveer drie jaar duurt.’ In die tijd halen vrijwilligers hun vaarbewijs, marifoontraining, een EHBO-opleiding met extra informatie over onderkoeling en verdrinking en ze doen verschillende veiligheidstrainingen. Het mooiste van die opleiding? ‘De helikoptertraining is spectaculair. Ik heb nu vier keer in een helikopter gevlogen, maar nog niet één keer ben ik normaal ingestapt, altijd via een lijn vanaf een bootje omhoog gehesen. Absoluut spannend, een beetje eng ook wel, maar echt geweldig.’
Lees meer

Hans maakt van kniehoog onkruid een gezellige tuin

| Doe es gewoon vrijwillig

Groene vingers? Niet per se, maar Hans de Vries werkt graag in de tuin. In corona-tijd helpt hij mensen die door omstandigheden hun eigen tuin niet kunnen bijhouden. ‘Als mensen het niet zelf meer redden, kunnen ze beter snel hulp inroepen, dan de tuin te verwaarlozen.’ Vijftien tuintjes heeft Hans al onder handen genomen. Heel klein, heel groot, een puinhoop of maar een beetje onkruid, hij heeft overal al op zijn knieën tussen gezeten. ‘Een mevrouw vroeg me of ik de viooltjes uit haar tuin in een grote pot zou kunnen zetten. Ze zat sinds kort in een rolstoel, en dan kon ze ze toch nog zelf verzorgen. Ik ging aan de slag, maar kwam er al snel achter waarom zij de enige in Enkhuizen was die het hele jaar bloeiende violen in de tuin had: het waren kunstplanten.’ Koppie doen, praatje maken Bel je Hans, dan komt hij eerst even kijken. Wat voor tuin is dit, kan hij er wat van maken? Maar hij heeft er nog nooit eentje geweigerd. ‘Ik ben natuurlijk geen hovenier,’ zegt hij. ‘Ik vind tuinieren gewoon wel leuk. Bestrating leggen, een schutting zetten: dat kan ik echt niet, daar moet je iemand anders voor hebben. En het kan gebeuren dat ik per ongeluk iets verkeerd snoei. Meestal gaat het goed en de tuinen knappen er enorm van op als ze weer even stevig onder handen zijn genomen.’ De eigenaars van de tuinen trouwens ook, vertelt Hans. ‘We doen een koppie, maken een praatje. Bij sommige mensen is de wereld erg klein, en door corona is dat nog erger geworden.’ Onkruid tussen stenen Wie zijn hulp nodig heeft, kan op ‘m rekenen. Hans stelt geen moeilijke vragen, maar gaat gewoon aan de slag. ‘Een paar uurtjes aan de slag en de tuin ziet er weer gezellig uit. De heg knippen, het onkruid tussen de stenen weg.’ Het zijn niet altijd mensen die door een fysieke handicap of een hoge leeftijd niet meer kunnen schoffelen of spitten, ook jonge mensen hebben de hulp van Hans nodig. ‘Je kunt het niet altijd aan iemand zien waarom ze het niet redden met de tuin. Mensen kunnen alle soorten problemen hebben. Het maakt mij niet uit.’ Hooien Een tip van Hans: bel niet te laat. ‘Mensen schuiven het een tijdje voor zich uit, ze vinden het moeilijk om hulp in te roepen. Of misschien denken ze dat ze binnenkort wel weer aan de tuin toekomen, of dat familie wel wil bijspringen. Maar als het onkruid al een tijdje kan woekeren, is het lastig om het er helemaal uit te krijgen. Soms lijkt het wel hooien! En volwassen onkruid heeft dikke, taaie wortels, die trek je niet zo makkelijk uit de grond.’ Dan maar tegels in de hele tuin? Makkelijk onderhoud, geen ruimte voor onkruid... Maar Hans vindt dat een slecht idee. ‘Waar moet het water heen? Wat blijft er voor de vogels en de insecten? Nee, een tuin kun je beter groen houden. Dat betekent niet dat je er veel werk aan hebt. Kies bijvoorbeeld voor bodembedekkers, dan groeit het mooi vol en krijgt het onkruid geen kans meer. Laat een paar struiken staan en kies bloeiende perkplanten en bloemen voor de bijen. Op bepaalde plekken kun je straatsteentjes leggen, zodat je er lekker kunt zitten of makkelijk overal bij kunt komen.’ ‘Vraag naar mij’ Aan de muur hangt binnenkort een portretje dat een tevreden klant, een kunstenaar, van hem gaat tekenen, ‘als bedankje, prachtig toch?’ en als het tuinleven weer begint, komt Hans weer in de spieren. Bij vertrouwde adressen, verwacht hij. ‘Tegen een paar mensen heb ik gezegd: bel in de lente weer naar het Vrijwilligerspunt en vraag maar naar mij. Het gaat niet alleen om de tuin, het gaat ook om het sociaal contact.’ Foto: Hans samen met Hillie Groot waar Hans ook de tuin doet.
Lees meer

Marlies zorgt voor vierduizend dieren

| Doe es gewoon vrijwillig

Een uit het nest gevallen ekster, een verzwakte reiger of een egel met schurft, ze krijgen allemaal liefde en zorg bij vogel- en egelopvang De Bonte Piet. Vrijwilliger Marlies Testroote zorgt een dag per week als vrijwilliger voor alles wat daar fladdert, piept en kwaakt. ‘We zien de Nederlandse natuur van heel dichtbij, dat is prachtig. ’ Als meisje had Marlies altijd al dieren onder haar hoede. Een vogelnestje dat uit de boom tuimelde, en jahoor, dan zorgde kleine Marlies voor die jonge vogeltjes. ‘Het heeft altijd in me gezeten, ik was van jongs af aan al met dieren begaan. Daarom vind ik dit vrijwilligerswerk ook zo mooi. We staan hier dichtbij de Nederlandse natuur, we zien alle dieren wel zo’n beetje binnenkomen. Van egeltjes en jonge eendjes tot grote zwanen en roofvogels, en alles ertussen, het heeft hier allemaal wel eens in een hok gezeten.’ Roeren met de snavel Bij De Bonte Piet werkt een groep van ongeveer vijftig vrijwilligers, en nieuw bloed is altijd welkom. De klussen: voeren, medische zorg geven aan de dieren en schoonmaken, veel schoonmaken. ‘Voor elk dier moeten we verzinnen hoe we ze het beste kunnen voeren. Een lepelaar kun je bijvoorbeeld geen schaaltje vogelvoer geven, die is gewend om met zijn snavel door het water te roeren om zijn voedsel te pakken. Dus hebben we een grote plastic kuip gevuld met water, en daar zijn eten in gedaan. Ging perfect. Eenden zijn makkelijk te voeren, ijsvogels juist heel lastig. Die willen verse visjes opduiken, en dat kunnen we niet nabootsen.’ Poep De medische kant van het verzorgen van dieren spreekt Marlies het meeste aan. ‘Ik heb een medische achtergrond, dus daarmee ben ik wel vertrouwd , hoewel mensen natuurlijk heel anders zijn dan dieren. Ik kijk graag met de dierenarts mee en ik ben altijd geïnteresseerd in die kant van de dierenzorg. Maar ik moet ook eerlijk zijn over ons vrijwilligerswerk: we zijn veel tijd kwijt met schoonmaken van de dierenverblijven. Mensen die vies zijn van poep gaan het hier niet naar hun zin hebben, want die beesten maken er een grote bende van.’ Eerste vliegles De Bonte Piet heeft het druk en het wordt steeds drukker. ‘Het afgelopen jaar wandelen mensen vaker buiten, ze hebben meer aandacht voor de natuur. Dan valt ze sneller iets op: een eend met een rare vleugel of een gewonde vleermuis in de schuur. Vorig jaar hebben we ruim vierduizend dieren geholpen.’ Terwijl we praten wordt een jonge ekster binnengebracht, in een kartonnen doosje. Hij kijkt helder uit zijn ogen en hij ziet er gezond uit, maar hij had een ongelukkige plek uitgekozen om na zijn eerste vliegles te landen: in een tuin omsingeld door hongerige huiskatten. Marlies: ‘We schrijven ‘m in en geven hem een plekje. Als hij groot genoeg is, laten we hem weer vrij.’ Egels in een slaapzak De egels hebben een speciale plek in het hart van Marlies. ‘Normaal gesproken vangen we ze alleen in het najaar en de winter op, maar nu krijgen we het hele jaar egels binnen. Het waren er afgelopen jaar twee keer zoveel als het jaar daarvoor. Sommige hebben longworm, een ziekte die ze krijgen via de hondenpoep van besmette huisdieren. Zo’n beest is dan doodziek en erg benauwd. En soms zijn ze door een kat of hond te pakken genomen, of ze hebben schurft.’ In een boekenkast met vakken liggen, elk in hun eigen badstof slaapzakje, een stuk of twintig egels te slapen. In het najaar start het adoptieprogramma van De Bonte Piet weer. ‘Mensen geven dan een egel een naam en ontvangen regelmatig updates hoe het met ‘hun’ egel gaat. Is het beestje sterk genoeg, dan mag hij in de eigen tuin worden uitgezet, als die tenminste egelvriendelijk is. Via die adopties krijgen we weer wat geld, want alles in deze opvang wordt gedaan door vrijwilligers en twee beheerders, en van het geld dat we krijgen kunnen we materialen en voer kopen.’ Vrij laten Wat is het mooiste aspect van haar vrijwilligerswerk? ‘Dieren weer vrijlaten, zonder twijfel. Het zijn wilde dieren en dat moet zo blijven. We knuffelen niet met ze, we maken ze niet tam. Een wild dier komt hier voorbij, en uiteindelijk laten we het weer vrij.’ Wil je ook 'es gewoon vrijwillig doen'? Meld je aan via het aanmeldformulier op deze pagina .
Lees meer