Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools (opent in een nieuw venster)
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | september 2023 | 3 min lezen

Tineke geeft Nederlandse les met handen en voeten

Welk vrijwilligerswerk heeft Tineke Kaat NIET gedaan, kun je beter vragen. Een spelotheek gestart, een gastouderproject opgezet, een kinderkoor, een ouderenkoor geleid en gewandeld met ouderen in een rolstoel. En nee, dat is nog niet alles; met twee andere muziekliefhebbers de muziekmappen gereorganiseerd en gedigitaliseerd bij het gemengde koor in Venhuizen waar ze als sopraan ook in meezong, collectes georganiseerd…noem het maar op. En dat allemaal naast haar werk als inval-leerkracht op de basisschool.

 

Eigenlijk spreken we Tineke over haar werk als taalvrijwilliger. Maar in het gesprek komt ze erachter dat ze al jarenlang vrijwilligerswerk doet. “Na mijn verhuizing van Heiloo naar West-Friesland ben ik vrijwilligerswerk gaan doen, naast mijn parttime baan als leerkracht en het opvoeden van drie kinderen. Een goede manier om mensen te leren kennen in een nieuwe woonplaats. Bovendien: het leven bestaat uit meer dan alleen maar werken, eten en slapen, toch?”


Verjaardagsvisite

Tineke neemt het ene initiatief na het andere. Zo komt het leukste vrijwilligerswerk op haar pad. De spelotheek in Wervershoof bijvoorbeeld, die zette ze – met hulp van een opbouwwerker - gewoon zelf op. “Het leek me een goed idee. Op mijn verjaardag nodigde ik wat mensen uit de buurt uit. Ik besprak mijn idee en iedereen wilde meedoen. Toen moesten we nog de gemeente overtuigen, want we hadden een plek en geld nodig. Het begon met een kast en speelgoed dat we als bestuur zelf verzamelden door de deuren langs te gaan. Veel speelgoed dat we kregen was kapot of incompleet. Dat repareerden we dan. Met subsidie van de gemeente en geld uit fondsen konden we ook nieuw speelgoed kopen.”


Ouderen

Ze stapt gewoon het verzorgingshuis binnen als ze wat activiteiten zoekt. “Toevallig konden ze iemand gebruiken om het ouderenkoor te leiden. Ik bracht wat nieuw repertoire in met ouderwetse kinderliedjes. De begeleidend pianiste zei: ik weet niet of de ouderen dat aan kunnen, maar wat denk je? Het ging hartstikke goed. We bedachten bewegingen bij de muziek en zetten de hele boel op stelten.”

 

Groepje van negen

Ook de taallessen kwamen zo op haar pad. “Lezen is mijn leven lang een redding geweest. Dus toen in Venhuizen de bibliotheek een kinderbieb werd, wist ik dat ik daar graag zou willen helpen. In de bibliotheek werd ik aangesproken door een Somalische vrouw die graag Nederlands wilde leren, of ik haar niet kon helpen? Dat leek me ook leuk. Voor ik het wist had ik een groepje van negen mensen die ik Nederlandse les gaf. Nou ben ik als leerkracht wel een groep gewend, maar dit werd me toch een beetje veel. Dus ik heb er andere vrijwilligers bij gevraagd.”

Zo kwam Tineke ook bij Vrijwilligerspunt in beeld, want ook bij ons komen veel vragen binnen van mensen die graag Nederlands willen leren. “In Enkhuizen heb ik drie jaar conversatieles gegeven, maar al langer werkte ik een-op-een met mensen om hun Nederlands praktisch te verbeteren. De laatste jaren zet ik me in mijn nieuwe woonplaats Wervershoof in als vrijwilliger om nieuwkomers Nederlands te leren.”

Ook het taalcafé in Enkhuizen en Hoogkarspel mocht een tijdje op haar medewerking rekenen. Het is haar op het lijf geschreven: Tineke communiceert makkelijk met iedereen. “Soms spreek ik mensen bij de bushalte, die willen dan ook Nederlandse les. Of ik raak in gesprek met mensen op straat. Ik vind het altijd interessant om van mensen te horen wie ze zijn en wat hun verhaal is.”


Hoofd, schouders, knieën, teen

Linksom of rechtsom, het lukt haar altijd om mensen les te geven, zelfs als ze nog geen woord Nederlands spreken. “In de klas praten we Nederlands, ik wil liever niet dat een van de deelnemers gaat tolken. Met handen en voeten komen we een heel eind.” Ze heeft allemaal handige trucs voor de lessen. “Ik beeld veel uit, gewoon zelf. We behandelen bijvoorbeeld het gezicht: oren, ogen, neus, haar, mond. Ga zitten, ga staan, lopen, links, rechts. Alles is lesmateriaal. En soms gebruik ik een vertaalapp, dat werkt ook. Ook zingen we, zo’n liedje als ‘hoofd, schouders, knieën, teen’. Altijd lachen, die lessen. Humor is belangrijk!”

Tijdens de taallessen van Tineke ontstaat een band. Sommige nieuwkomers kent ze al jarenlang. “Ze zien me bijna als een soort moeder. Ik ervaar warmte die we soms als Nederlanders missen. Nu mijn partner pas is overleden, krijg ik van mijn leerlingen ontroerende cadeautjes. Iemand stond zelfs met een kam bananen op mijn stoep, zo lief. Mensen hebben zo weinig, maar ze geven zo veel.”


Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Paarden leren Tess en Rowena plannen

Werken bij een sportvereniging, helpen in een zorginstelling of dieren verzorgen op de kinderboerderij: de leerlingen van het Martinus College kunnen de Maatschappelijke Stage (MaS) op hun eigen manier invullen. Tess Rorije en Rowena Boelen (allebei 13 jaar) deden vorig jaar vrijwilligerswerk op de manege Stal Dijkman in Wijdenes en zijn er nog steeds enthousiast over. Rowena: ‘En ik was hartstikke bang voor paarden! Maar dat is nu voorbij.’ In het tweede leerjaar van de havo- en vwo doen leerlingen van het Martinus College in Grootebroek een maatschappelijke stage. Dertig uur vrijwilligerswerk bij non-profitorganisaties, omdat je zelf veel leert van iets doen voor iemand anders. Stageplekken worden door Vrijwilligerspunt gezocht en op de website mas.vrijwilligerspunt.com geplaatst. Door het geven van gastlessen op het Martinus College worden de leerlingen door Vrijwilligerspunt geïnformeerd over de mogelijkheden en geënthousiasmeerd vrijwilligerswerk te gaan doen. ‘Iedereen zocht zelf een plek uit om stage te lopen. Kwam je er niet uit, dan kon Vrijwilligerspunt je helpen met het vinden van een stageplek. Via Tess kwamen wij met z’n tweeën bij de manege terecht', vertelt Rowena. ‘Best lastig dat corona uitbrak toen we begonnen. De paardrijlessen lagen stil en zo min mogelijk mensen mochten op de manege komen. Gelukkig konden we ons werk vanaf begin januari toch gaan doen.’ Ochtendhumeur Die stage is echt niet alleen maar knuffelen met de paarden en rondjes rijden. Rowena: ‘We doen niet alleen maar leuke klusjes. We moesten ook stallen uitmesten en vegen. Soms moesten we paarden in de paddock zetten. Tess was meer van de paarden, ik bleef altijd bij ze uit de buurt. Ik was zelfs bang voor ze toen we hier begonnen! Ik heb gemerkt dat mensen en paarden op elkaar lijken. Sommige paarden hebben een ochtendhumeur, dat verwacht je toch niet?’ Lijst met klusjes Inmiddels hebben ze de maatschappelijke stage achter de rug. En, wat hebben ze geleerd? ‘Heel veel!’ zegt Tess. ‘Plannen, bijvoorbeeld. We kregen verschillende klusjes, er lag altijd wel een lijstje voor ons klaar. En dan moet je kiezen wat je eerst gaat doen, en wat kan wachten. We hebben geleerd dat we eerst moeten denken: wat is het beste voor de paarden. En dat je ook rekening moet houden met wat goed is voor jezelf. Dus soms moet je even pauze nemen.’ Verantwoordelijk De grootste les die Rowena en Tess hebben geleerd van de paarden: verantwoordelijkheid. Rowena: ‘De zorg voor die grote dieren werd aan ons toevertrouwd. Daar moet je zorgvuldig mee omgaan. Ze moeten op ons kunnen rekenen.’ Het was best spannend om te beginnen bij de manege, vertelt Tess. ‘We kenden er eigenlijk niemand. Gelukkig waren we met z’n tweeën. En we werden goed geholpen en begeleid, dat maakt een groot verschil.’ Na de stageperiode is de meiden door de manege een vast baantje aangeboden. Tess: 'Superleuk dat een stage dat kan brengen. We moeten er alleen nog wel even over nadenken, maar het is natuurlijk tof dat ze zo blij met ons zijn dat we mogen blijven!' Foto van Manege Dijkstal Wijdenes
Lees meer

Taalcafé; voor, door en met jongeren

Een Taalcafé voor nieuwe Nederlanders is er, maar een Taalcafé voor specifiek jonge nieuwe Nederlanders is lastiger te vinden. De drie studenten Quinty Renting, Asli Ozkan en Louise Stokman zetten als opdracht vanuit hun studie Social Work een Taalcafé op voor, door en met jongeren. Quinty: 'Het was heel leerzaam. Superleuk om wat voor deze doelgroep te kunnen doen. En als het dan ook zo enorm gewaardeerd wordt, dan word je daar heel blij van.' Quinty, Asli en Louise volgden vanuit hun opleiding een hybride project en konden kiezen uit drie kleine projecten. Een daarvan was het opzetten van een Taalcafé voor Taalhuis Westfriesland, onderdeel van Vrijwilligerspunt Westfriesland. Ze kregen hulp van Fleur Neefjes van Vrijwilligerspunt. Fleur: 'Vanuit Taalhuis leeft al lang de wens om een Taalcafé op te zetten voor jongeren. We merken dat hier bij deze doelgroep behoefte aan is. Het is nou in eenmaal makkelijker om met leeftijdsgenootjes op te trekken en zo de taal te leren en zo aansluiting te krijgen met andere jongeren. De dames mochten helemaal zelf bedenken hoe het Taalcafé eruit zou gaan zien. Wanneer en hoe laat het plaats zou vinden en de inhoud van het programma.' Doelgroeponderzoek Taalcafés zijn laagdrempelige bijeenkomsten waar nieuwkomers samenkomen om Nederlands te spreken. Onder leiding van een of meerdere taalvrijwilliger spreken zij in groepjes over een bepaald actueel thema. Quinty: 'Om meer te leren over de doelgroep, volgden we een korte training van Nini Viëtor van Taalhuis. We leerden hoe je deze doelgroep het beste kan benaderen en met ze kan communiceren, want ze spreken natuurlijk geen tot nauwelijks Nederlands. Nini liet ons voorbeelden van materiaal zien, die je in de lessen kunt gebruiken. Denk aan woordplaatjes, spelletjes en klankenkaarten. Daarnaast vertelde ze ook over cultuurverschillen. Belangrijk om te weten, omdat je dan ook beter weet hoe je deze doelgroep moet benaderen.' Jonge nieuwe Nederlanders Louise: 'We zijn ook in gesprek geweest met docenten van Fiolet Taaltrainingen, Edinova en het Horizon College en hebben hun gevraagd of ze wilden helpen met het werven van jongeren voor het Taalcafé. Daarvoor hebben we een flyer gemaakt, die de docenten hebben uitgedeeld aan hun leerlingen.' Met alle input op zak en de aangemelde deelnemers, kon het Taalcafé dan echt plaatsvinden. Asli: 'Super fijn dat we zoveel input hebben gekregen, dat maakte ons een stuk zelfverzekerder om met deze, voor ons, nieuwe doelgroep aan de slag te gaan. We begonnen het Taalcafé altijd met een beetje kletsen. Hoe gaat het met iedereen? En dan volgde een kort dictee, want de jongeren wilden ook graag Nederlands leren lezen en schrijven. We hebben ook spelletjes gedaan zoals 'Wie ben ik'. Super goed spelletje om te leren hoe je iemand moet omschrijven. Maar we bekeken ook samen een kort nieuwsitem en behandelden dan woorden die ze niet begrepen. Heel veel verschillende activiteiten dus, waarbij we zeker ook rekening hielden met wat de deelnemers leuk vonden en waar hun interesses lagen.' Leerzaam Na een paar avonden Taalcafé zat het project er voor de dames op. Asli: 'Eerlijk gezegd vroeg ik me eerst af of ik deze doelgroep wel leuk zou vinden, maar dat vind ik zeker! Ze zijn super gemotiveerd om Nederlands te leren en dat motiveerde mij weer enorm. Ik wist niet dat ik kon lesgeven, dus dat heb ik ook van dit project geleerd.' Louise vult aan: 'Ik heb vooral geleerd hoe je goed kunt communiceren met mensen die niet of niet goed Nederlands spreken. Niet te moeilijke woorden gebruiken bijvoorbeeld. Zo vroeg ik een keer "Hebben jullie het naar je zin?" Maar toen zag ik alleen maar blikken van onbegrip. Toen ik zei "Vinden jullie het leuk?” begrepen ze me wel en reageerde iedereen enthousiast. Je merkt vanzelf wanneer ze het begrijpen of niet, je moet alleen wel weten hoe je dat oplost. En iedere week weer een andere les bedenken is best een uitdaging, maar maakt het wel veel leuker voor de deelnemers.' Quinty was vooral heel blij met de vrijheid die ze kregen. 'We werden totaal losgelaten door Vrijwilligerspunt. Dat gaf ons heel veel vertrouwen. We zaten wel iedere week even samen om de voortgang te bespreken, maar dat was juist heel fijn. En als we tussendoor even niet wisten hoe nu verder, dan konden we bij Fleur aankloppen. Het was een heel leerzaam project voor ons en we zijn eigenlijk best trots op onszelf dat het Taalcafé zo'n succes was! De deelnemers waren namelijk alleen maar enthousiast.’
Lees meer

Ineke en Bette maken een tuin voor iedereen

Dagbesteding In de Familietuin in Zwaagdijk-Oost is spiksplinternieuw: in maart gingen de deuren open en kwamen de eerste zorgcliënten binnen. Tegelijkertijd bestaat de plek al jaren, als bloembollenbedrijf van de opa en oma van Ineke en Bette. De twee nichtjes hebben er een duurzaam zorgbedrijf van gemaakt, waar iedereen met een zorgvraag kan meewerken in de tuin. Ineke: ‘Met je handen in de aarde en rommelen met plantjes is gewoon goed voor je, dat merkt iedereen hier.’ Iedereen is welkom In de Familietuin: mensen met dementie, met een verstandelijke beperking of een andere zorgvraag. Bette en Ineke hebben namelijk jaren ervaring met werken in de zorg met verschillende doelgroepen, dus ze kijken nergens van op. ‘We merkten wel dat ons werk in grote organisaties steeds minder bij ons ging passen. We misten de persoonlijke touch. Toen een familielid van ons naar een dagbesteding ging, zagen we dat er maar weinig plaatsen waren waar de deelnemers lekker naar buiten kunnen.’ Het familiebedrijf, een agrarisch bedrijf, stond leeg en dat bood de twee de mogelijkheid om hun droom uit te laten komen: een kleinschalige dagbesteding in het groen, waar iedereen kan meedoen. Fruit plukken, theedrinken Inmiddels is het zorgbedrijf een paar maanden open, het loopt lekker. ‘Het is kleinschalig, we hebben ruimte voor ongeveer twaalf mensen per dag. Drie dagen per week zijn we open. We hebben grote plannen: de moestuin moet worden aangelegd, het liefst in grote bakken zodat ook mensen met een rolstoel erbij kunnen. Van de oogst maken we de lunch voor de deelnemers en we verkopen groente en fruit aan de weg. Deelnemers kunnen helpen in de moestuin, kruiden plukken, theedrinken in het zonnetje in de theetuin of wat lekkers maken in de keuken, allemaal mogelijk.’ Ineke weet uit eigen ervaring hoe heerlijk dat werken in de tuin kan zijn. ‘Ik heb een grote tuin bij mijn huis en ik merk het meteen: wroeten in de aarde en een beetje rommelen met plantjes is heel rustgevend en het geeft voldoening.’ Dat zien Bette en Ineke ook bij de deelnemers: ‘Iedereen kan wel iets bijdragen, bijvoorbeeld de planten watergeven of rustig meekijken en meebeleven wat er buiten allemaal gebeurt.’ Betrokken familie Waar komt die naam eigenlijk vandaan, In de Familietuin? Bette: Dit was natuurlijk het bollenbedrijf van opa en oma. Ook is onze familie betrokken bij ons bedrijf: mijn ouders helpen in de tuin, onze oom heeft geholpen bij het afbreken van een grote schuur. Maar met de naam willen we ook het huiselijke gevoel benadrukken. Hier is altijd wat te doen, iedereen is welkom. Met elkaar zijn we een grote familie.’ Die familie kan nog wel wat vrijwilligers gebruiken, vertellen de nichtjes. ‘We hebben werk voor vrijwilligers die willen tuinieren, koken of eens een spelletje of een kopje koffie met de deelnemers willen doen. We zoeken met name mensen om deelnemers ’s ochtends op te halen en hierheen te brengen, want ze hebben geen eigen vervoer. En aan het einde van de dag moet iedereen ook weer naar huis worden vervoerd. We hopen dat we nog wat chauffeurs kunnen vinden, maar andere vrijwilligers zijn ook welkom. En deelnemers natuurlijk, daar hebben we ruimte voor!’
Lees meer