Navigatie overslaan
Vrijwilligerspunt Home
Account aanmakenLog in

Contact

  • Maelsonstraat, 1624 NP Hoorn, Nederland
  • [email protected]
  • 0229-216499, WhatsApp: 06-10533987

Vrijwilligerspunt

  • Vacaturebank
  • Hulp Dichtbij
  • Trainingen & Workshops
  • Taalhuis
  • Voor jongeren
  • ANBI status

Doe mee

  • Activiteiten
  • Zoek Organisaties
  • Organisatie toevoegen
  • Account aanmaken
  • Log in
  • Help
  • Content policy
  • Privacyverklaring
  • Algemene Voorwaarden
  • Toegankelijkheidsverklaring
  • Cookies

Powered by Deedmob tools (opent in een nieuw venster)
Door op "Accepteren" te klikken, gaat u akkoord met het opslaan van cookies op uw apparaat om de sitenavigatie te verbeteren en het sitegebruik te analyseren. Voor meer informatie, bekijk onze Privacyverklaring.

Post | april 2021 | 2 min lezen

Frans is al ruim 40 jaar vrijwilliger

Sinds 1972 restaureert, renoveert en bouwt Stichting Stadsherstel Hoorn historisch waardevolle objecten in de gemeente Hoorn. Dit jaar is Frans Zwerver 42 jaar bestuurslid bij deze stichting. “Het is mooi om te zien hoe je samen met mensen die een verschillende achtergrond hebben, iets moois kunt neerzetten voor de gemeenschap.”


Frans komt van katholieken huize en kon altijd al vol bewondering kijken naar de architectuur van kerken. “Dat heeft me altijd al gefascineerd. Dus toen ik in 1979 door een bestuurslid van Stadsherstel Hoorn gevraagd werd zijn functie als penningmeester over te nemen, zei ik direct ‘ja’. Ik zocht iets om naast mijn serieuze werk als accountant te doen en met mijn interesse voor architectuur, zag ik hier meteen leuk vrijwilligerswerk in. Veel wist ik nog niet van architectuur, dus ik heb me flink ingelezen."


Elk bestuurslid heeft een andere achtergrond en andere interesses. "En dat is de kracht van Stadsherstel Hoorn. Want doordat we onze kennis en interesses met elkaar delen en bij elkaar brengen, kunnen we samen gebouwen renoveren en teruggeven aan de gemeenschap. Maar ook meer waarde geven! Zo hebben wij de Ridderikhoffpanden op de Roode Steen gerestaureerd, waar bijna 75 jaar lang het toneelkostuumbedrijf Ridderikhoff gehuisvest was. In 2002 hebben we het pand gerestaureerd en gerenoveerd, waardoor we veel historie hebben kunnen behouden. Nu zit er een restaurant in, waar jongeren met een verstandelijke beperking voor leer- en dagbesteding terecht kunnen. Dat is toch geweldig?!”


Veel vrijheid

Terwijl je bij een vaste baan altijd rekening houdt met je gewerkte uren, is dat bij vrijwilligerswerk heel anders, vindt Frans. “Je vindt het leuk en je krijgt er veel voor terug en dan maakt het niet uit hoeveel tijd je erin steekt. Al moet je er natuurlijk wel tijd voor máken. En het mooie is, dat je veel vrijheid hebt in hoe je je vrijwilligerswerk invult. Je bepaalt zelf hoe lang, op welk moment en wat je eruit wilt halen.”


Fascinatie voor kerken

Zijn fascinatie voor kerken kon Frans helemaal kwijt in het restauratieproject van de Michaëlskerk in Westerblokker. “De kerk was er door jaren leegstand slecht aan toe en miste sinds 1972 zijn toren. Stadsherstel reconstrueerde in 2013 de kerktoren en in 2018 werd de hele kerk ingrijpend gerestaureerd en kreeg een nieuwe bestemming. We hebben de Westerblokkerse gemeenschap “hun” kerk weer teruggeven. En dat is echt het allermooiste van dit vrijwilligerswerk: we hebben samen iets gecreëerd, met onze kennis, interesse en vooral plezier, voor een ánder."


Lintje

In 2019 kreeg Frans het lintje Lid In de Orde van Oranje-Nassau van de burgemeester Michiel Pijl van de gemeente Drechterland uitgereikt voor zijn 40 jaar vrijwilligerswerk bij Stadsherstel. "Dat was echt een verrassing. Zolang ik een bijdrage kan leveren als vrijwilliger van Stadsherstel Hoorn, wil ik graag dit mooie werk voortzetten.”


Foto genomen in de Michaëlskerk door Bas Zwerver

Deel blogpost
Gerelateerde blogposts

Creatief Nederlands leren aan Oekraïners

‘Een cappuccino en een worteltaart.’ De eerste officiële bestelling in het Nederlands is voor de Oekraïense instroomgroep een feit. Een groep van vijf Oekraïners zit samen met vijf taalvrijwilligers op het terras van Strandpaviljoen Oranje Buiten in Hoorn. ‘We hebben gisteravond tijdens de les de menukaart doorgenomen. Vandaag kunnen ze het geleerde in praktijk brengen’, vertelt Masjenka Ruiter, een van de taalvrijwilligers en eigenaresse van Oranje Buiten. Helaas zijn niet alle deelnemers erbij vandaag, maar het is een gezellige groep. Twee maanden geleden zijn Tanja, Victoria, Nica, Marina en Svitlana samen met nog twaalf vluchtelingen uit Oekraïne gestart met taalles in de instroomgroep. Iedere week komen ze op dinsdagavond bij elkaar om de beginselen van de Nederlandse taal te leren, zodat ze daarna gemakkelijker kunnen instromen bij een taalles van een taalschool. Tijdens de les worden ze verdeeld in groepjes. Masjenka: ‘Taalvrijwilliger Eva en ik doen samen een vast groepje van vier deelnemers. Het is fijn dat je het samen met een andere taalvrijwilliger doet. Zo kun je elkaar helpen. Je merkt dat een vast groepje deelnemers ook goed werkt. Je leert elkaar beter kennen, waardoor de deelnemers zich beter op hun gemak voelen. Ze helpen ook elkaar en dat is fijn, want niet iedereen heeft hetzelfde niveau binnen de groep. De ene kan bijvoorbeeld redelijk goed Engels, terwijl een ander alleen Oekraïens spreekt. Er is zelfs iemand die moeite heeft met lezen en schrijven, dus dan is het heel fijn als ze ook elkaar kunnen helpen in hun eigen taal. Komen we er toch niet uit, dan hebben we gelukkig nog de vertaalapp.’ Menukaart Gisteren had Masjenka de menukaart van Oranje Buiten meegenomen. ‘We hebben de verschillende koffies, theetjes en gebak geoefend. En ook gelijk maar de snacks zoals bitterballen en frikandellen, voor het geval we daar nog tijd voor hebben.’ Elke les is er weer een ander onderwerp. Taalvrijwilliger Anneke: ‘We hebben inmiddels de tijd en de verschillende kleuren behandeld, maar ook wat je kunt vinden in de keuken en alles wat komt kijken bij een bezoek aan de dokter.’ Masjenka vult aan: ‘Iemand van de groep voelde zich laatst niet goed en moest naar de dokter, dus toen hebben we het lied ‘Dokter Bernard’ van Bonnie St. Claire gezongen. Zo leren ze niet alleen al zingend de Nederlandse taal, maar maken we er ook een gezellige les van!’ Fietsles Dat het ook buiten de les gezellig is, bewijst deze middag. Er wordt volop gekletst en Nederlands geoefend. Nica laat weten het leuk te vinden zoveel mogelijk van Nederland en vooral Hoorn te willen leren. ‘Ik ben naar Open Monumentendag geweest en het Westfries Museum. Ik hou heel veel van kunst- en cultuur.’ Op de vraag wat de deelnemers nog willen leren, reageert Nica als eerste: ‘Fietsen! In Oekraïne heb je nauwelijks fietspaden en verkeersregels, dus fietsles zou heel goed zijn.’ Ook Tanja ziet fietsles wel zitten: ‘Ik ben met de fiets naar Oranje Buiten gekomen, maar het fietsen was wel 30 jaar geleden! Daarom was ik ook een beetje laat; ik fiets nog niet zo goed.’ Dankbaar De redenen voor de taalvrijwilligers om deze groep mensen te helpen met de Nederlandse taal zijn divers. Eva: ‘Mijn zoontje is dyslectisch, dus ik weet hoe moeilijk het is als je moeite hebt met de Nederlandse taal. Vooral voor deze groep mensen is het extra moeilijk. Ze hebben hun land moeten verlaten en dan begrijpen ze ook nog eens niets van het Nederlands. En Nederlands is ook nog eens moeilijk! Ik help ze daarom heel graag.’ Masjenka; ‘Tot twee jaar geleden had ik een drukke baan. Ik wilde dat niet meer en ben sindsdien mijn man Arnoud gaan helpen in de zaak. Ik heb nu meer vrije tijd en wilde vrijwilligerswerk erbij doen. Toen kwam ik bij Vrijwilligerspunt terecht. Ik ben super dankbaar dat ik op deze voor mij eenvoudige manier kan helpen. Ze zijn allemaal zo lief!’ Die dankbaarheid is geheel wederzijds. En wanneer dan toch die bitterballen en frikadellen op tafel komen, spreekt Victoria haar dankbaarheid uit: ‘Wij willen jullie allemaal bedanken dat jullie de tijd nemen voor ons en ons willen helpen. Daar zijn we jullie echt heel dankbaar voor!’ Een mooie afsluiting van een gezellige en leerzame middag!
Lees meer

Jaap koppelt taalvrijwilligers aan deelnemers

Begonnen als mede-begeleider van het koffie-uurtje voor Nieuwe Nederlanders, ging Jaap Snijders al snel taalvrijwilligers en mensen met een behoefte aan taalondersteuning aan elkaar koppelen. Een fijne vrijwilligersklus waar hij samen met collega’s vrijwilligers en deelnemers begeleidt. ‘Ik ontmoet geweldige mensen en voer de mooiste gesprekken.’ Werken voor Taalhuis Westfriesland is relevant, vertelt Jaap. ‘Mensen leren beter Nederlands spreken, schrijven of lezen, en kunnen daardoor meedoen in de maatschappij. Ze kunnen kletsen met de buren, bellen met de woningbouwvereniging, dingen regelen met school, zwembad en autorijles. Kortom: ze komen uit hun isolement. Dat merkte ik al bij het koffie-uurtje, waarbij nieuwe Nederlanders kunnen aanschuiven. We gingen in gesprek over allerlei onderwerpen en soms konden we mensen begeleiden naar vrijwilligerswerk of een baan.’ Vinger aan de pols Jaap werd gevraagd om te werken bij de coördinatie van Taalhuis. Hij hield intakes met taalvrijwilligers, koppelde ze aan een deelnemer en hield vinger aan de pols bij de duo’s. ‘Na zes weken bellen we ze op, na een paar maanden nog een keer, en na een half jaar. Om te vragen of alles loopt zoals gedacht, of de klik goed is tussen vrijwilliger en de deelnemer. En soms zijn er vragen waar we bij kunnen helpen, want als Taalhuis kunnen we studiemateriaal regelen en andere praktische problemen oplossen.’ De klik zoeken, die juiste match vinden, dat is de sleutel tot succes. ‘We zoeken uit welke taalvrijwilliger bij welke deelnemer past. Soms is dat een uitdaging. Het gaat om mensen. Het gaat ons erom dat mensen hun Nederlands verbeteren, dus houden we rekening met wensen en voorkeuren van betrokkenen. En als de klik er niet is, dan gaan we gewoon verder zoeken, net zolang tot we een match hebben die wél helemaal past.’ Yes-gevoel En dat betekent: praten, praten, praten. ‘De mooiste gesprekken heb ik gevoerd. Om mensen goed te kunnen matchen, moeten ze wel een beetje met de billen bloot. Waar komen ze vandaan, wat is hun achtergrond? Een beetje mensenkennis en levenservaring helpt daar wel bij. Iedereen heeft z’n eigen verhaal en het is fijn dat ik de tijd heb om naar ze te luisteren. Een intake duurt officieel een half uur, maar vaak praten we langer. Opleiding, achtergrond, motivatie, maar ook persoonlijke zaken zoals hobby’s en sociale vaardigheden; het komt allemaal aan de orde. Vaak genoeg kom ik terug van zo’n gesprek met een echt yes-gevoel. Mensen kunnen je zo verrassen: kandidaten van twintig tot tachtig-plus en allemaal vol levenslust, dat het me aansteekt. Deelnemers die verschrikkelijk hard hun best doen om hun plek te vinden. Vluchtelingen met een gruwelijke geschiedenis, mensen die heel anders zijn dan je op het eerste gezicht zou zeggen. Dat maakt allemaal indruk op me. Vaak merk ik dat mijn eerste aanname over iemand niet klopt, dat mensen me echt kunnen verrassen.’ Petje af De afgelopen maanden was het flink aanpoten voor de vrijwilligers van Taalhuis, want een grote groep Oekraïeners in Noord-Holland wil Nederlands leren. ‘Dan moet je gaan nadenken: wie kan de lessen geven, waar is plek, wanneer komt het goed uit? Samen met de collega’s van Taalhuis gingen we aan de slag. Het was een hele klus. We komen nu in rustiger vaarwater, alles lijkt lekker te lopen.’ En dat allemaal mede dankzij de vrijwilligers. ‘Ik ben diep onder de indruk van de drive van onze vrijwilligers. Dat is echt bewonderenswaardig. Petje af!’ Opvolger gezocht Jaap stopt, hij gaat verhuizen. Vrijwilligerspunt zoekt hard naar een opvolger, en natuurlijk naar nieuwe taalvrijwilligers. Jaap wil iedereen oproepen om mee te doen: ‘Soms denken mensen dat ze het niet kunnen, omdat ze niet sterk zijn in spelling of grammatica, of omdat ze geen onderwijs-achtergrond hebben. Ik ben ook geen leraar, dat maakt niks uit. Als je taalgevoel hebt, flexibel bent en een goed gevoel voor humor hebt, dan ben je geschikt voor dit werk. Elke vrijwilliger krijgt een training van drie dagdelen, waarin je alles leert wat je nodig hebt om aan de slag te gaan. Bovendien zie ik vaak competenties en capaciteiten die mensen niet bij zichzelf vermoeden, het is mooi als ze dat ontdekken door het vrijwilligerswerk.’ Lijkt het je leuk om net als Jaap als aanspreekpunt de vrijwilligers te begeleiden? Om intakegesprekken te houden, via mail contact te houden en alle gegevens in het systeem up to date te houden? Dan is deze vrijwilligersvacature wat voor jou. We zoeken een medewerker Taalhuis voor 8 uur in de week. Zie hier de vacature voor meer info
Lees meer

Irma leest Dikkie Dik en Pluk voor

Dummie de Mummie, Pluk van de Petteflet of Dikkie Dik; Irma Klaver wekt ze allemaal tot leven tijdens het voorlezen. Dus toen ze een paar jaar geleden zag dat Vrijwilligerspunt voorlezers zocht voor het project SamenVoorlezen, wist ze meteen: dat is echt wat voor mij. ‘Mijn laatste voorleeskindje wilde niet dat het voorlezen stopte, hij hing aan m’n benen en ik mocht niet naar huis.’ Kinderen met een taalachterstand krijgen twintig weken lang elke week een vrijwilliger over de vloer, die een uurtje met ze gaat lezen. Voorlezen helpt om de woordenschat te vergroten en de taalbeheersing te verbeteren, blijkt namelijk. Irma Klaver uit Bovenkarspel is een van die vrijwilligers. ‘In de bibliotheek zag ik een poster van dit initiatief. Ik ben gek op voorlezen, onze eigen kinderen lees ik al voor vanaf het moment dat ze rechtop kunnen zitten en ik heb ook op de lagere school regelmatig voorgelezen. Dus ik heb me meteen aangemeld. Omdat ik al wat ervaring heb als voorlezer, kon ik de training overslaan. Daar leren deelnemers hoe je een boekje leuk kunt voorlezen en op welke manier je in gesprek gaat met het voorleeskind.’ Stapeltje boeken Met een stapeltje kinderboeken onder de arm ging Irma naar haar eerste gezin. Inmiddels heeft ze twee gezinnen gehad, en bij elk gezin heeft ze twee kinderen voorgelezen. ‘Ik werd telkens teruggevraagd, dat zegt wel wat. Bij het laatste gezin las ik Szymon voor, eerder had ik zijn oudere zusje voorgelezen.’ Anna, de moeder van Szymon, betrok ze er ook bij. ‘Natuurlijk luistert zij ook mee als er wordt voorgelezen, daar is altijd een van de ouders bij. En Szymon was nog maar 2,5 jaar toen we begonnen. Het heeft Anna geïnspireerd om zich op te geven voor een Taalmaatje, zodat ze nog sneller Nederlands leert naast haar normale Nederlandse les.’ Dikkie Dik is een hit Irma weet precies welke voorleesboeken goed scoren bij kinderen. ‘Dikkie Dik blijft een klassieker. Ik ken het nog van Sesamstraat uit mijn jeugd en ik heb het voorgelezen aan mijn eigen kinderen, die inmiddels al naar de middelbare school gaan. En nog steeds is Dikkie Dik een hit! Ook Pluk van de Petteflat valt altijd goed. Het is dan ook een mooi verhaal, over zorgzaamheid en vriendschap. Het wordt ook op de lagere school veel voorgelezen. En Dummie de Mummie is mijn favoriet. Ik kan ‘m goed nadoen. Dummie is op zijn eigen manier hartstikke stoer en kinderen vinden het hele leuke verhalen.’ Het is Irma zelfs gelukt om een boek zonder tekst voor te lezen en een encyclopedie! ‘Dan moet je gewoon zelf veel verzinnen. Maar dat is juist leuk: je gaat met het kind in gesprek over wat er allemaal op de plaatjes te zien is. Op die manier betrek je het kind bij het verhaal. En die encyclopedie was heel fijn, veel plaatjes waar we over konden praten, zodat we aan de woordenschat konden werken.’ Olifant? Nee, muis! Heeft het effect, dat voorlezen? Nou en of. ‘In het begin sprak Szymon me vooral na, maar na een tijdje ging hij zelf babbelen’, zegt Irma. ‘De laatste keer dat we samen gingen lezen, had hij een boekje over de boerderij uitgezocht. Ik wees op een beestje en zei: kijk, die heeft grote oren en een grijze kleur, dus dat is een olifant. Hij verbeterde me meteen: nee, dat is een muis! Dan blijkt: hij begrijpt wat ik zeg, kan zelf zinnetjes maken en uitleggen waarom hij het niet met me eens is. Hij is enorm vooruitgegaan in die twintig weken. Daar heeft hij vast veel plezier van als hij straks naar school gaat.’ Niet meer weg Szymon heeft nu z’n voorleesdiploma gehaald. ‘Na onze laatste afspraak hing hij aan m’n benen, ik mocht eigenlijk niet weg. Dat bewijst maar: zo gezellig is samen voorlezen.’ Voorlezen is ideaal vrijwilligerswerk, vertelt Irma. ‘Je kijkt even binnen in een ander gezin, in een andere cultuur en een andere wereld. Dat is bijzonder. Het gaat maar om een uurtje per week, maar in die tijd maak je een groot verschil. Het is gewoon ontzettend fijn om iets voor iemand anders te kunnen betekenen.’ Lees hier meer over voorlezer worden bij SamenVoorlezen.
Lees meer