Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
  • Alkmaar
  • Voor bedrijven
  • Voor jongeren
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat 12, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | augustus 2026 | Doe es gewoon vrijwillig | 3 min lezen

Ook degene die achteraan fietst, moet plezier hebben

Plezier. Dat is voor Wessel Kuiper hét sleutelwoord bij het geven van wielrentraining bij HRTC Hoorn. De 23-jarige wielrenner uit Oosterblokker staat iedere donderdagavond als vrijwilliger op de baan met jonge wielrenners van zeven tot vijftien jaar, jongens én meiden. "De meiden zijn meestal een jaar ouder. Dan trek je het wat meer gelijk.”

Redactie: Paul Luiken (NHD), fotografie Jan Mulder

Zelf rijdt Wessel op het hoogste amateurniveau, net onder de profs. Maar naast zijn werk (bij een tweewielerzaak in Benningbroek), trainingen en wedstrijden steekt hij veel tijd in de jeugd van de club. "Ik probeer ze zo goed mogelijk voor te bereiden op wedstrijden. Veiligheid staat natuurlijk voorop, maar ik vind techniektrainingen zelf het leukst. Daar zie je kinderen echt stappen maken. Ik fiets tijdens de trainingen zelf mee, achter de groep. Dan kan ik goed kijken wat iedereen doet en kan ik tips geven.” 

Door de bocht kijken

Die aanwijzingen gaan soms over kleine dingen waar beginnende wielrenners zelf niet bij stilstaan. "Heel veel mensen kijken verkeerd ‘door een bocht’. Je gaat eigenlijk heen waar je kijkt. Dus als je naar de buitenkant kijkt, kom je daar vanzelf terecht. Ik probeer ze juist te leren om goed dóór de bocht heen te kijken. Dan rijden ze meteen veel soepeler. Een goede houding helpt daarbij: je buitenbeen goed naar beneden, je handen in de beugels en zorgen dat er genoeg druk op je banden blijft. Dat soort techniekvormen vind ik mooi om over te brengen. Je ziet echt dat kinderen daar beter van worden. Zeker op jonge leeftijd kunnen ze nog zoveel leren.” Meestal rijdt hij met groepjes van tien tot vijftien kinderen. "Met ongeveer tien kan ik iedereen goed in de gaten houden. Als het er meer worden, probeer ik er een extra trainer bij te halen.” 

Wessel kijkt niet alleen naar talent. Ook de kinderen die wat meer moeite hebben om mee te komen, probeert hij erbij te houden. "Als je steeds de laatste bent van de groep, wordt het niet leuk meer. Daarom probeer ik oefeningen zo in te delen dat iedereen op zijn eigen niveau bezig is, soms individueel, soms in kleine, gelijke groepjes.”

Gevoel voor de fiets

Toch ziet hij natuurlijk ook talent rondrijden. "Je hebt er altijd een paar tussen zitten waarvan je meteen ziet: die hebben echt gevoel voor de fiets.” Vooral techniek valt hem dan op. "Sommigen rijden gewoon heel makkelijk door een bocht heen. Dan zie je dat ze er echt aanleg voor hebben.” Het mooiste vindt hij het als kinderen ook echt iets hebben gedaan met de trainingen. "Dan komen ze na een wedstrijd terug en zeggen ze: ik heb gedaan wat je zei en het ging nu echt veel beter. Dat is leuk om te horen.” 

Het plezier in begeleiden groeide eigenlijk vanzelf. "Ik geef al bijna tien jaar training. Eerst hielp ik oudere trainers mee en kreeg ik af en toe een opdracht. Daarna kreeg ik steeds meer verantwoordelijkheid.” Inmiddels heeft Wessel ook een trainersdiploma van de KNWU. "Officieel moet er bij de training altijd iemand aanwezig zijn met zo’n diploma. Dat ben ik nu.”

Kledingcommissie

Die betrokkenheid beperkt zich niet tot de trainingen alleen. Wessel helpt ook op andere manieren mee binnen HRTC. Hij zit in de kledingcommissie, denkt mee over sponsors en clubkleding en hielp mee met het opknappen van de kantine. "Die houten bekleding van de bar hier hebben we zelf gemonteerd.” De club voelt voor hem inmiddels als een tweede thuis. "Het is gewoon gezellig hier. Op dinsdag kijken we eerst naar de jeugd en daarna rijden de oudere renners zelf een wedstrijdje. Dan zit je eerst met elkaar in de kantine te praten en naar de jeugd te kijken. Vervolgens ga je tegen elkaar fietsen, dan gaat het echt hard tegen hard. Maar vervolgens zit je in de kantine weer lekker met elkaar na te praten.”

Het Getverdemme 

Zelf leeft hij ook volledig voor de sport, waarbij Wessel zichzelf bepaald niet spaart. "Ik zoek graag mijn grenzen op. Dat is prachtig, jezelf helemaal naar de getverdemme fietsen. Echt alles eruit halen.” Zijn favoriete renner is dan ook Mathieu van der Poel. "Omdat hij alles doet: op de weg, in het veld en op de mountainbike. En de manier waarop hij koerst vind ik gewoon prachtig.” Maar hoe fanatiek hij zelf ook is, uiteindelijk haalt hij minstens zoveel plezier uit het begeleiden van de jeugd. "Ik vind het gewoon mooi om te zien dat kinderen beter worden en plezier hebben. Daar doe je het uiteindelijk voor.”

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Liesbeth leert kinderen liefde voor lezen

| Doe es gewoon vrijwillig

Ze was kleuterjuf, ze is nu voorleesheld: Liesbeth van Eik heeft al vier gezinnen de liefde voor kinderboeken bijgebracht. ‘Ik lees niet alleen maar voor,’ zegt Liesbeth. ‘Ik doe ook taalspelletjes en zing liedjes met de kinderen.’ Het project Samenvoorlezen van Vrijwilligerspunt Westfriesland koppelt voorlezers aan gezinnen met kinderen die een taalachterstand hebben. Twintig weken lang gaat de voorlezer een uurtje per week bij het gezin thuis voorlezen. Door samen te gaan lezen, maakt de taalontwikkeling van de kinderen, die vaak Nederlands als tweede taal leren, een grote sprong. Dat merkt Liesbeth van Eik tenminste in de vier gezinnen waar ze heeft voorgelezen. ‘In elk gezin waren meerdere kinderen, die allemaal mee wilden doen met het voorlezen. Gezellig, de kleinste op schoot en de rest ernaast, boek open en daar begint het avontuur.’ Televisie uit, boek open Liesbeth heeft altijd gewerkt als onderwijzeres bij de kleuters. Daarom weet ze heel goed hoe ze het voorlezen leuk kan maken en de kinderen erbij kan betrekken. ‘Het is handig als je wat regels kunt afspreken met elkaar, maar dat kan natuurlijk niet als je nog maar net bij een gezin over de vloer komt. Pas na een paar weken kun je vragen of de televisie uit mag tijdens het voorlezen. En proberen of de kinderen op de bank kunnen blijven zitten, ook al lukt dat niet altijd.’ Ze weet ook dat vooral de kleintjes maar een korte aandachtsboog hebben. Dan is een uur lang voorlezen te lang. ‘Ik wissel dat af met taalspelletjes. Of we zingen samen liedjes. Daar leer je ook goed Nederlands van.’ Zo weet ze zelfs verlegen kinderen uit hun tent te lokken. ‘Ik las voor bij een gezin waar het jongste niks zei. Ze lachte wel, ze wilde graag naar het voorlezen luisteren maar ze bleef helemaal stil. Ja, als dat kindje dan met een geheugenspelletje na een paar weken toch zomaar wat zegt, vind ik dat prachtig.’ Samen lezen Tip van Liesbeth voor andere voorlezers: kies plaatjesboeken. ‘Je hebt van die zoekboeken, waar op elke pagina van alles gebeurt. Met kleine kinderen kun je samen kijken of ze de kat op de afbeelding zien, of waar Waldo is. Grotere kinderen verzinnen hele verhalen gebaseerd op de plaatjes.’ Pas ontdekte Liesbeth de zogenaamde Samenlezers. ‘Een van de kinderen die ik nu voorlees, vindt dat geweldig. Om en om lezen we een stukje, de tekst die ik lees staat in het groen en haar zinnen zijn in het blauw. Die boeken halen we in de bibliotheek.’ Want dat hoort ook bij de voorleeslessen van Liesbeth: een bezoekje aan de bieb. ‘De drempel om de bibliotheek te bezoeken kan best hoog zijn. Ik leg aan de ouders en kinderen uit hoe het werkt met boeken uitlenen, zodat mensen daarna zelf boeken kunnen uitzoeken en meenemen. Een app op je telefoon stuurt herinneringen als de boeken moeten worden ingeleverd, handig. De kinderen duiken meestal meteen op de kleurplaten en ze zoeken boeken uit die we al een keer hebben gelezen. We zoeken dan samen naar boeken die net zo leuk zijn, maar die we nog niet kennen. Dat houdt het spannend.’ Diploma Aan het einde krijgen de kinderen een voorleesdiploma. Daar zijn ze ontzettend trots op. En dan: door naar het volgende gezin. ‘De gezinnen vinden het jammer dat ik vertrek. Vraag maar opnieuw aan bij Samenvoorlezen, zeg ik dan. Misschien kom ik nog een keertje.’
Lees meer

Eva weet wat ze later wil worden door MDT

| Doe es gewoon vrijwillig

Als een van de jongste deelnemers ooit, begon Eva Botman vorig jaar als 13-jarige haar Maatschappelijke Diensttijd (MDT) bij Stichting Merakel. In juni dit jaar rondde ze haar MDT-traject af met een erkend Europees Certificaat. Eva: “Ik word echt heel blij van vrijwilligerswerk. De dankbaarheid die ze uitspraken en toonden voor mijn aanwezigheid en werk dat ik gedaan heb, heeft me echt een heel goed gevoel gegeven.” MDT is voor jongeren van 13 tot 30 jaar. Bij het MDT-project zet je je vrijwillig in voor een maatschappelijke organisatie. Je doet niet alleen iets voor een ander, maar je ontwikkelt ook jezelf, vergroot je netwerk en werkt aan je cv. Fleur Neefjes, projectleider bij Jong Westfriesland in Actie van Vrijwilligerspunt: “Eva zat toen nog in klas 3 van het gymnasium en had geen idee voor welk vakkenpakket ze het jaar erop moest kiezen. En al helemaal niet wat ze later voor beroep wilde uitoefenen. Wel wist ze dat ze graag anderen helpt." Meer zelfvertrouwen Eva kwam bij Jong Westfriesland in Actie terecht en Fleur vond een MDT-plek voor haar bij Stichting Merakel, een zorglocatie voor kinderen en volwassenen met een verstandelijke beperking. Fleur: "Iedere zaterdag deed ze verschillende activiteiten met de kinderen, zoals spelletjes en buitenactiviteiten. Ook hielp ze het personeel met kleine (huishoudelijke) klusjes. Mijn contactpersoon bij Merakel vertelde dat ze duidelijk groei zag bij Eva; ‘Ze kreeg steeds meer zelfvertrouwen en werd assertiever. We hoefden haar vaak niet eens te zeggen wat ze kon doen; dat zag ze zelf en ze werd steeds zelfstandiger.’” Keuzes voor de toekomst Het MDT-traject heeft Eva nog veel meer gebracht: “Mijn netwerk is enorm gegroeid. Niet alleen doordat ik bij Merakel veel mensen heb leren kennen, maar ook andere jongeren die een MDT-traject volgden. Jong Westfriesland in Actie organiseert namelijk geregeld trainingen om onszelf nog beter te ontwikkelen en dan kom je met andere MDT’ers samen. Heel leerzaam, want ook van elkaars ervaringen kun je veel leren! Door MDT wist ik ook wat voor vakkenpakket ik moest kiezen en ik weet al dat ik in ieder geval de zorg of hulpverlening in wil. Ik ben echt heel blij dat ik dit gedaan heb en zou het iedereen aanraden. Zeker als je net als ik nog niet weet wat je wilt worden, of jezelf wilt ontwikkelen. Ik ben een stuk zelfverzekerder geworden en kijk terug op een superleuke en waardevolle ervaring.”
Lees meer

Astrid en Ans maken samen Enkhuizen onveilig

| Doe es gewoon vrijwillig

In een opwelling meldt Astrid (64) zich aan als vrijwilliger bij Vrijwilligerspunt Westfriesland, om met Ans (87) regelmatig een rondje met de rolstoel te gaan lopen. Naar de markt, naar de stad, even een rondje om… ze hebben er zin in. Eén probleem: de rolstoel laat lang op zich wachten. ‘We hebben alvast een paar keer samen koffie gedronken, het klikt goed tussen ons.’ Hoe fijn het kan zijn om af en toe een rondje buiten te maken met de rolstoel, dat wist vrijwilliger Astrid Kruijer al via haar moeder. ‘Zij is ook op leeftijd en ik weet hoe ze ervan geniet als we samen naar buiten kunnen. Dus toen ik op de website van Vrijwilligerspunt las dat ze in Enkhuizen iemand zochten om met een oudere dame te gaan wandelen, heb ik me in een opwelling aangemeld. Ik ben een doener en graag in beweging, dus samen wandelen leek me leuk.’ Goeie klik Kleine hindernis: die rolstoel. Die is aangevraagd, maar laat maanden op zich wachten. ‘Ans kan zonder rolstoel niet naar buiten, dus zij zit al een jaar noodgedwongen thuis. Ongelofelijk toch?’ Terwijl ze wachten op de rolstoel, spreken Ans en Astrid alvast een paar keer af om kennis te maken. ‘We klikken goed met elkaar. Ze is slim en grappig, van oorsprong Amsterdamse. Het is leuk om met haar te kletsen, gespreksstof genoeg.’ De kroeg in Goed nieuws afgelopen week: een splinternieuwe rolstoel is bij Ans afgeleverd. Nu kan het wandelen eindelijk beginnen. Astrid: ‘Waar zullen we naartoe gaan?, vroeg ik. Ans heeft allemaal leuke ideeën: naar de markt in Bovenkarspel, een terrasje pakken in de stad, een rondje door het winkelcentrum. En ze wil graag naar de supermarkt. Haar boodschappen worden voor haar gedaan, maar het lijkt haar fijn om zelf ook langs de schappen te gaan en te kiezen waar ze trek in heeft. Gewoon even eruit.’ Samen gaan we de stad onveilig maken, grapte Astrid tegen Ans. ‘Ze reageerde direct gevat: dan gaan we ook de kroeg in!’
Lees meer